Doorgaan naar hoofdcontent

Directies PGGM en APG zien af van bonus

De raden van bestuur van pensioenuitvoerders APG en PGGM zien af van hun bonussen over 2008. Dit hebben ze gedaan omdat hun klanten, pensioenfondsen zoals ABP en Zorg & Welzijn, de pensioenen niet konden verhogen om de inflatie bij te houden, en omdat deze fondsen enorme beleggingsverliezen hebben geleden.


Het hoofdkantoor van PGGM (ANP) De variabele beloning van de bestuursleden van de pensioenuitvoerders was over 2007 nog ongeveer 50 duizend euro per persoon. Dit is tussen de 10 en 20 procent van het vaste salaris van de bestuurders.

PGGM vindt een bonus voor de directie onder de huidige omstandigheden ‘niet gepast vanwege de achterblijvende resultaten’.

Lager
De bonussen van de pensioenbazen zijn een stuk lager dan die van bankiers. Zo kunnen bij PGGM en APG de prestatiebeloningen van de leden van de raad van bestuur nooit hoger zijn dan 25 procent van het jaarsalaris. Pensioenfondsen hebben zich als beleggers vaak kritisch uitgelaten over onduidelijke criteria voor bonussen bij beursgenoteerde bedrijven.

Volgens de criteria van APG hadden de bestuurders wel recht op een bonus. APG kijkt onder meer naar financiële prestaties, klanttevredenheid en kostenbeheersing. ‘Vanwege de problemen als gevolg van de kredietcrisis ziet het bestuur af van de bonusuitbetaling’, zegt Hans ten Brinke, woordvoerder van APG. ABP, het pensioenfonds voor ambtenaren en onderwijzers, verloor vorig jaar bijvoorbeeld 44 miljard euro.

Indexeren
De dekkingsgraad, de verhouding tussen het vermogen en de toekomstige verplichtingen, van vrijwel alle pensioenfondsen is vorig jaar scherp gedaald. Hierdoor kunnen ze de komende jaren de pensioenen niet indexeren. Ze moeten voor het eind van de maand bij De Nederlandsche Bank een herstelplan indienen waarin ze aangeven hoe ze de dekkingsgraad willen opkrikken. Sommige fondsen zullen de pensioenen moeten verlagen om de financiële buffers op peil te brengen.

Ook het personeel van de pensioenuitvoerders ziet het variabele deel van hun loon dalen. Gemiddeld is hun bonus gehalveerd vergeleken met 2007.

Bij APG (3.100 werknemers) en PGGM (1.000 werknemers) kent een kwart van het personeel een variabele beloning. De gemiddelde bonus is 10 procent van het vaste salaris.

APG en PGGM willen hun beleid voor variabele beloningen kritisch tegen het licht houden. ‘We willen kijken hoe we er meer langetermijncriteria in kunnen opnemen ’, zegt David Uitdenbogaard van PGGM.

Populaire posts van deze blog

Kosten vergrijzing wegen almaar zwaarder door: toekomstige regering wacht lastige taak om oplossing te vinden

Waar uitkeringen, gezondheidszorg of pensioenen vandaag ruim een vierde van onze gezamenlijk geproduceerde welvaart opeisen, zal dat tegen 2070 al een derde zijn. En dat is voor het overgrote deel te wijten aan de vergrijzing van onze bevolking. Dat blijkt uit het nieuwe jaarrapport van de Studiecommissie voor de Vergrijzing. En zo weten de regeringsonderhandelaars nog eens duidelijk wat hen te doen staat. Vervolg VRT Rapport Studiecommissie voor de Vergrijzing

Gemiddelde pensioenleeftijd blijft steken op 63 jaar

De werkelijke gemiddelde pensioenleeftijd van de Belgen blijft liggen op 63 jaar en bijna 4 maanden, ondanks de ambities van de overheid om de Belg langer te laten werken. Dat stelt het hr-dienstenbedrijf Acerta op basis van gegevens van 260.000 werknemers. 'De cijfers tonen aan dat de Belg met vervroegd pensioen blijft gaa n zodra het kan. Om de reële pensioenleeftijd op te trekken kunnen bedrijven nog meer inzetten op landingsbanen en werkbaar en wendbaar werk', klinkt het. Vervolg