Doorgaan naar hoofdcontent

AFM: pensioenadvisering aan MKB moet veel beter

De advisering over pensioenverzekeringen in het MKB moet veel beter. Dit blijkt uit een steekproef van de Autoriteit Financiële Markten (AFM) naar advisering bij rechtstreeks verzekerde regelingen. De financieel dienstverleners die de MKB-ondernemers over dit complexe product adviseren blijken in het algemeen te weinig ervaring en kennis van dit soort producten te hebben. De AFM komt daarom vanaf vandaag met richtlijnen voor een kwalitatief goed pensioenadviestraject. Ook gaat de AFM vervolgonderzoek uitvoeren naar aanleiding van misstanden die nu zijn geconstateerd. Waar nodig zal de AFM ook handhavend optreden.
Naast het opstellen van richtlijnen voor een kwalitatief goede pensioenadviespraktijk pleit de AFM voor het verhogen van de deskundigheidseisen voor pensioenadvisering. Bij voorkeur door middel van een aparte product dienst combinatie Pensioenen in de Wft. De AFM verwacht dit najaar met uitgebreide uitkomsten van het onderzoek te komen.

Door slechte advisering kunnen werknemers in het MKB pensioenregelingen krijgen die niet voldoen aan de gewekte verwachtingen. Het gaat hierbij om advisering over de rechtstreeks verzekerde pensioenregelingen, dit zijn pensioenregelingen die rechtstreeks bij verzekeraars worden afgesloten. Deze adviezen vallen onder de adviesregels uit de Wet op het financieel toezicht (Wft). Bij de steekproef is geen onderzoek gedaan naar de bedrijfstakpensioenfondsen.

Pensioenregelingen zijn een arbeidsvoorwaarde die wordt afgesproken tussen werkgever en werknemer. De werkgever wordt bijgestaan door een (pensioen)adviseur. Zowel de werkgever als de werknemer is voor een goede regeling dus afhankelijk van goed advies aan de werkgever. Slecht advies leidt niet per sé tot een slechte regeling, maar maakt de kans daarop wel veel groter. Werknemers moeten hun Uniforme Pensioenoverzicht (UPO), dat zij jaarlijks ontvangen, zorgvuldig lezen om te bepalen of hun pensioen aan hun verwachtingen voldoet. Ze kunnen dan eventueel aanvullende maatregelen nemen.

De adviesleidraad van de AFM zal vanaf vandaag naar de adviseurs van rechtstreeks verzekerde pensioenregelingen worden gestuurd. De adviesleidraad bestaat uit richtlijnen over tien onderwerpen die deel zijn van het adviestraject. Ongeveer elke drie weken komt een nieuwe richtlijn beschikbaar. Pensioenadviseurs die de leidraad niet automatisch ontvangen en andere geïnteresseerden kunnen hem downloaden van de website van de AFM. Zie daarvoor de link aan de rechterkant van deze pagina. Met behulp van de leidraad wil de AFM de financieel dienstverleners informatie verstrekken die zij kunnen gebruiken bij de verbetering van de kwaliteit van hun pensioenadvisering en eventueel het doorvoeren van aanpassingen die op grond van de wet noodzakelijk zijn.

De steekproef heeft zich geconcentreerd op het advies dat wordt gegeven aan de werkgever. Daarbij is gekeken naar de volgende aspecten:

De mate waarin de werkgever een passend advies krijgt.
De informatie die gedurende het adviesproces aan de werkgever wordt verstrekt. Hierbij is van belang dat de werkgever onder andere wordt geïnformeerd over de premie(s), de kosten, de pensioenopbouw en de risico’s die de werknemers en de werkgever lopen. Er is bij deze analyse niet gekeken naar de hoogte van de kosten die door verzekeraars in rekening wordt gebracht.

Populaire posts van deze blog

Kosten vergrijzing wegen almaar zwaarder door: toekomstige regering wacht lastige taak om oplossing te vinden

Waar uitkeringen, gezondheidszorg of pensioenen vandaag ruim een vierde van onze gezamenlijk geproduceerde welvaart opeisen, zal dat tegen 2070 al een derde zijn. En dat is voor het overgrote deel te wijten aan de vergrijzing van onze bevolking. Dat blijkt uit het nieuwe jaarrapport van de Studiecommissie voor de Vergrijzing. En zo weten de regeringsonderhandelaars nog eens duidelijk wat hen te doen staat. Vervolg VRT Rapport Studiecommissie voor de Vergrijzing

Gemiddelde pensioenleeftijd blijft steken op 63 jaar

De werkelijke gemiddelde pensioenleeftijd van de Belgen blijft liggen op 63 jaar en bijna 4 maanden, ondanks de ambities van de overheid om de Belg langer te laten werken. Dat stelt het hr-dienstenbedrijf Acerta op basis van gegevens van 260.000 werknemers. 'De cijfers tonen aan dat de Belg met vervroegd pensioen blijft gaa n zodra het kan. Om de reële pensioenleeftijd op te trekken kunnen bedrijven nog meer inzetten op landingsbanen en werkbaar en wendbaar werk', klinkt het. Vervolg