Het oorlogspensioenen en de Duitse fiscus komt nu ook de Commissie Financiën. Meerdere vragen hieromtrent werden gesteld aan de Minister van Financiën.
mevrouw Karolien Grosemans aan de vice-eersteminister en minister van Financiën en Duurzame Ontwikkeling, belast met Ambtenarenzaken, over "de oorlogspensioenen van dwangarbeiders in Duitsland" (nr. 8646)
- mevrouw Karolien Grosemans aan de vice-eersteminister en minister van Pensioenen over "de oorlogspensioenen van dwangarbeiders in Duitsland" (nr. 8647)
Posts tonen met het label de kamer. Alle posts tonen
Posts tonen met het label de kamer. Alle posts tonen
woensdag 25 januari 2012
dinsdag 20 december 2011
Kamer veegt voor eigen deur - Werkgroep moet pensioen parlementsleden hervormen
Politici van de meerderheid en oppositie gaan ermee akkoord om ook het pensioen van de parlementsleden snelte hervormen.
Parlementsleden hebben vandaag recht op een volledig pensioen na twintig jaar in het parlement. Over die voordelige regeling is al meermaals discussie gevoerd, maar voorlopig zonder concreet gevolg. Nu de politiek een ingrijpende pensioenhervorming doorvoert, waarbij werknemers pas na veertig jaar recht hebben op een volledig pensioen, beseffen de parlementsleden dat zij ook zelf een gebaar moeten stellen.
Vervolg
Parlementsleden hebben vandaag recht op een volledig pensioen na twintig jaar in het parlement. Over die voordelige regeling is al meermaals discussie gevoerd, maar voorlopig zonder concreet gevolg. Nu de politiek een ingrijpende pensioenhervorming doorvoert, waarbij werknemers pas na veertig jaar recht hebben op een volledig pensioen, beseffen de parlementsleden dat zij ook zelf een gebaar moeten stellen.
Vervolg
woensdag 5 oktober 2011
Pensioenen ambtenaren ondergeschikte besturen
Maandag ll. keurde de Kamercommissie Sociale Zaken unaniem het wetsontwerp goed dat voorziet in een duurzame financiering van de pensioenen van de ambtenaren ondergeschikte besturen. Maggie : “Ik heb in het verleden de minister van Pensioenen regelmatig gewezen op de problematiek van de betaalbaarheid van de pensioenen van de vastbenoemde ambtenaren.
Tot nu toe heeft men dat proberen op te lossen door de bijdragepercentages te verhogen en door de reserves aan te spreken, maar die laatste zijn natuurlijk niet onuitputtelijk. Daarom werd er een wetsontwerp in de Kamer neergelegd die voorziet in een duurzame oplossing voor de pensioenen van de ondergeschikte besturen. Het nieuwe financieringssysteem is gebaseerd op twee grote principes nl. solidariteit en responsabiliteit. Door de hervorming wordt ook vermeden dat er een jaarlijks tekort ontstaat.”
Klik hier voor het ontwerp
Klik hier voor reactie Stefaan Vercamer (CD&V)
Tot nu toe heeft men dat proberen op te lossen door de bijdragepercentages te verhogen en door de reserves aan te spreken, maar die laatste zijn natuurlijk niet onuitputtelijk. Daarom werd er een wetsontwerp in de Kamer neergelegd die voorziet in een duurzame oplossing voor de pensioenen van de ondergeschikte besturen. Het nieuwe financieringssysteem is gebaseerd op twee grote principes nl. solidariteit en responsabiliteit. Door de hervorming wordt ook vermeden dat er een jaarlijks tekort ontstaat.”
Klik hier voor het ontwerp
Klik hier voor reactie Stefaan Vercamer (CD&V)
dinsdag 14 juni 2011
Kamercommissie Sociale Zaken verlengt systeem pensioenbonus met één jaar
De Kamercommissie Sociale Zaken heeft dinsdagvoormiddag een wetsvoorstel van Sonja Becq (CD&V) goedgekeurd dat het systeem van de pensioenbonus verlengt tot eind 2013. De maatregel moet oudere werknemers aanmoedigen langer aan de slag te blijven.
De pensioenbonus werd ingevoerd naar aanleiding van het Generatiepact. Het is een financiële beloning voor werknemers en zelfstandigen die na hun 62ste of na 44 jaar carrière langer blijven werken. Per extra gewerkte dag krijgen ze 2,1648 euro (werknemers) of 156 euro per kwartaal (zelfstandigen) extra pensioen. Voor sommigen kan het pensioen op die manier 150 euro per maand extra opleveren.
Vervolg
Nieuw ! Pensiontalk Mobile (betaversie)
De pensioenbonus werd ingevoerd naar aanleiding van het Generatiepact. Het is een financiële beloning voor werknemers en zelfstandigen die na hun 62ste of na 44 jaar carrière langer blijven werken. Per extra gewerkte dag krijgen ze 2,1648 euro (werknemers) of 156 euro per kwartaal (zelfstandigen) extra pensioen. Voor sommigen kan het pensioen op die manier 150 euro per maand extra opleveren.
Vervolg
Nieuw ! Pensiontalk Mobile (betaversie)
vrijdag 29 april 2011
Commissie Sociale Zaken van de Kamer
Enkele aanbevelingen en suggesties van de Ombudsdienst Pensioenen werden op 27 april 2011 besproken in de commissie Sociale Zaken van de Kamer:
- de problematiek van de cumulatie van een overheidspensioen;
- de pensioenbonus;
- de inkomensgarantie voor ouderen.
vrijdag 1 april 2011
Vrijstellingen van verzekeringstaks voor Fondsen voor Bestaanszekerheid
De minister van Financiën antwoordt op vraag van mevrouw de volksvertegenwoordiger Meryame Kitir dat sectorale pensioenplannen die ingericht worden door een Fonds voor Bestaanszekerheid genieten van een vrijstelling van de jaarlijkse taks op de verzekeringsverrichtingen van 4,40%.
De Fondsen voor Bestaanszekerheid worden immers beschouwd als openbare instellingen die op basis van het Wetboek diverse rechten en taksen (artikel 176/2, 6°) zijn vrijgesteld van de jaarlijkse taks op de verzekeringsverrichtingen.
53K0023-Vrijstellingen van verzekeringstaks voor FBZ
De Fondsen voor Bestaanszekerheid worden immers beschouwd als openbare instellingen die op basis van het Wetboek diverse rechten en taksen (artikel 176/2, 6°) zijn vrijgesteld van de jaarlijkse taks op de verzekeringsverrichtingen.
53K0023-Vrijstellingen van verzekeringstaks voor FBZ
donderdag 20 januari 2011
Geen premietaksen bij een sectoraal pensioenplan
Op antwoord van mevrouw de volksvertegenwoordiger Meryame Kitir bevestigt de minister van Pensioenen de stelling dat een Fonds voor Bestaanszekerheid is erkend als een openbare instelling.
Op basis van die erkenning zijn er geen taksen van 4,4% op de bijdragen verschuldigd als het sectoraal pensioenplan wordt ingericht door het Fonds voor Bestaanszekerheid, en dit ongeacht of er een solidariteitsluik is voorzien.
Voor het bepalen van een standpunt ter zake en de te ondernemen stappen om een correcte toepassing van deze sociale stimuleringsmaatregel te garanderen, wordt verwezen naar de minister van Financiën.
Geen premietaksen bij een sectoraal pensioenplan
Op basis van die erkenning zijn er geen taksen van 4,4% op de bijdragen verschuldigd als het sectoraal pensioenplan wordt ingericht door het Fonds voor Bestaanszekerheid, en dit ongeacht of er een solidariteitsluik is voorzien.
Voor het bepalen van een standpunt ter zake en de te ondernemen stappen om een correcte toepassing van deze sociale stimuleringsmaatregel te garanderen, wordt verwezen naar de minister van Financiën.
Geen premietaksen bij een sectoraal pensioenplan
zondag 9 januari 2011
Sectorale pensioenplannen ingericht door een Fonds voor Bestaanszekerheid. - Premievrijstelling
Meryame Kitir stelde op 9 november 2010 een vraag aan de Minister van Pensioenen en Grote Steden omtrent Sectorale pensioenplannen ingericht door een Fonds voor Bestaanszekerheid. - Premievrijstelling.
(Schriftelijke vraag en antwoord nr : 0031 - Zittingsperiode : 53 )
Vraag
De Wet Aanvullende Pensioenen (WAP) of wet van 28 april 2003 betreffende de aanvullende pensioenen en het belastingstelsel van die pensioenen en van sommige aanvullende voordelen inzake sociale zekerheid, voorziet in een vrijstelling van de verzekeringstaks van 4,4% op de pensioenbijdragen voor zogenaamde "sociale pensioenplannen". Om van die vrijstelling te kunnen genieten moet een pensioenplan (zowel op bedrijfs- als op sectoraal niveau) aan enkele - strikte - voorwaarden voldoen: zo moet het bijvoorbeeld toegekend worden aan alle werknemers van het bedrijf (respectievelijk de sector), en moet het bepaalde solidariteitsprestaties voorzien, waaronder de financiering van de opbouw van de pensioentoezegging gedurende bepaalde periodes van inactiviteit, de vergoedingen van inkomstenverlies in bepaalde gevallen of de verhoging van lopende uitkeringen. Deze maatregel heeft dus een uitgesproken sociale doelstelling, met name de stimulering van sociale plannen. Naar verluidt zou de fiscale administratie echter alle sectorale pensioenplannen die ingericht worden door een Fonds voor Bestaanszekerheid de premievrijstelling toekennen, en dit ongeacht of ze voldoen aan de strikte sociale eisen in de WAP. Indien dat het geval zou zijn, zou via fiscale weg een belangrijke sociale stimulans ondergraven worden, vermits het voordeel dan niet meer resultaatgebonden is maar louter een kwestie wordt van juridische organisatie. Dat was destijds absoluut niet de bedoeling en kan ook nu niet de bedoeling zijn. (1) Wat is uw standpunt over deze gang van zaken? (2) Welke stappen overweegt u te ondernemen om de correcte toepassing van deze sociale stimuleringsmaatregel te garanderen?
Antwoord
Ik heb de eer het geacht lid te bevestigen dat ingeval een sectoraal pensioenplan, zonder een solidariteitsluik te voorzien, ingericht wordt door een Fonds voor Bestaanszekerheid er een vrijstelling is van de taks van 4,4% op de bijdragen. De bijdragen gestort door een Fonds voor Bestaanszekerheid zijn altijd vrijgesteld want het is op dat ogenblik gelijkgesteld met een openbare instelling en dit op basis van artikel 176/2, al.1, 6° van de code diverse rechten en taksen. Voor het bepalen van een standpunt ter zake en de te ondernemen stappen om een correcte toepassing van deze sociale stimuleringsmaatregel te garanderen heb ik de eer het geachte lid er op te wijzen dat dit tot de bevoegdheid behoort van de heer minister van Financiën (Vraag nr. 215 van 7 januari 2011).
(Schriftelijke vraag en antwoord nr : 0031 - Zittingsperiode : 53 )
Vraag
De Wet Aanvullende Pensioenen (WAP) of wet van 28 april 2003 betreffende de aanvullende pensioenen en het belastingstelsel van die pensioenen en van sommige aanvullende voordelen inzake sociale zekerheid, voorziet in een vrijstelling van de verzekeringstaks van 4,4% op de pensioenbijdragen voor zogenaamde "sociale pensioenplannen". Om van die vrijstelling te kunnen genieten moet een pensioenplan (zowel op bedrijfs- als op sectoraal niveau) aan enkele - strikte - voorwaarden voldoen: zo moet het bijvoorbeeld toegekend worden aan alle werknemers van het bedrijf (respectievelijk de sector), en moet het bepaalde solidariteitsprestaties voorzien, waaronder de financiering van de opbouw van de pensioentoezegging gedurende bepaalde periodes van inactiviteit, de vergoedingen van inkomstenverlies in bepaalde gevallen of de verhoging van lopende uitkeringen. Deze maatregel heeft dus een uitgesproken sociale doelstelling, met name de stimulering van sociale plannen. Naar verluidt zou de fiscale administratie echter alle sectorale pensioenplannen die ingericht worden door een Fonds voor Bestaanszekerheid de premievrijstelling toekennen, en dit ongeacht of ze voldoen aan de strikte sociale eisen in de WAP. Indien dat het geval zou zijn, zou via fiscale weg een belangrijke sociale stimulans ondergraven worden, vermits het voordeel dan niet meer resultaatgebonden is maar louter een kwestie wordt van juridische organisatie. Dat was destijds absoluut niet de bedoeling en kan ook nu niet de bedoeling zijn. (1) Wat is uw standpunt over deze gang van zaken? (2) Welke stappen overweegt u te ondernemen om de correcte toepassing van deze sociale stimuleringsmaatregel te garanderen?
Antwoord
Ik heb de eer het geacht lid te bevestigen dat ingeval een sectoraal pensioenplan, zonder een solidariteitsluik te voorzien, ingericht wordt door een Fonds voor Bestaanszekerheid er een vrijstelling is van de taks van 4,4% op de bijdragen. De bijdragen gestort door een Fonds voor Bestaanszekerheid zijn altijd vrijgesteld want het is op dat ogenblik gelijkgesteld met een openbare instelling en dit op basis van artikel 176/2, al.1, 6° van de code diverse rechten en taksen. Voor het bepalen van een standpunt ter zake en de te ondernemen stappen om een correcte toepassing van deze sociale stimuleringsmaatregel te garanderen heb ik de eer het geachte lid er op te wijzen dat dit tot de bevoegdheid behoort van de heer minister van Financiën (Vraag nr. 215 van 7 januari 2011).
dinsdag 14 december 2010
Meer werknemers met aanvullende pensioenen
Daerden baseert zich op cijfers van de Commissie voor het Bank-, Financie- en Assurantiewezen. In 2009 waren 2,2 miljoen werknemers aangesloten bij een groepsverzekering en 811.000 bij een instelling voor bedrijfspensioenvoorziening. In 2008 was dat respectievelijk 1,97 miljoen en 803.011 en in 2005 1,68 miljoen en 322.714. De sterke stijging vanaf 2008 is grotendeels het gevolg van de opname van de sectorale stelsels van bouw en metaal.
donderdag 15 april 2010
Vraag omtrent betaalbaarheid pensioenen (Open VLD)
Vraag Maggie De Block (Open VLD) 07/01/2010
Eén van de meest onheilspellende berichten van de afgelopen maanden is de verklaring van de minister van Pensioenen dat er tot 2015 geen probleem is met de betaling van de pensioenen. De vraag die elke burger zich dan stelt is dan in welke mate de pensioenen nog wel betaalbaar zijn na 2015. De minister heeft in zijn interview gesteld dat de uitgaven voor de pensioenen tegen 2050 stijgen met 4,1% van het bbp. Veel oplossingen kon de minister in het interview niet geven behalve het Zilverfonds, het toekomstfonds voor de sociale zekerheid en de reserves van de sociale zekerheid. Tegelijk bleek ook dat deze reserves niets betekenen ten opzichte van de pensioenuitgaven waar we voor staan.
Het regeerakkoord voorziet in een Nationale Pensioenconferentie. Bedoeling is daar na te denken over ons pensioenstelsel met drie werkgroepen die handelen over de eerste pijler, de aanvullende pensioenen en de plaats van de ouderen in de samenleving. Na een reeks hoorzittingen met allerlei organisaties had de voorganger van Minister Daerden een bijeenkomst op 24 september 2009 van de task force gepland. Op deze vergadering zou een document worden voorgelegd met een aantal vaststellingen die de basis zouden vormen voor de aanbevelingen die conform het regeerakkoord moeten gefinaliseerd zijn tegen het einde van dit jaar. U hebt die vergadering uitgesteld zonder een andere datum in het vooruitzicht te stellen. 1. De minister heeft verklaard dat er geen probleem is met de betaalbaarheid van de pensioenen tot 2015. Dat impliceert dat er wel een probleem is na 2015. Welke maatregelen overweegt u te nemen om die betaalbaarheid ook te garanderen na 2015? 2. De task force van de Nationale Pensioenconferentie zou op 24 september 2009 een document voorgelegd krijgen met vaststellingen op basis waarvan dan aanbevelingen zouden worden geformuleerd teneinde de pensioenreglementering aan te passen om de pensioenen in de toekomst veilig te stellen. U hebt die datum uitgesteld. a) Wanneer zal die vergadering plaatsvinden? b) Houdt u de timing van het regeerakkoord, dat stelt dat de formulering van de aanbevelingen moet gebeuren tegen het einde van dit jaar, aan?
Antwoord Minister Daerden 01/03/2010
In antwoord op de vraag van het geacht lid over de toekomst van de pensioenen na 2015 kan ik u enkel een paar persoonlijke denkpistes aanraden. Ik wil eraan herinneren dat de vergrijzing van de bevolking een van de voornaamste maatschappelijke transformaties inhoudt van de komende decennia. Dit demografisch verschijnsel en de gevolgen ervan voor de financiering van de pensioenen is al vele jaren gekend. In het licht van een kostenstijging door de vergrijzing heeft de wet van 5 september 2001 gezorgd voor een structuur die het mogelijk maakt om ons op deze uitdaging voor te bereiden. Gezien het begrotingstekort zou het nadelig zijn voor de Staat om een dotatie toe te kennen aan deze parastatale. De uiteindelijke opbrengst van de rentes zou namelijk lager zijn dan de kosten van de leningen die regering zou moeten aangaan om haar tekorten te dekken. Ik pleit ervoor om snel terug tot een budgettair evenwicht te komen en zo budgettaire marges te creëren die onze schuldenlast zouden moeten terugdringen om zo meer bepaald het hoofd te kunnen bieden aan de vergrijzingskost. Betekent dit dat we moeten stoppen dit fonds te gebruiken? Op dit punt denk ik dat we moeten beginnen nadenken over een jaarlijkse, structurele dotatie voor het vergrijzingsfonds. Met deze techniek kan het fonds systematisch gespijsd worden om zo gradueel in te spelen op de uitdaging van de stijgende pensioenkost. Moet er ook niet eens nagedacht worden over de werkgelegenheidsgraad van personen boven de 55 jaar, dat in ons land (in 2008: 34,5%) lager ligt dan het Europese gemiddelde (27 landen in 2008: 45,6%). Toch wacht ik liever het tussentijds verslag van de Nationale Pensioenconferentie af over pensioenen alvorens u een vollediger antwoord te geven. We moeten dus onze verantwoordelijkheden nemen zonder demagogisch tewerk te gaan en alle generaties verzekeren van een hoger levenscomfort dan dat van de voorgaande, zonder hierbij de houdbaarheid van ons pensioenstelsel uit het oog te verliezen. In antwoord op de vraag van het geachte lid over de stand van zaken van de Nationale Pensioenconferentie, kan ik u zeggen dat het tussentijds verslag van de Nationale Pensioenconferentie opgemaakt is. Het rapport werd overgedragen aan de leden van de "Task Force" die, zoals u weet, bestaat uit vertegenwoordigers van het kernkabinet, vertegenwoordigers van de betrokken sociale gesprekspartners en vertegenwoordigers van alle betrokken administraties, voor kennisname. Er zal binnenkort een vergadering georganiseerd en voorgezeten worden door de coördinator van de werkzaamheden van de Conferentie, dhr. Michel Jadot zodat deze "Task Force" haar opmerkingen en eventuele voorstellen tot aanpassing kan meedelen. Dit tussentijds rapport of "groenboek" dat een reeks vragen zal bevatten, gesteld zonder apriori en gebaseerd op de vaststellingen van de Werkgroepen van de Conferentie, zal vervolgens voorgelegd worden en vervolgens zal ik voorstellen aan de Voorzitters van de Kamer dat de gemeenschappelijke bevoegde commissies van de Senaat en de Kamer erover geïnformeerd worden. De "Task Force" zal over ongeveer twee maanden beschikken om zich over de gestelde vragen te buigen. Ik zal ook van deze gelegenheid gebruik maken om "rondetafelgesprekken" te organiseren, om de meningen van het publiek in te winnen, volgens nog te bepalen modaliteiten, zodat het kan deelnemen aan de discussie en suggesties doen of opmerkingen maken die de werkzaamheden van de "Task Force" mee zouden helpen bepalen. Aan het einde van dit proces hoop ik om vóór het einde van de eerste helft van 2010 een verslag van de conclusies ("witboek") te kunnen voorleggen aan de Regering. Dit "witboek" zal ook dienen als basis voor de discussie over het EU-voorzitterschap dat België op zich zal nemen in de loop van de tweede helft van 2010.
Eén van de meest onheilspellende berichten van de afgelopen maanden is de verklaring van de minister van Pensioenen dat er tot 2015 geen probleem is met de betaling van de pensioenen. De vraag die elke burger zich dan stelt is dan in welke mate de pensioenen nog wel betaalbaar zijn na 2015. De minister heeft in zijn interview gesteld dat de uitgaven voor de pensioenen tegen 2050 stijgen met 4,1% van het bbp. Veel oplossingen kon de minister in het interview niet geven behalve het Zilverfonds, het toekomstfonds voor de sociale zekerheid en de reserves van de sociale zekerheid. Tegelijk bleek ook dat deze reserves niets betekenen ten opzichte van de pensioenuitgaven waar we voor staan.
Het regeerakkoord voorziet in een Nationale Pensioenconferentie. Bedoeling is daar na te denken over ons pensioenstelsel met drie werkgroepen die handelen over de eerste pijler, de aanvullende pensioenen en de plaats van de ouderen in de samenleving. Na een reeks hoorzittingen met allerlei organisaties had de voorganger van Minister Daerden een bijeenkomst op 24 september 2009 van de task force gepland. Op deze vergadering zou een document worden voorgelegd met een aantal vaststellingen die de basis zouden vormen voor de aanbevelingen die conform het regeerakkoord moeten gefinaliseerd zijn tegen het einde van dit jaar. U hebt die vergadering uitgesteld zonder een andere datum in het vooruitzicht te stellen. 1. De minister heeft verklaard dat er geen probleem is met de betaalbaarheid van de pensioenen tot 2015. Dat impliceert dat er wel een probleem is na 2015. Welke maatregelen overweegt u te nemen om die betaalbaarheid ook te garanderen na 2015? 2. De task force van de Nationale Pensioenconferentie zou op 24 september 2009 een document voorgelegd krijgen met vaststellingen op basis waarvan dan aanbevelingen zouden worden geformuleerd teneinde de pensioenreglementering aan te passen om de pensioenen in de toekomst veilig te stellen. U hebt die datum uitgesteld. a) Wanneer zal die vergadering plaatsvinden? b) Houdt u de timing van het regeerakkoord, dat stelt dat de formulering van de aanbevelingen moet gebeuren tegen het einde van dit jaar, aan?
Antwoord Minister Daerden 01/03/2010
In antwoord op de vraag van het geacht lid over de toekomst van de pensioenen na 2015 kan ik u enkel een paar persoonlijke denkpistes aanraden. Ik wil eraan herinneren dat de vergrijzing van de bevolking een van de voornaamste maatschappelijke transformaties inhoudt van de komende decennia. Dit demografisch verschijnsel en de gevolgen ervan voor de financiering van de pensioenen is al vele jaren gekend. In het licht van een kostenstijging door de vergrijzing heeft de wet van 5 september 2001 gezorgd voor een structuur die het mogelijk maakt om ons op deze uitdaging voor te bereiden. Gezien het begrotingstekort zou het nadelig zijn voor de Staat om een dotatie toe te kennen aan deze parastatale. De uiteindelijke opbrengst van de rentes zou namelijk lager zijn dan de kosten van de leningen die regering zou moeten aangaan om haar tekorten te dekken. Ik pleit ervoor om snel terug tot een budgettair evenwicht te komen en zo budgettaire marges te creëren die onze schuldenlast zouden moeten terugdringen om zo meer bepaald het hoofd te kunnen bieden aan de vergrijzingskost. Betekent dit dat we moeten stoppen dit fonds te gebruiken? Op dit punt denk ik dat we moeten beginnen nadenken over een jaarlijkse, structurele dotatie voor het vergrijzingsfonds. Met deze techniek kan het fonds systematisch gespijsd worden om zo gradueel in te spelen op de uitdaging van de stijgende pensioenkost. Moet er ook niet eens nagedacht worden over de werkgelegenheidsgraad van personen boven de 55 jaar, dat in ons land (in 2008: 34,5%) lager ligt dan het Europese gemiddelde (27 landen in 2008: 45,6%). Toch wacht ik liever het tussentijds verslag van de Nationale Pensioenconferentie af over pensioenen alvorens u een vollediger antwoord te geven. We moeten dus onze verantwoordelijkheden nemen zonder demagogisch tewerk te gaan en alle generaties verzekeren van een hoger levenscomfort dan dat van de voorgaande, zonder hierbij de houdbaarheid van ons pensioenstelsel uit het oog te verliezen. In antwoord op de vraag van het geachte lid over de stand van zaken van de Nationale Pensioenconferentie, kan ik u zeggen dat het tussentijds verslag van de Nationale Pensioenconferentie opgemaakt is. Het rapport werd overgedragen aan de leden van de "Task Force" die, zoals u weet, bestaat uit vertegenwoordigers van het kernkabinet, vertegenwoordigers van de betrokken sociale gesprekspartners en vertegenwoordigers van alle betrokken administraties, voor kennisname. Er zal binnenkort een vergadering georganiseerd en voorgezeten worden door de coördinator van de werkzaamheden van de Conferentie, dhr. Michel Jadot zodat deze "Task Force" haar opmerkingen en eventuele voorstellen tot aanpassing kan meedelen. Dit tussentijds rapport of "groenboek" dat een reeks vragen zal bevatten, gesteld zonder apriori en gebaseerd op de vaststellingen van de Werkgroepen van de Conferentie, zal vervolgens voorgelegd worden en vervolgens zal ik voorstellen aan de Voorzitters van de Kamer dat de gemeenschappelijke bevoegde commissies van de Senaat en de Kamer erover geïnformeerd worden. De "Task Force" zal over ongeveer twee maanden beschikken om zich over de gestelde vragen te buigen. Ik zal ook van deze gelegenheid gebruik maken om "rondetafelgesprekken" te organiseren, om de meningen van het publiek in te winnen, volgens nog te bepalen modaliteiten, zodat het kan deelnemen aan de discussie en suggesties doen of opmerkingen maken die de werkzaamheden van de "Task Force" mee zouden helpen bepalen. Aan het einde van dit proces hoop ik om vóór het einde van de eerste helft van 2010 een verslag van de conclusies ("witboek") te kunnen voorleggen aan de Regering. Dit "witboek" zal ook dienen als basis voor de discussie over het EU-voorzitterschap dat België op zich zal nemen in de loop van de tweede helft van 2010.
donderdag 18 maart 2010
Toekomst van de tweede pensioenpijler
Volksvertegenwoordiger Jean-Jacques Flahaux wijst de minister van Pensioenen op het feit dat 107 van de 205 Belgische pensioenfondsen in onderfinanciering zijn. Dit zou meer zijn dan het Europees gemiddelde.
De minister relativeert de vaststelling aangezien er zich geen liquiditeitstekort stelt bij de pensioenfondsen. Het is wel belangrijk dat de werkgevers in staat zijn om hun verplichtingen na te komen. De minister becommentarieert vervolgens de maatregelen en de opvolging van de CBFA.
De minister besluit dat de tweede pijler goed beveiligd en gereguleerd dient te worden. Hij kondigt bovendien een iniatief aan om dit tijdens het Belgisch voorzitterschap van de EU aan te kaarten.
Toekomst van de tweede pensioenpijler
De minister relativeert de vaststelling aangezien er zich geen liquiditeitstekort stelt bij de pensioenfondsen. Het is wel belangrijk dat de werkgevers in staat zijn om hun verplichtingen na te komen. De minister becommentarieert vervolgens de maatregelen en de opvolging van de CBFA.
De minister besluit dat de tweede pijler goed beveiligd en gereguleerd dient te worden. Hij kondigt bovendien een iniatief aan om dit tijdens het Belgisch voorzitterschap van de EU aan te kaarten.
Toekomst van de tweede pensioenpijler
Opbouw van de gegevensbank aanvullende pensioenen
ksvertegenwoordiger Dirk Van der Maelen vraagt aan de minister van Pensioenen hoever het concreet staat met de opbouw van de gegevensdatabank aanvullende pensioenen.
De minister stelt voorop dat de eerste aangiftes aan de databank in 2011 kunnen plaatsvinden. Deze aangiftes zullen betrekking hebben op gegevens van 2010.
Opbouw van de gegevensbank aanvullende pensioenen
De minister stelt voorop dat de eerste aangiftes aan de databank in 2011 kunnen plaatsvinden. Deze aangiftes zullen betrekking hebben op gegevens van 2010.
Opbouw van de gegevensbank aanvullende pensioenen
zondag 17 januari 2010
Pensioenen van de ambtenaren van de lokale besturen
De Minister van Pensioenen antwoordt op een vraag van volksvertegenwoordiger Ducarme over een mogelijk tekort van € 130M om de pensioenen van de gepensioneerde ambtenaren van de Belgische lokale overheden te betalen.
De Minister bevestigt dat de bijdragenvoet voor het pensioenstelsel van de nieuwe bij de RSZ PPO aangesloten besturen (= pool 2) stijgt met 2,5% tot 37% van de loonmassa. De effectieve pensioenlast zal in 2010 46% van de loonmassa bedragen (42% in 2009).
De Minister bereidt eveneens een wetsontwerp voor om de lasten billijker te spreiden tussen de verschillende lokale besturen. Besturen die niet langer bijdragen aan het systeem (lees, omdat ze niet langer statutair benoemen), dienen toch bij te dragen voor de pensioenlasten die zij vanuit een vroeger personeelsbestand voor vele jaren in de toekomst blijven veroorzaken.
De Minister bevestigt dat de bijdragenvoet voor het pensioenstelsel van de nieuwe bij de RSZ PPO aangesloten besturen (= pool 2) stijgt met 2,5% tot 37% van de loonmassa. De effectieve pensioenlast zal in 2010 46% van de loonmassa bedragen (42% in 2009).
De Minister bereidt eveneens een wetsontwerp voor om de lasten billijker te spreiden tussen de verschillende lokale besturen. Besturen die niet langer bijdragen aan het systeem (lees, omdat ze niet langer statutair benoemen), dienen toch bij te dragen voor de pensioenlasten die zij vanuit een vroeger personeelsbestand voor vele jaren in de toekomst blijven veroorzaken.
woensdag 9 december 2009
Beleidsnota pensioenen gestemd
In de commissie Sociale Zaken is men momenteel volop bezig met het bespreken van de verschillende beleidsnota’s. Over de nota voor pensioenen is alvast gestemd.
Beleidsnota Pensioenen Dec 2009
Beleidsnota Pensioenen Dec 2009
vrijdag 3 juli 2009
COMMISSIE VOOR DE SOCIALE ZAKEN 1 juli 2009
Vraag van mevrouw Sonja Becq aan de minister van Maatschappelijke Integratie, Pensioenen en Grote Steden over "de discriminatie ten aanzien van feitelijk of uit de echt gescheiden echtgenoten inzake pensioenrechten in het kader van de verschillende pensioenstelsels" (nr. 13952)
Vraag van mevrouw Sonja Becq aan de minister van Maatschappelijke Integratie, Pensioenen en Grote Steden over "de toekenning van de voordeligste jaren in het kader van de eenheid van loopbaan" (nr. 14051)
Document
Vraag van mevrouw Sonja Becq aan de minister van Maatschappelijke Integratie, Pensioenen en Grote Steden over "de toekenning van de voordeligste jaren in het kader van de eenheid van loopbaan" (nr. 14051)
Document
woensdag 30 juli 2008
Ambtenaren krijgen bijna 2.000 euro pensioengeld
Dat antwoordde minister van Pensioenen Marie Arena (PS) aan Kamerlid Peter Logghe (VB). Bij de federale overheid kreeg men gemiddeld iets minder (1.854 euro), in het Nederlandstalig onderwijs iets meer (2.166 euro). De Duitstalige ambtenaren hebben gemiddeld het hoogste pensioen (3.019 euro), maar ze zijn maar met twee!
Gelijkschakeling
De Waalse ambtenaren van de lokale besturen (gemeenten, OCMW’s, provincies) hebben gemiddeld het laagste pensioen (1.362 euro), maar dat is nog altijd hoger dan het maximale pensioen van een alleenstaande uit de privésector.
Professoren zoals Roger Blanpain pleiten al jaren voor een gelijkschakeling van de statuten van arbeiders en bedienden. Het wordt tijd om ook de ambtenaren bij die gelijkschakeling te betrekken.
woensdag 12 maart 2008
Verslag Commissie voor de Sociale Zaken 11 maart 2008
Integratie over "de berekening van het militair anciënniteitspensioen" (nr. 2396)
Vraag van de heer Georges Gilkinet aan de minister van Pensioenen en Maatschappelijke
Integratie over "het regeringsakkoord over de afschaffing van de solidariteitsbijdrage" (nr. 2829)
Verslag Commissie voor de Sociale Zaken 11 maart 2008
woensdag 20 februari 2008
Commissie Sociale Zaken 19 februari 2008
Vraag van de heer Luk Van Biesen aan de minister van Pensioenen en Maatschappelijke Integratie over "de ongelijke behandeling van wettelijk samenwonenden en gehuwden inzake overlevingspensioen"
Vraag van de heer Georges Gilkinet aan de minister van Pensioenen en Maatschappelijke Integratie over "de toepassing van het akkoord van februari 2007 betreffende de pensioenbonus"
Vraag van de heer Wouter De Vriendt aan de minister van Pensioenen en Maatschappelijke Integratie over "de kwetsbaarheid van pensioenspaarders"
Verslag
vrijdag 15 februari 2008
Commissie Sociale Zaken 12 februari 2008
Integratie over "de berekening van het pensioen van de personen die als tewerkgestelde werklozen hebben gewerkt"
Vraag van de heer Michel Doomst aan de minister van Pensioenen en Maatschappelijke Integratie over "de briefwisseling van de dienst Ramingen van de Rijksdienst voor Pensioenen"
Vraag van mevrouw Valérie De Bue aan de minister van Pensioenen en Maatschappelijke
Integratie over "de situatie van weduwen die een overlevingspensioen met inkomsten uit een beroepsactiviteit cumuleren"
Vraag van de heer Stefaan Vercamer aan de minister van Pensioenen en Maatschappelijke
Integratie over "het Kringloopfonds"
Vraag van de heer Jean-Marc Delizée aan de minister van Pensioenen en Maatschappelijke Integratie over "de technische complexiteit van de jaarlijkse welvaartsbonus en van de aanpassing aan het welvaartspeil die sommige pensioengerechtigden genieten"
Verslag
woensdag 30 januari 2008
Commissie voor Sociale Zaken 29/1/2008
Interpellatie van de heer Koen Bultinck tot de minister van Pensioenen en Maatschappelijke Integratie over "het aanvullend pensioen voor contractuele ambtenaren" (nr. 19)
Vraag van mevrouw Martine De Maght aan de minister van Pensioenen en Maatschappelijke Integratie over "de spookpensioenen" (nr. 1720)
Beknopt Verslag
Abonneren op:
Reacties (Atom)
Jobaanbiedingen mogelijk dankzij :
Jobaanbiedingen mogelijk dankzij :
Jobaanbiedingen mogelijk dankzij :