Posts tonen met het label laga. Alle posts tonen
Posts tonen met het label laga. Alle posts tonen

donderdag 17 november 2011

Sociale zekerheidsovereenkomst tussen België en Argentinië

België en Argentinië hebben recent een sociale zekerheidsovereenkomst ondertekend die ter ratificatie werd ingediend. Deze overeenkomst zal belangrijke gevolgen hebben voor het sociaal zekerheidsstatuut van werknemers en zelfstandigen – onderworpen aan het Belgische of Argentijnse sociale zekerheidsstelsel – die zijn of zullen worden gelokaliseerd in of gedetacheerd naar Argentinië of België. De overeenkomst staat open voor alle nationaliteiten.

Met betrekking tot pensioenen en invaliditeitsuitkeringen zullen vergoedingen, verworven in het ene land, worden uitbetaald in het andere land in het geval de begunstigde niet langer woont in het land waar de betrokken toelagen opgebouwd werden.

Vervolg website Laga

Test-Aankoop: onafhankelijke expertise op uw maat. Ontdek ons welkomstaanbod en test 2 maand gratis en vrijblijvend!

dinsdag 2 november 2010

Korte opzeggingstermijn is toegestaan voor 65-jarige

Een bediende gaat niet “automatisch” op pensioen, u moet hem effectief ontslaan. Betekent dit dat u een bediende die 65 jaar zal worden en al lang bij u werkt, ruim van tevoren zijn opzegging moet geven? Toch niet. Voor deze specifieke situatie voorziet de Arbeidsovereenkomstenwet een uitzondering. Een opzeggingstermijn van zes maanden volstaat.

Meer

woensdag 27 oktober 2010

Korte opzeggingstermijnen voor pensioengerechtigde bedienden: discriminatie?

Artikel 83, § 1 van de Arbeidsovereenkomstenwet bepaalt dat een werkgever een bediende die de leeftijd van 65 jaar bereikt kan ontslaan met een opzeggingstermijn van zes maanden (indien de bediende 5 jaar anciënniteit heeft of meer). Dat is uiteraard heel wat minder dan de opzeggingstermijn die een oudere bediende normaal mag verwachten, zeker wanneer die lang bij dezelfde werkgever werkt.


http://www.laga.be/

Toch vindt het Grondwettelijk Hof (1) dat dit verschil in behandeling tussen "oudere" bedienden geen discriminatie is in de zin van de artikelen 10 en 11 van de Grondwet. Artikel 83, § 1 van de Arbeidsovereenkomstenwet mag immers niet los worden gezien van artikel 36 van dezelfde wet.

zondag 4 juli 2010

Gevolgen van de nieuwe EU-Verordening inzake sociale zekerheid op de aanvullende pensioenkapitalen

Wanneer een aanvullend pensioenkapitaal wordt uitbetaald in België, worden er twee parafiscale inhoudingen op verricht. Enerzijds gaat er een RIZIV-bijdrage van 3,55 % af, anderzijds is er een solidariteitsbijdrage van (meestal) 2 %. Deze twee inhoudingen blijken ook te gebeuren op uitbetalingen die Belgische groepsverzekeraars of Belgische pensioenfondsen doen aan mensen die in het buitenland wonen en niet aan de Belgische sociale zekerheid onderworpen zijn.

Niettemin moet binnen de Europese Unie sinds 1 mei 2010 rekening worden gehouden met een nieuwe ontwikkeling. Op die datum is immers de nieuwe Europese coördinatieverordening op de sociale zekerheid, de Verordening 883/2004, in werking getreden. Die bepaalt onder andere onder welke sociale zekerheid gepensioneerden vallen. Gepensioneerden vallen in de regel onder de sociale zekerheid van hun woonplaats. De Belgische sociale zekerheid is dan ook niet van toepassing op een gepensioneerde die in een andere lidstaat van de Europese Unie woont.

Vervolg

dinsdag 29 juni 2010

Aanvullende pensioenen bij detachering

Aanvullende pensioenplannen moeten in België voldoen aan de wet inzake aanvullende pensioenen van 28 april 2003 (de "WAP"). Deze wet is van "dwingend recht", wat betekent dat de pensioenplannen die in België van toepassing zijn, niet van de bepalingen van de WAP kunnen afwijken.

Wat nu in geval van detachering van werknemers naar België? De wet van 5 maart 2002 bepaalt immers strikt genomen dat de werknemers die naar België worden gedetacheerd onderworpen zijn aan bijna alle regels van dwingend (arbeids)recht. Een toepassing van deze wet zou tot gevolg hebben dat het pensioenplan van een gedetacheerde werknemer dient te voldoen aan de regels van de WAP.

Artikel 108 van de WAP voorziet echter dat werknemers die tijdelijk naar België gedetacheerd worden in de zin van de bepalingen van de Europese Verordening nr. 1408/71 (zgn. "inbounds"), uitgesloten zijn van het toepassingsgebied van de WAP. Dit betekent dat het aanvullend pensioenplan dat van toepassing is op de werknemers die vanuit een andere lidstaat van de Europese Economische Ruimte (EER) naar België gedetacheerd worden niet moet voldoen aan de regels van de WAP. Dit uiteraard voor zover aan de detacheringsregels van Verordening nr. 1408/71 is voldaan. Dit betekent in het bijzonder dat de werknemer over een E101-formulier beschikt. Naast de 27 lidstaten van de Europese Unie zijn Noorwegen, Ijsland en Liechtenstein lid van de EER.

Artikel 108 van de WAP betreft de omzetting van de Richtlijn(1) betreffende de bescherming van de rechten op aanvullend pensioen. Deze richtlijn voorziet uitdrukkelijk dat werknemers die tijdelijk in een andere lidstaat van de EER dan die van hun werkgever gaan werken, de financiering van hun initieel pensioenplan moeten kunnen blijven voortzetten gedurende de periode van de detachering. Dit wil zeggen dat ook werknemers die vanuit België tijdelijk naar een lidstaat van de EER worden gedetacheerd ("outbounds") verder aangesloten blijven bij de aanvullende pensioenregeling van hun Belgische werkgever.

Bovenstaande regeling blijft verder gelden nu de nieuwe Europese Verordening nr. 883/04 op 1 mei 2010 in werking is getreden. Immers, de nieuwe verordening bepaalt uitdrukkelijk dat elke verwijzing naar Verordening nr. 1408/71 moet worden gelezen als een verwijzing naar Verordening nr. 883/04. Bijgevolg moet de verwijzing naar de Verordening nr. 1408/71 in artikel 108 van de WAP eveneens gelezen worden als een verwijzing naar de Verordening nr. 883/04.

donderdag 24 december 2009

Programmawet december 2009

De belangrijkste maatregelen op sociaalrechtelijk vlak die het ontwerp van programmawet, dat op 25 november 2009 in de Kamer van Volksvertegenwoordigers is ingediend, zijn de volgende:

Werkgeversbijdragen op brugpensioenen en pseudo-brugpensioen: er zullen nieuwe werkgeversbijdragen gelden voor brugpensioenen en pseudo-brugpensioenen waarvan de opzegging betekend wordt na 15 oktober 2009 en waarbij het brugpensioen of het pseudo-brugpensioen ingaat ten vroegste op 1 april 2010. De werkgeversbijdrage is gelijk aan een percentage op het brutobedrag van de aanvullende vergoeding die de werkgever betaalt bovenop de sociale uitkering. De hoogte van de werkgeversbijdrage hangt af van de leeftijd waarop het brugpensioen of het pseudo-brugpensioen aanvangt. De tabel van de werkgeversbijdragen ziet er als volgt uit:

Aanvangsleeftijd - Werkgeversbijdrage:

50 of 51 jaar : 50 %

52, 53 of 54 jaar : 40 %

55, 56 of 57 jaar : 30 %

58 of 59 jaar : 20 %

60 jaar of ouder : 10 %


Bij koninklijk besluit kunnen de percentages van de werkgeversbijdragen op brugpensioenen verminderd worden voor ondernemingen die erkend zijn als onderneming in moeilijkheden of in herstructurering in de zin van het KB van 3 mei 2007 tot regeling van het conventioneel brugpensioen in het kader van het generatiepact.

Databank Aanvullende Pensioenen: de RSZ en RSZPPO zullen toegang krijgen tot de databank van de vzw SiGeDis (Sociale Individuele Gegevens – Données Individuelles Sociales) met gegevens m.b.t. alle aanvullende pensioenen voor Belgische werknemers en zelfstandigen. Hierdoor zou er beter moeten kunnen gecontroleerd worden of de bijzondere werkgeversbijdrage van 8,86 % effectief wordt betaald.

dinsdag 20 oktober 2009

De federale begroting 2010-2011 en zijn gevolgen voor het arbeidsrecht en sociale zekerheid

Vorige week bereikte de federale overheid een akkoord over de federale begroting 2010-2011. De huidige newsflash informeert u over de belangrijkste maatregelen in verband met het arbeidsrecht en sociale zekerheid die zullen worden genomen om de doelstellingen te bereiken die door de federale begroting 2010-2011 worden vastgesteld...

Werkgevers en werknemers

De werkgeversbijdragen in verband met de vergoedingen die in het kader van brugpensioenen en andere vormen van vervroegd pensioen (Canada Dry) worden betaald, zullen worden geharmoniseerd en verhoogd. De hoogte van de werkgeversbijdragen zal afhangen van de leeftijd van de werknemer op het ogenblik dat de werkgever het brugpensioen of het voordeel in het kader van andere vormen van vervroegd pensioen begint te betalen. De werkgeversbijdragen zullen gelijk zijn aan 50% (in plaats van 32,25%) wanneer de werknemer 52 jaar is of jonger wanneer het vervroegd pensioen ingaat. De werkgeversbijdragen zullen geleidelijk aan dalen in verhouding met de leeftijd van de werknemer wanneer het vervroegd pensioen ingaat. De werkgeversbijdragen zijn gelijk aan 10% wanneer de werknemer minstens 60 is op het ogenblik dat het vervroegd pensioen ingaat.

Nu kunnen werknemers die minstens 1 jaar anciënniteit binnen de onderneming hebben tijdskrediet opnemen. Deze termijn wordt verhoogd van 1 naar 2 jaar. Dit betekent dat voortaan slechts de werknemers die minstens 2 jaar anciënniteit binnen de onderneming hebben voor tijdskrediet in aanmerking kunnen komen. Tevens wordt de leeftijd om recht te hebben op een hogere vergoeding in het kader van tijdkrediet van 50 naar 51 jaar gebracht.

De werkgeversbijdragen met betrekking tot arbeidsongevallen zullen verhoogd worden tot 0,32% in plaats van 0,30%.

De tijdelijke maatregelen die werkgevers kunnen nemen om bedienden aan het werk te houden in plaats van hen te ontslaan (economische werkloosheid voor bedienden, crisistijdskrediet en tijdelijke collectieve arbeidsduurvermindering) zullen met 6 maanden worden verlengd. Deze maatregelen verstrijken dan ook niet op de voorziene datum van 31 december 2009, maar blijven van kracht tot 30 juni 2010, op voorwaarde dat de sociale partners een unaniem advies ten gunste van deze verlenging bereiken.

Het aanwerven van bepaalde jonge werknemers zal in 2010 en 2011 minder kosten aan de werkgever. De werkgevers zullen een subsidie tot 1.000,00 EUR per maand ontvangen gedurende een periode van 2 jaar wanneer zij een werknemer aanwerven die nog geen 26 jaar oud is, niet langer dan 6 maanden werkloos is en slechts een diploma van secundair onderwijs heeft. Geen socialezekerheidspremies dienen betaald te worden gedurende een periode van 2 jaar voor de tewerkstelling van een nieuwe werknemer die nog geen 19 jaar oud is en geen echte kwalificaties heeft.

Het aanwerven van nieuwe werknemers die minstens 45 jaar oud zijn, zal in 2010 en 2011 eveneens minder aan de werkgevers kosten. De werkgevers zullen een subsidie tot 1.000,00 EUR per maand ontvangen gedurende een periode van 2 jaar voor de aanwerving van een dergelijke werknemer.

De socialezekerheidspremies bovenop het minimumsalaris zullen van 16,09% worden verminderd tot 15% in 2010 en 13,5% in 2011.

Zelfstandigen

De zelfstandigen zullen zich vanaf de eerste dag van hun zelfstandige activiteit moeten aansluiten bij een sociaal verzekeringsfonds. Tot hiertoe hadden zij 90 dagen om een sociaal verzekeringsfonds te kiezen.

Het verschil tussen het minimum wettelijke pensioen voor de zelfstandigen en het minimum wettelijke pensioen voor werknemers zal met 50% worden verminderd in de komende twee jaar.
Jobaanbiedingen mogelijk dankzij :
Jobaanbiedingen mogelijk dankzij :
Jobaanbiedingen mogelijk dankzij :