Doorgaan naar hoofdcontent

Hoe wordt de rendementsgarantie in groepsverzekeringen berekend? | Delta Lloyd - Kapitale Vragen

Op werkgevers die voor hun personeel een groepsverzekering onderschrijven, rust een rendementsgarantie. Maar hoeveel bedraagt die precies en waarop is die van toepassing: op de premies of ook op de reserves? De rendementsgarantie houdt in dat de aangeslotenen bij een groepsverzekering recht hebben op een bepaald minimumrendement. In het verleden bedroeg de rendementsgarantie 3,25% op de werkgeversbijdragen en 3,75% op de werknemersbijdragen. Sinds 2016 geldt evenwel een nieuwe berekeningsmethode. Zo zal de rendementsgarantie elk jaar opnieuw bepaald worden en wordt rekening gehouden met de rendementen op de financiële markten. Daarbij geldt wel een minimum van 1,75% en een maximum van 3,75%. De vraag is nu of die rendementsgarantie enkel geldt voor de premies die tijdens dat jaar gestort worden, of ook voor de reserves uit het contract. Welnu, op dit vlak zijn er twee berekeningsmethoden mogelijk: een horizontale en een verticale methode.

Hoe wordt de rendementsgarantie in groepsverzekeringen berekend? | Delta Lloyd - Kapitale Vragen

Populaire posts van deze blog

Kosten vergrijzing wegen almaar zwaarder door: toekomstige regering wacht lastige taak om oplossing te vinden

Waar uitkeringen, gezondheidszorg of pensioenen vandaag ruim een vierde van onze gezamenlijk geproduceerde welvaart opeisen, zal dat tegen 2070 al een derde zijn. En dat is voor het overgrote deel te wijten aan de vergrijzing van onze bevolking. Dat blijkt uit het nieuwe jaarrapport van de Studiecommissie voor de Vergrijzing. En zo weten de regeringsonderhandelaars nog eens duidelijk wat hen te doen staat. Vervolg VRT Rapport Studiecommissie voor de Vergrijzing

Is het waar dat de jonge leraars 400 à 600 euro per maand minder pensioen zullen krijgen? - DeWereldMorgen.be

Steeds verder gaat de federale regering in de afbraak van het wettelijk pensioen, zowel voor de werknemers uit de privé als voor de ambtenaren. De uitstapleeftijd neemt toe en het pensioenbedrag neemt af. Ook de sector onderwijs deelt in de klappen. “Weinig sectoren zijn zo zwaar getroffen door de pensioenhervormingen als het onderwijs. Leerkrachten die aan het begin van hun loopbaan staan, zullen vijf tot acht jaar langer moeten werken en als alle geplande maatregelen uitgevoerd worden, zullen ze maar liefst 400 à 600 euro netto per maand minder pensioen krijgen”. Dat schrijven 25 delegees van zes Vlaamse en Franstalige onderwijsvakbonden in een Opinie/Carte Blanche die o.a. verscheen in “Le Vif” (4 december 2017) en op “De Wereld Morgen” (14 december). Zo begint ook een Petitie tegen de afbraak van het onderwijspensioen. Stemmen de hallucinante cijfers die in de Opinie en in de Petitie vermeld worden, met de werkelijkheid overeen? Is het waar dat de jonge leraars 400 à 600 eu...