Doorgaan naar hoofdcontent

Pensioen Chili biedt stabiliteit

Het Chileense systeem is gebaseerd op individuele spaarrekeningen. Dat is op zich niks nieuws. Het aardige van het Chileense systeem is echter dat de werknemer niet voor lange tijd vast zit aan een bepaalde verzekeraar of pensioenfonds. De enige verplichting is om het pensioengeld onder te brengen bij een zelf gekozen pensioenbank. Momenteel kan iedere Chileense werknemer zelf kiezen tussen zes verschillende pensioenbanken. Die doen allemaal hun uiterste best om zo’n hoog mogelijk rendement te behalen. Dat moet ook wel, want als de beleggingsresultaten tegenvallen, kan zo worden overgestapt naar een concurrerende pensioenbank. Vier keer per jaar ontvangt elke werknemer van zijn pensioenbank een rekeningoverzicht met het laatste saldo, inclusief een verantwoording van de gemaakte kosten.

Tegen de tijd dat de werknemer met pensioen wil, gebruikt hij het saldo dat hij bij zijn pensioenbank heeft gespaard om een lijfrente aan te kopen bij een verzekeraar. Het spreekt voor zich dat de verzekeraar wordt gekozen die de hoogste uitkering geeft voor het opgebouwde saldo. Ook hier is dus weer sprake van vrijemarktwerking.

De resultaten van het Chileense systeem zijn opmerkelijk te noemen. In nog geen 30 jaar is een pensioenvermogen opgebouwd van $ 112 mrd, zo’n 85% van het bbp. Het rendement van het systeem sinds zijn introductie in 1981 bedraagt gemiddeld 9% per jaar, beduidend meer dan de verwachte 4% rentabiliteit waar wij nu mee werken.

En de risico’s dan? Die hebben de pensioenbanken collectief ondergebracht bij een verzekeringsmaatschappij. Hiermee richten de financiële instellingen zich uitsluitend op hun kernactiviteit: de (pensioen)banken beheren de pensioenspaarrekeningen, de verzekeraars dekken de risico’s af.
De marktwerking en de eenvoud van het Chileense systeem zorgen voor lage kosten en stabiliteit. Deze aanpak zou op termijn wel eens bestendiger kunnen zijn tegen toekomstige aardschokken dan het uitstorten van een lawine van wet- en regelgeving over de pensioenbranche.

Populaire posts van deze blog

Kosten vergrijzing wegen almaar zwaarder door: toekomstige regering wacht lastige taak om oplossing te vinden

Waar uitkeringen, gezondheidszorg of pensioenen vandaag ruim een vierde van onze gezamenlijk geproduceerde welvaart opeisen, zal dat tegen 2070 al een derde zijn. En dat is voor het overgrote deel te wijten aan de vergrijzing van onze bevolking. Dat blijkt uit het nieuwe jaarrapport van de Studiecommissie voor de Vergrijzing. En zo weten de regeringsonderhandelaars nog eens duidelijk wat hen te doen staat. Vervolg VRT Rapport Studiecommissie voor de Vergrijzing

Gemiddelde pensioenleeftijd blijft steken op 63 jaar

De werkelijke gemiddelde pensioenleeftijd van de Belgen blijft liggen op 63 jaar en bijna 4 maanden, ondanks de ambities van de overheid om de Belg langer te laten werken. Dat stelt het hr-dienstenbedrijf Acerta op basis van gegevens van 260.000 werknemers. 'De cijfers tonen aan dat de Belg met vervroegd pensioen blijft gaa n zodra het kan. Om de reële pensioenleeftijd op te trekken kunnen bedrijven nog meer inzetten op landingsbanen en werkbaar en wendbaar werk', klinkt het. Vervolg