Doorgaan naar hoofdcontent

Invoering Wijninckx-bijdrage en gevolgen voor aangifte naar DB2P

De invoering van de nieuwe bijzondere socialezekerheidsbijdrage van 1,5% (ook wel Wijninckx-bijdrage) brengt voor de pensioeninstellingen nieuwe aangifteverplichtingen mee. Vanaf 2013 moet jaarlijks tegen ten laatste 30 juni een aangifte Premium worden meegedeeld.

Invoering Wijninckx-bijdrage

De programmawet van 22 juni 2012 (B.S. 26/06/2012) voert een bijzondere socialezekerheidsbijdrage van 1,5% in op bijdragen voor de opbouw van aanvullende pensioenen. De zogenaamde ‘Wijninckx-bijdrage’ wordt verder uitgewerkt in de programmawet van 27 december 2012 (B.S. 31/12/2012). De invoering gebeurt in twee fasen: van 1 januari 2012 tot 31 december 2015 is een overgangsregeling van toepassing die vanaf 1 januari 2016 wordt gevolgd door een definitieve regeling.

Vanaf 2012 (tijdens de overgangsregeling) zijn werkgevers - voor elke werknemer - en vennootschappen - voor elke zelfstandige bedrijfsleider - verplicht om een bijdrage van 1,5% te betalen als de premies voor het aanvullend pensioen van deze werknemer of zelfstandige bedrijfsleider een jaarlijkse (geïndexeerde) drempel van 30.000 euro overschrijden.

Vervolg



Populaire posts van deze blog

Kosten vergrijzing wegen almaar zwaarder door: toekomstige regering wacht lastige taak om oplossing te vinden

Waar uitkeringen, gezondheidszorg of pensioenen vandaag ruim een vierde van onze gezamenlijk geproduceerde welvaart opeisen, zal dat tegen 2070 al een derde zijn. En dat is voor het overgrote deel te wijten aan de vergrijzing van onze bevolking. Dat blijkt uit het nieuwe jaarrapport van de Studiecommissie voor de Vergrijzing. En zo weten de regeringsonderhandelaars nog eens duidelijk wat hen te doen staat. Vervolg VRT Rapport Studiecommissie voor de Vergrijzing

Is het waar dat de jonge leraars 400 à 600 euro per maand minder pensioen zullen krijgen? - DeWereldMorgen.be

Steeds verder gaat de federale regering in de afbraak van het wettelijk pensioen, zowel voor de werknemers uit de privé als voor de ambtenaren. De uitstapleeftijd neemt toe en het pensioenbedrag neemt af. Ook de sector onderwijs deelt in de klappen. “Weinig sectoren zijn zo zwaar getroffen door de pensioenhervormingen als het onderwijs. Leerkrachten die aan het begin van hun loopbaan staan, zullen vijf tot acht jaar langer moeten werken en als alle geplande maatregelen uitgevoerd worden, zullen ze maar liefst 400 à 600 euro netto per maand minder pensioen krijgen”. Dat schrijven 25 delegees van zes Vlaamse en Franstalige onderwijsvakbonden in een Opinie/Carte Blanche die o.a. verscheen in “Le Vif” (4 december 2017) en op “De Wereld Morgen” (14 december). Zo begint ook een Petitie tegen de afbraak van het onderwijspensioen. Stemmen de hallucinante cijfers die in de Opinie en in de Petitie vermeld worden, met de werkelijkheid overeen? Is het waar dat de jonge leraars 400 à 600 eu...