sioneerde loopt dan minder het risico dat zijn kinderen later een deel van de rusthuisfactuur moeten betalen.
Het gros van de uitkeringen van de tweede pensioenpijler en alle uitkeringen van de derde pijler wordt bij de pensionering als een eenmalig kapitaal uitbetaald. Er is geen garantie dat daar nog iets van overblijft als er rusthuisfacturen moeten worden betaald. De overheid heeft bovendien geen zicht op de omvang van het resterende kapitaal. Ze kan dus niet afdwingen dat de voordelen van de aanvullende pen- sioenstelsels worden aangewend voor de betaling van rusthuisfacturen.
Dat zou anders zijn mocht er een verplichting gelden om een deel of het geheel van de aanvullende pensioenstelsels uit te betalen in een jaarlijkse lijfrente, zolang de begunstigde en eventueel zijn partner leven.
We mogen van de overheid niet alles verwachten: dat ze ons ondersteunt bij het verwerven van een eigen woning en bij het opbouwen van een aanvullend pensioen en dan nog een deel van onze rusthuisfactuur betaalt, zonder ons te dwingen daarvoor onze eigen woning en aanvullend pensioen aan te spreken.
Betaal de rusthuis-factuur met de eigen woning en het aanvullend pensioen. | De Tijd