Doorgaan naar hoofdcontent

Verslag aan het federale parlement: Brugpensioen bij herstructureringen

Ondernemingen erkend als onderneming in moeilijkheden of herstructurering, kunnen werknemers vervroegd op brugpensioen laten gaan. In zijn verslag aan het federale parlement onderzoekt het Rekenhof of deze erkenningsprocedure correct wordt toegepast en efficiënt wordt beheerd. Het Rekenhof stelt vast dat de regelgeving wordt nageleefd, maar door de gebrekkige kwaliteit ervan blijft er veel ruimte voor interpretatie. Om de procedure te optimaliseren, beveelt het Rekenhof aan de mogelijkheden van e-government beter te benutten. Daartoe moeten ook een duidelijk, coherent regelgevend kader en gestandaardiseerde procedures worden uitgewerkt en het aanvraagdossier vereenvoudigd. Naast efficiëntiewinst moet de informatisering leiden tot een betere communicatie en een grotere beschikbaarheid van belangrijke beleidsinformatie.


Ondernemingen die door de federale minister van Werk worden erkend als onderneming in moeilijkheden of herstructurering, kunnen meerdere afwijkingen verkrijgen op het conventionele brugpensioen. Zo kunnen ze worden vrijgesteld van de verplichting iemand anders in dienst te nemen, kan de opzeggingstermijn worden ingekort en kan de brugpensioenleeftijd worden verlaagd. Dit afwijkende stelsel maakte eind 2011 ongeveer een derde van het aantal brugpensioenen uit.

Het Rekenhof heeft onderzocht of de erkenningsprocedure om deze afwijkingen te verkrijgen, correct wordt toegepast en efficiënt wordt beheerd. Vooraleer dit te toetsen, ging het na of de regelgeving duidelijk, coherent en handhaafbaar is.

Het Rekenhof stelde vast dat waar de regelgeving aan deze criteria voldoet, de erkenning volgens de reglementaire criteria gebeurt. De regelgeving is echter op heel wat punten niet duidelijk, coherent en handhaafbaar. Daardoor is er ruimte voor interpretatie en bestaat het risico op een eerder welwillende invulling van de regels door de administratie. Bovendien blijken de criteria die in de praktijk worden toegepast, enigszins te verschillen van wat omschreven staat in het koninklijk besluit. De adviescommissie Brugpensioenen voegt regels toe en stelt bijkomende eisen aan de aanvraag tot erkenning. Omdat deze bijkomende regels en vereisten niet gepubliceerd zijn, is het geheel weinig transparant.

De erkenningsprocedure verloopt volledig op basis van papieren dossiers. Dit is weinig efficiënt. Bovendien is de betrouwbaarheid van de statistieken die op basis van de bijgehouden tabellen worden gegenereerd, niet gegarandeerd. Ook de communicatie naar de andere overheidsorganisaties die op de hoogte moeten zijn van de erkenningen (in het bijzonder de Rijksdienst voor Arbeidsvoorziening) verloopt inefficiënt en is niet foutenvrij.

Het Rekenhof heeft ook de volledigheid van de behandelde dossiers onderzocht. Van de documenten die bij een aanvraag moeten zitten, was echter een deel blijkbaar niet nodig om de dossiers te beoordelen. Bovendien is veel informatie al aanwezig binnen de overheid, wat de vraag doet rijzen of de administratie niet zelf die gegevens kan verkrijgen.

Tijdens de uitvoering van de audit was de informatisering van de procedures voor de behandeling van de erkenningsdossiers een project in uitvoering. De FOD Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg (WASO) verwacht dat het nieuwe ondersteunende informaticaprogramma heel wat van de hierboven geschetste problemen zal kunnen oplossen. Het Rekenhof beveelt de FOD WASO aan deze informatiseringsoperatie aan te grijpen om het volledige potentieel van e-government te benutten en er over te waken dat alvast de huidige verwachtingen worden waargemaakt.

ICT kan echter enkel succesvol in de bedrijfsvoering worden ingevoerd als er gestandaardiseerde procedures bestaan. Die uitwerken is dan ook een belangrijke aanbeveling. Dat zal op zijn beurt pas kunnen worden gerealiseerd als er een duidelijk en coherent regelgevend kader is.

Het Rekenhof beveelt de FOD WASO aan ook ten aanzien van de ondernemingen ICT in te schakelen met het oog op administratieve vereenvoudiging. De FOD moet hierbij onderzoeken welke informatie echt nodig is om een dossier te beoordelen. Vervolgens moet ze nagaan welke gegevens ze – liefst via een elektronisch platform - bij andere overheidsdiensten kan verkrijgen en welke documenten ze nog aan de ondernemingen moet vragen.

Voorts beveelt het Rekenhof de FOD WASO aan om de informatiedoorstroming naar de andere relevante overheidsdiensten efficiënter te organiseren.

Momenteel ontbreken een systematische inzameling en analyse van gegevens over de afwijkingen die aan die ondernemingen worden toegekend zodat er bijvoorbeeld weinig inzicht is in de kostprijs van het stelsel. Een doorgedreven informatisering zal waardevolle, vooralsnog onbestaande data opleveren. Het Rekenhof beveelt de FOD WASO, de minister en de sociale partners aan deze data aan te wenden om op een geïnformeerde manier een toekomstig beleid te ontwikkelen.

Het verslag Brugpensioen bij herstructureringen werd aan het federale parlement bezorgd. Het is samen met de samenvatting en dit persbericht terug te vinden op de website van het Rekenhof (www.rekenhof.be).





Populaire posts van deze blog

Kosten vergrijzing wegen almaar zwaarder door: toekomstige regering wacht lastige taak om oplossing te vinden

Waar uitkeringen, gezondheidszorg of pensioenen vandaag ruim een vierde van onze gezamenlijk geproduceerde welvaart opeisen, zal dat tegen 2070 al een derde zijn. En dat is voor het overgrote deel te wijten aan de vergrijzing van onze bevolking. Dat blijkt uit het nieuwe jaarrapport van de Studiecommissie voor de Vergrijzing. En zo weten de regeringsonderhandelaars nog eens duidelijk wat hen te doen staat. Vervolg VRT Rapport Studiecommissie voor de Vergrijzing

Is het waar dat de jonge leraars 400 à 600 euro per maand minder pensioen zullen krijgen? - DeWereldMorgen.be

Steeds verder gaat de federale regering in de afbraak van het wettelijk pensioen, zowel voor de werknemers uit de privé als voor de ambtenaren. De uitstapleeftijd neemt toe en het pensioenbedrag neemt af. Ook de sector onderwijs deelt in de klappen. “Weinig sectoren zijn zo zwaar getroffen door de pensioenhervormingen als het onderwijs. Leerkrachten die aan het begin van hun loopbaan staan, zullen vijf tot acht jaar langer moeten werken en als alle geplande maatregelen uitgevoerd worden, zullen ze maar liefst 400 à 600 euro netto per maand minder pensioen krijgen”. Dat schrijven 25 delegees van zes Vlaamse en Franstalige onderwijsvakbonden in een Opinie/Carte Blanche die o.a. verscheen in “Le Vif” (4 december 2017) en op “De Wereld Morgen” (14 december). Zo begint ook een Petitie tegen de afbraak van het onderwijspensioen. Stemmen de hallucinante cijfers die in de Opinie en in de Petitie vermeld worden, met de werkelijkheid overeen? Is het waar dat de jonge leraars 400 à 600 eu...