Doorgaan naar hoofdcontent

Spaans avontuur Apra mislukt

Zowat 5.000 Belgische en Spaanse klanten van Apra Leven zijn getroffen door de beslissing van de toezichthouder CBFA om de Antwerpse verzekeringsmaatschappij op te doeken. De CBFA kwam in actie omdat de problemen van de levensverzekeraar Apra, die grotendeels te maken lijken te hebben met de Spaanse hoofdaandeelhouder, onoverkomelijk bleken.

Apra Leven, dat bijna een kwarteeuw actief is, is de gewezen levensverzekeringsdochter van de vroegere groep Apra. In 2005 verwierf de Spaanse zakenman Juan Manuel Vila Llauger de controle over de firma. De 50-jarige Barcelonees, die officieel in Andorra verblijft, zette een Luxemburgse tussenvennootschap in om zo’n 96 procent van Apra Leven in handen te krijgen. De resterende aandelen zitten bij de verzekeraar Mensura.

Apra heeft in België 3.700 klanten. Zo’n 1.000 van hen hebben een groepsverzekering. Hun werkgever zal moeten opdraaien voor de tekorten. De overige 2.700 hebben tak 21-spaarverzekeringen. Bij gebrek aan een overnemer zullen zij worden vergoed met het geld dat overblijft bij Apra. Maar omdat dat niet volstaat, komt het Bijzonder Beschermingsfonds voor deposito’s en levensverzekeringen in actie. Zo goed als alle klanten zullen worden vergoed.

Vervolg in De Tijd.

Populaire posts van deze blog

Kosten vergrijzing wegen almaar zwaarder door: toekomstige regering wacht lastige taak om oplossing te vinden

Waar uitkeringen, gezondheidszorg of pensioenen vandaag ruim een vierde van onze gezamenlijk geproduceerde welvaart opeisen, zal dat tegen 2070 al een derde zijn. En dat is voor het overgrote deel te wijten aan de vergrijzing van onze bevolking. Dat blijkt uit het nieuwe jaarrapport van de Studiecommissie voor de Vergrijzing. En zo weten de regeringsonderhandelaars nog eens duidelijk wat hen te doen staat. Vervolg VRT Rapport Studiecommissie voor de Vergrijzing

Is het waar dat de jonge leraars 400 à 600 euro per maand minder pensioen zullen krijgen? - DeWereldMorgen.be

Steeds verder gaat de federale regering in de afbraak van het wettelijk pensioen, zowel voor de werknemers uit de privé als voor de ambtenaren. De uitstapleeftijd neemt toe en het pensioenbedrag neemt af. Ook de sector onderwijs deelt in de klappen. “Weinig sectoren zijn zo zwaar getroffen door de pensioenhervormingen als het onderwijs. Leerkrachten die aan het begin van hun loopbaan staan, zullen vijf tot acht jaar langer moeten werken en als alle geplande maatregelen uitgevoerd worden, zullen ze maar liefst 400 à 600 euro netto per maand minder pensioen krijgen”. Dat schrijven 25 delegees van zes Vlaamse en Franstalige onderwijsvakbonden in een Opinie/Carte Blanche die o.a. verscheen in “Le Vif” (4 december 2017) en op “De Wereld Morgen” (14 december). Zo begint ook een Petitie tegen de afbraak van het onderwijspensioen. Stemmen de hallucinante cijfers die in de Opinie en in de Petitie vermeld worden, met de werkelijkheid overeen? Is het waar dat de jonge leraars 400 à 600 eu...