Doorgaan naar hoofdcontent

Kwart pensioengeld is verdampt op de beurs


De pensioenspaarfondsen leden afgelopen jaar een gemiddeld verlies van ruim 25 procent. Daarmee werd ook de winst van de jaren voordien weggeveegd. Zelfs het gemiddeld rendement van de voorbije vijf jaar stelt niet veel meer voor.

De zware koersverliezen op de internationale beurzen hebben diepe wonden geslagen. Afgelopen jaar verloor de Bel-20-index van de belangrijkste waarden op de Brusselse beurs bijna 54 procent. De Europese topwaarden moesten gemiddeld ruim 46 procent inleveren.

Pensioenspaarfondsen konden niet aan de slachting ontsnappen, maar met een verlies van gemiddeld 25,69 procent deden zij het wel een stuk beter dan de beurs. Uitschieters waren het defensieve fonds van Dexia met een verlies van 11,4 procent, en het Argenta-pensioenfonds, dat 36,37 procent omlaag dook.

Als ook rekening wordt gehouden met de fiscale aftrek van 30 tot 40 procent van het gestorte bedrag, blijft wel gemiddeld een rendement over van 12 procent. Maar alleen voor de stortingen van het afgelopen jaar. Het bedrag dat voordien al in het fonds belegd werd, ontsnapte niet aan een verlies van een kwart.

Door de forse verliezen van 2008 zijn alle fondsen nu hun volledige winst sinds eind 2005 kwijt. Het gemiddelde jaarrendement van de voorbije vijf jaar bedraagt amper 3,11 procent, met als uitschieter het dynamisch pensioenfonds van Dexia, dat sinds eind 2003 maar een gemiddeld jaarrendement haalt van 0,34 procent.

Het Record Top-pensioenfonds van ING liet zich in de andere zin opmerken met een jaarverlies van 21,67 procent en vooral een gemiddeld rendement van 7,13 procent tijdens de voorbije vijf jaar, beter dan welk fonds ook. Wie enkel naar het afgelopen jaar kijkt had, niet onlogisch, zijn toevlucht moeten zoeken tot een van de defensieve fondsen.

Ook op langere termijn doen de pensioenspaarfondsen daarmee beter dan de beurs. Het gemiddeld jaarrendement van een belegging in de Bel-20 was de jongste vijf jaar -3,25 procent, de Stoxx 600 deed iets beter met -2,9 procent. Bovendien kan van de stortingen in het kader van het pensioensparen tussen 30 en 40 procent gerecupereerd worden van de belastingen.

Maar anderzijds is het langetermijnrendement bij een pensioenspaarfonds relatief, omdat niet al het geld al vijf jaar geleden in het fonds belegd was. Veel mensen storten in maandelijkse of jaarlijkse schijven. Het gemiddelde rendement van de stortingen is daardoor moeilijk te berekenen.

Verkopen is voor een pensioenspaarfonds uiteraard geen optie, toch niet voor wie jonger is dan zestig. Anders wordt prompt een belasting geheven van 33 procent, tegen 10 procent voor wie de rit uitzit.

Geen stortingen meer doen kan uiteraard wel. Wie gewacht heeft tot het einde van het jaar om zijn storting te doen, deed allicht een goede zaak.

Populaire posts van deze blog

Kosten vergrijzing wegen almaar zwaarder door: toekomstige regering wacht lastige taak om oplossing te vinden

Waar uitkeringen, gezondheidszorg of pensioenen vandaag ruim een vierde van onze gezamenlijk geproduceerde welvaart opeisen, zal dat tegen 2070 al een derde zijn. En dat is voor het overgrote deel te wijten aan de vergrijzing van onze bevolking. Dat blijkt uit het nieuwe jaarrapport van de Studiecommissie voor de Vergrijzing. En zo weten de regeringsonderhandelaars nog eens duidelijk wat hen te doen staat. Vervolg VRT Rapport Studiecommissie voor de Vergrijzing

Gemiddelde pensioenleeftijd blijft steken op 63 jaar

De werkelijke gemiddelde pensioenleeftijd van de Belgen blijft liggen op 63 jaar en bijna 4 maanden, ondanks de ambities van de overheid om de Belg langer te laten werken. Dat stelt het hr-dienstenbedrijf Acerta op basis van gegevens van 260.000 werknemers. 'De cijfers tonen aan dat de Belg met vervroegd pensioen blijft gaa n zodra het kan. Om de reële pensioenleeftijd op te trekken kunnen bedrijven nog meer inzetten op landingsbanen en werkbaar en wendbaar werk', klinkt het. Vervolg