Doorgaan naar hoofdcontent

Nederland: 'Pensioenspeeltje PPI wentelt beleggingsrisico af op werknemer'

Premie Pensioen Instelling, afgekort PPI, zo heet het nieuwe speeltje op de Nederlandse pensioenmarkt. Oorspronkelijk bedoeld als exportproduct – pensioenuitvoerders kunnen onder de vlag van een PPI in het buitenland werken – zal het in eigen land vooral gebruikt gaan worden door werkgevers die een goedkope pensioenregeling willen, en daarbij het beleggingsrisico op hun personeel afwentelen.


Peter Gortzak, pensioenexpert en bestuurder bij vakcentrale FNV, waarschuwt dat het nieuwe pensioenvehikel gebruikt kan worden om werknemers een pensioen op dagkoers mee te geven. Een beurscrisis krijgt zo een noodlottige uitwerking.

In pensioenland kabbelen twee stromingen. Het defined benefit -systeem (DB) gaat ervan uit dat werknemers samen de beleggingsrisico’s dragen en een gegarandeerd pensioen krijgen, gerelateerd aan hun salaris. Defined contribution (DC), ook beschikbare premieregeling genoemd, is in zijn pure vorm een individuele pensioenpot van een werknemer. De uiteindelijke opbrengst hangt af van het beleggingsrendement, gemeten op de dag van pensionering.

In Nederland schuiven we langzaam op van DB naar DC, middels allerlei tussenvarianten, zoals de PPI. Werkgevers willen naar een regeling waarbij ze niet gevraagd wordt om bij tegenslagen op de beurs bij te springen met een extra premiestorting.

Druk maakt Gortzak zich niet over de komst van de PPI. Los van de potentie als exportproduct is het oude wijn in nieuwe zakken, meent hij. „Verzekeraars bieden dit pensioensysteem al aan, waarbij de premie vaststaat, maar de uitkering niet.”

Deze bestaande regelingen kennen volgens Gortzak echter nog wel de solidariteit dat beleggingsverliezen samen worden gedragen en dat een werknemer bij pensionering niet op de laatste dagkoersen wordt afgerekend. Nadeel van een puur DC-systeem is dat als je net toevallig tijdens een beurscrisis met pensioen gaat, een fors lager pensioen meekrijgt. Omdat er minder in de beleggingspot zit. Bij vrijwel alle Nederlandse regelingen wordt dit volgens Gortzak toch op een of andere manier aangevuld. „Maar dat dit ook bij een PPI gebeurt, daar ben ik niet gerust op. De precieze uitwerking is nog onduidelijk, maar het lijkt erop dat een gepensioneerde op de dagkoers wordt afgerekend.”

Veertig jaar sparen kan dan door een beurskrach in één klap teniet worden gedaan. „Om die reden denk ik niet dat de PPI erg populair zal worden.” Vakbonden zullen volgens Gortzak wel twee keer nadenken voordat ze met zo’n regeling in de cao akkoord gaan.

Populaire posts van deze blog

Kosten vergrijzing wegen almaar zwaarder door: toekomstige regering wacht lastige taak om oplossing te vinden

Waar uitkeringen, gezondheidszorg of pensioenen vandaag ruim een vierde van onze gezamenlijk geproduceerde welvaart opeisen, zal dat tegen 2070 al een derde zijn. En dat is voor het overgrote deel te wijten aan de vergrijzing van onze bevolking. Dat blijkt uit het nieuwe jaarrapport van de Studiecommissie voor de Vergrijzing. En zo weten de regeringsonderhandelaars nog eens duidelijk wat hen te doen staat. Vervolg VRT Rapport Studiecommissie voor de Vergrijzing

Gemiddelde pensioenleeftijd blijft steken op 63 jaar

De werkelijke gemiddelde pensioenleeftijd van de Belgen blijft liggen op 63 jaar en bijna 4 maanden, ondanks de ambities van de overheid om de Belg langer te laten werken. Dat stelt het hr-dienstenbedrijf Acerta op basis van gegevens van 260.000 werknemers. 'De cijfers tonen aan dat de Belg met vervroegd pensioen blijft gaa n zodra het kan. Om de reële pensioenleeftijd op te trekken kunnen bedrijven nog meer inzetten op landingsbanen en werkbaar en wendbaar werk', klinkt het. Vervolg