Doorgaan naar hoofdcontent

Spaarboekje klopt pensioenspaarfondsen

Tegenover begin dit jaar lijden de pensioenspaarfondsen verliezen van 5,9 tot 14,26 procent. De jongste tien jaar was zelfs een spaarboekje een beter alternatief. De tol van twee beurscrashes.

De pensioenspaarfondsen leden sinds begin dit jaar verliezen van bijna 6 tot meer dan 14 procent. Dat is een pak minder dan de beurzen die in dezelfde periode bijna een kwart van hun waarde verloren. Pensioensparen is bij uitstek een langetermijnbelegging. De jongste twintig jaar haalden de meeste fondsen een gemiddeld jaarrendement van zowat 7 procent. Maar de voorbije tien jaar incasseerden zij twee beurscrashes, wat het jaarrendement voor die periode terugbracht tot nauwelijks 3 procent of zelfs minder. Een hoogrentend spaarboekje deed beter.

De turbulente maanden op de beurs hebben ook de pensioenspaarder niet onberoerd gelaten, tenzij hij voor de minder renderende maar veiliger verzekeringsformule koos. Wie opteert voor een pensioenspaarfonds bij een bank ontsnapt niet aan het beursrisico, zelfs niet als hij voor een defensieve formule heeft gekozen.

De jongste dagen gaat het weer van kwaad tot erger op de beurzen. We gingen na welk rendement de pensioenspaarfondsen tijdens de eerste helft van het jaar haalden. We beperkten onze keuze tot fondsen die al meer dan een jaar op de markt zijn. De rendementen zijn allemaal negatief, van -5,9 procent voor het defensieve FortisB Pension Fund Stability, tot -14,26 procent voor het agressief beleggende Dexia Pension Fund Dynamic.

Tegenvallende rendementen, maar wel een pak beter dan de Bel-20 en de Stoxx 600 die sinds begin dit jaar respectievelijk 25 en 23procent moesten inleveren. Het actief beheer van de fondsen beperkt dus duidelijk het verlies.

Als we wat verder teruggaan in de tijd, tot einde juni vorig jaar, net voor het uitbreken van de kredietcrisis, blijken de verliezen hoger op te lopen. Van 6,5 procent voor hetzelfde Fortis-fonds tot 17,84 procent voor ook weer hetzelfde Dexia-fonds. De Stoxx 600 en de Bel-20 verloren in diezelfde periode 28 en bijna 33procent.

De cijfers moeten wat gerelativeerd worden omdat pensioensparen bij uitstek een langetermijnzaak is. Verkopen is overigens voor de meesten onder ons geen optie omdat je dan het fiscaal voordeel verliest.

Tijdens de 22jaar dat pensioensparen in ons land bestaat, zijn er nog slechte periodes geweest, maar gemiddeld halen de meeste fondsen nog steeds een jaarrendement van zo'n zeven procent, zonder het fiscaal voordeel.

Maar niet iedereen is de vijftig gepasseerd en doet al 22 jaar aan pensioensparen. De jongste tien jaar haalde het meest rendabele pensioenspaarfonds -dat van ING- een gemiddeld jaarrendement van 3,15 procent, gevolgd door Metropolitan met 3,1 en Fortis met 3procent. Helemaal aan de staart bengelt het Record Top Pension Fund van ABN Amro met -0,4 procent.

Een hoogrentend spaarboekje deed de jongste tien jaar duidelijk beter, een pensioenspaarverzekering overduidelijk.

Populaire posts van deze blog

Kosten vergrijzing wegen almaar zwaarder door: toekomstige regering wacht lastige taak om oplossing te vinden

Waar uitkeringen, gezondheidszorg of pensioenen vandaag ruim een vierde van onze gezamenlijk geproduceerde welvaart opeisen, zal dat tegen 2070 al een derde zijn. En dat is voor het overgrote deel te wijten aan de vergrijzing van onze bevolking. Dat blijkt uit het nieuwe jaarrapport van de Studiecommissie voor de Vergrijzing. En zo weten de regeringsonderhandelaars nog eens duidelijk wat hen te doen staat. Vervolg VRT Rapport Studiecommissie voor de Vergrijzing

Gemiddelde pensioenleeftijd blijft steken op 63 jaar

De werkelijke gemiddelde pensioenleeftijd van de Belgen blijft liggen op 63 jaar en bijna 4 maanden, ondanks de ambities van de overheid om de Belg langer te laten werken. Dat stelt het hr-dienstenbedrijf Acerta op basis van gegevens van 260.000 werknemers. 'De cijfers tonen aan dat de Belg met vervroegd pensioen blijft gaa n zodra het kan. Om de reële pensioenleeftijd op te trekken kunnen bedrijven nog meer inzetten op landingsbanen en werkbaar en wendbaar werk', klinkt het. Vervolg