Doorgaan naar hoofdcontent

Bijdragevoeten publieke ziekenhuizen aan RSZ-PPO

De betaalbaarheid van de ambtenarenpensioenen van ondergeschikte besturen via pool 1 en 2 staat zwaar onder druk. Jaarlijks dienen de bijdragepercentages ten laste van de openbar besturen te worden verhoogd en moet zwaar worden ingeteerd op de reserves.

 
Ook voor 2011 heeft dit scenario zich herhaald. Het bijdragepercentage voor pool 1 en 2 werd verhoogd tot respectievelijk 38,5% en 40%.

 
De betaalbaarheid voor de ondergeschikte besturen wordt meer en meer problematisch, ook voor de openbare ziekenhuizen die hieraan onderworpen zijn.


 
Voor 2011voorziet U in begrotingsfiches voor het mini-akkoord 2011 naar verluid in een verhoging van B4 van de ziekenhuisfinanciering (budget financiële middelen) in 7.589.358 euro. Evenwel koppelt U hieraan de voorwaarde dat de ziekenhuizen meer statutairen zouden benoemen. Dat is vaak in strijd met de politiek van de ziekenhuizen in het kader van hun concurrentiepositie met private ziekenhuizen beslist hebben niet langer statutair te benoemen.

 
De steeds wijzigende voorwaarden maken het voor ziekenhuizen zeer moeilijk om op lange termijn hun beleid vast te leggen.

 

 


 
Maggie De Block (Open VLD) stelde hieromtrent een parlementaire vraag :

 
Graag vernam ik van de minister :

 
  1. Betekent de voorwaarde dat openbare ziekenhuizen die geen personeelsleden meer vast benoemen, hun budget financiële middelen niet verhoogd krijgen met bovengenoemde tussenkomst ?
  2. Heeft de minister de ziekenhuizen die ingaan op deze voorwaarde een raming bezorgd over de toekomstige tussenkomsten in de pensioenbijdrage die zij voor hun statutairen verschuldigd zullen zijn aan de RSZ-PPO ? Ziekenhuizen moeten immers ook op financieel vlak een beleid naar de toekomst kunnen uittekenen. Daarbij past dat zij beschikken over de evolutie van de inkomsten en uitgaven vanwege en aan de overheid.
  3. Wat is voor de openbare ziekenhuizen de werkelijke kosten van de pensioenbijdrage voor hun statutairen voor 2011, opgesplitst in Vlaanderen, Wallonië en Brussel ? Wat is de evolutie van die uitgaven de eerste komende 10 jaar ?
  4. Werd dit initiatief overlegd met de minister van pensioenen ? en bij uitbreiding met de regering ?

Populaire posts van deze blog

Kosten vergrijzing wegen almaar zwaarder door: toekomstige regering wacht lastige taak om oplossing te vinden

Waar uitkeringen, gezondheidszorg of pensioenen vandaag ruim een vierde van onze gezamenlijk geproduceerde welvaart opeisen, zal dat tegen 2070 al een derde zijn. En dat is voor het overgrote deel te wijten aan de vergrijzing van onze bevolking. Dat blijkt uit het nieuwe jaarrapport van de Studiecommissie voor de Vergrijzing. En zo weten de regeringsonderhandelaars nog eens duidelijk wat hen te doen staat. Vervolg VRT Rapport Studiecommissie voor de Vergrijzing

Is het waar dat de jonge leraars 400 à 600 euro per maand minder pensioen zullen krijgen? - DeWereldMorgen.be

Steeds verder gaat de federale regering in de afbraak van het wettelijk pensioen, zowel voor de werknemers uit de privé als voor de ambtenaren. De uitstapleeftijd neemt toe en het pensioenbedrag neemt af. Ook de sector onderwijs deelt in de klappen. “Weinig sectoren zijn zo zwaar getroffen door de pensioenhervormingen als het onderwijs. Leerkrachten die aan het begin van hun loopbaan staan, zullen vijf tot acht jaar langer moeten werken en als alle geplande maatregelen uitgevoerd worden, zullen ze maar liefst 400 à 600 euro netto per maand minder pensioen krijgen”. Dat schrijven 25 delegees van zes Vlaamse en Franstalige onderwijsvakbonden in een Opinie/Carte Blanche die o.a. verscheen in “Le Vif” (4 december 2017) en op “De Wereld Morgen” (14 december). Zo begint ook een Petitie tegen de afbraak van het onderwijspensioen. Stemmen de hallucinante cijfers die in de Opinie en in de Petitie vermeld worden, met de werkelijkheid overeen? Is het waar dat de jonge leraars 400 à 600 eu...