Doorgaan naar hoofdcontent

Sociale pensioenplannen: wet moet uitgeklaard

Op vraag van het Directiecomité van de CBFA d.d. 19 december 2006, heeft de Commissie voor Aanvullende Pensioenen de ontwerpnota van de CBFA inzake Sociale Pensioenstelsels aan een analyse onderworpen. Deze nota beoogt een antwoord te bieden op verschillende vragen die zijn gerezen in verband met de toepassing van de wetgeving inzake sociale pensioenstelsels en het beheer van solidariteitstoezeggingen.

Tijdens haar onderzoek heeft de Commissie vastgesteld dat de voorwaarden en de criteria beschreven in art. 10,§1 4° en art. 11,§1 4° van de WAP (kostenbeperking en
integrale winstverdeling) die gelden om als sociaal plan te worden aanzien, niet werkbaar zijn. De notie “winst” en “kosten” kunnen immers niet éénduidig ingevuld worden.

Opdat de sociale plannen zouden kunnen functioneren, is het nodig om te zorgen voor rechtszekerheid. Deze rechtszekerheid dient bekomen te worden met respect voor de bestaande prudentiële reglementering waaraan pensioeninstellingen onderworpen zijn en die de opgebouwde rechten van de aangeslotene bij de pensioeninstelling vrijwaart.

De Commissie acht het bijgevolg aangewezen om de wet op deze punten te herzien teneinde de gewenste rechtszekerheid en éénduidigheid, waarbij rekening kan gehouden worden met het type pensioenplan of pensioeninstelling, te bekomen op het vlak van de invulling van de voorwaarden om als sociaal plan te worden erkend.

Advies nr 27

Populaire posts van deze blog

Kosten vergrijzing wegen almaar zwaarder door: toekomstige regering wacht lastige taak om oplossing te vinden

Waar uitkeringen, gezondheidszorg of pensioenen vandaag ruim een vierde van onze gezamenlijk geproduceerde welvaart opeisen, zal dat tegen 2070 al een derde zijn. En dat is voor het overgrote deel te wijten aan de vergrijzing van onze bevolking. Dat blijkt uit het nieuwe jaarrapport van de Studiecommissie voor de Vergrijzing. En zo weten de regeringsonderhandelaars nog eens duidelijk wat hen te doen staat. Vervolg VRT Rapport Studiecommissie voor de Vergrijzing

Gemiddelde pensioenleeftijd blijft steken op 63 jaar

De werkelijke gemiddelde pensioenleeftijd van de Belgen blijft liggen op 63 jaar en bijna 4 maanden, ondanks de ambities van de overheid om de Belg langer te laten werken. Dat stelt het hr-dienstenbedrijf Acerta op basis van gegevens van 260.000 werknemers. 'De cijfers tonen aan dat de Belg met vervroegd pensioen blijft gaa n zodra het kan. Om de reële pensioenleeftijd op te trekken kunnen bedrijven nog meer inzetten op landingsbanen en werkbaar en wendbaar werk', klinkt het. Vervolg