In 2016 waren er voor het eerst evenveel vijftigers als dertigers aan het werk in het Vlaams Gewest. De 50- tot 59-jarigen strandden met 699 700 werkenden op een zucht van de kaap van 700 000, nog slechts een fractie minder dan de 702 400 werkende 30- tot 39-jarigen.
Met deze pariteit is een lange inhaalbeweging afgerond. In 1996 waren er amper 37,8 werkende vijftigers voor elke 100 werkende dertigers (295 900 versus 782 800 werkenden). In 2002 steeg deze ratio v
oor het eerst boven de vijftig, met 391 800 werkende vijftigers en 781 900 werkende dertigers. Vorig jaar was de kloof nagenoeg gedicht, met een verhouding van 99,6 werkende vijftigers per 100 werkende dertigers.
Aantal werkende 50'ers | Steunpunt Werk
oor het eerst boven de vijftig, met 391 800 werkende vijftigers en 781 900 werkende dertigers. Vorig jaar was de kloof nagenoeg gedicht, met een verhouding van 99,6 werkende vijftigers per 100 werkende dertigers.
Aantal werkende 50'ers | Steunpunt Werk