Doorgaan naar hoofdcontent

Brugpensioen: geen herwaardering voor het jaar 2010

Geen herwaardering van het bedrag van de aanvullende vergoeding

Elk jaar, steevast op 1 januari, kán het bedrag van de aanvullende vergoeding in het kader van brugpensioen aan een herwaardering onderhevig zijn. In een perscommuniqué halfweg december kondigde de Nationale Arbeidsraad (NAR) evenwel aan geen herwaarderingscoëfficiënt te bepalen voor het jaar 2010, dit gelet op de uiterst zwakke ontwikkeling van de regelingslonen.

De brugpensioenen die vóór 1 januari 2010 een aanvang namen, zullen dus niet verhoogd worden.

Ergo ...

Geen verhoging van de loondrempels

Om de aanvullende vergoedingen voor een nieuw brugpensioen te berekenen, i.e. een brugpensioen dat ten vroegste op 1 januari 2010 ingaat, moet men met bepaalde parameters rekening houden, waaronder de drempel van het brutoloon van de refertemaand.

Gelet op de aankondiging van de Nationale Arbeidsraad, blijven deze drempels voor 2010 vastgepind op:

* 3.476,05 EUR voor het voltijds brugpensioen;

* 1.738,03 EUR voor het halftijds brugpensioen.

Ook de drempels die men dient te respecteren in het kader van de werknemersinhoudingen blijven onaangeroerd.

2011

Bij het vaststellen van de herwaarderingscoëfficiënt voor het jaar 2011 zal - logisch - wel rekening worden gehouden met de ontwikkeling van de regelingslonen tijdens de laatste twee jaren.

Populaire posts van deze blog

Kosten vergrijzing wegen almaar zwaarder door: toekomstige regering wacht lastige taak om oplossing te vinden

Waar uitkeringen, gezondheidszorg of pensioenen vandaag ruim een vierde van onze gezamenlijk geproduceerde welvaart opeisen, zal dat tegen 2070 al een derde zijn. En dat is voor het overgrote deel te wijten aan de vergrijzing van onze bevolking. Dat blijkt uit het nieuwe jaarrapport van de Studiecommissie voor de Vergrijzing. En zo weten de regeringsonderhandelaars nog eens duidelijk wat hen te doen staat. Vervolg VRT Rapport Studiecommissie voor de Vergrijzing

Gemiddelde pensioenleeftijd blijft steken op 63 jaar

De werkelijke gemiddelde pensioenleeftijd van de Belgen blijft liggen op 63 jaar en bijna 4 maanden, ondanks de ambities van de overheid om de Belg langer te laten werken. Dat stelt het hr-dienstenbedrijf Acerta op basis van gegevens van 260.000 werknemers. 'De cijfers tonen aan dat de Belg met vervroegd pensioen blijft gaa n zodra het kan. Om de reële pensioenleeftijd op te trekken kunnen bedrijven nog meer inzetten op landingsbanen en werkbaar en wendbaar werk', klinkt het. Vervolg