Doorgaan naar hoofdcontent

Beschikbaarheid van bruggepensioneerden voor de arbeidsmarkt binnen de reglementering van outplacement

De ministerraad heeft op voorstel van minister van Werk Joëlle Milquet twee ontwerpen van koninklijk besluit goedgekeurd over het brugpensioen. Ze brengen de vereiste om beschikbaar te zijn voor de arbeidsmarkt voor bruggepensioneerden en oudere werklozen met elkaar in overeenstemming, onder andere op het vlak van outplacement.

De bruggepensionneerde worden vrijgesteld van de verplichting ingeschreven te zijn als werkzoekende, beschikbaar te zijn voor de arbeidsmarkt en outplacement aan te vragen. De werknemer die een brugpensioen opneemt na een ontslag in een onderneming in moeilijkheden of herstructurering, komt voor de vrijstelling in aanmerking als hij of zij een loopbaan van 38 jaar kan aantonen of ten minste 58 jaar is op het einde van de opzeggingsperiode of van de periode gedekt door een opzeggingsvergoeding.

De werknemer die vrijwillig een outplacementbegleiding aanvraagt, moet tijdens de begeleiding verder beschikbaar te blijven voor de arbeidsmarkt. Hij moet ook meewerken aan zijn herinschakeling op de arbeidsmarkt en de aangeboden begeleiding, opleiding of betrekking aanvaarden.

De bruggepensioneerde komt ook in aanmerking voor de regeling van de seniorvakantie. Dat houdt in dat hij of zij bij een werkhervatting als loontrekkende in de privé-sector, een uitkering kan genieten ten laste van de Rijksdienst voor Arbeidsvoorziening als aanvulling op het onvolledig recht op gewone betaalde vakantie.

De bruggepensioneerde kan met behoud van uitkeringen een nevenactiviteit aanvangen, die de Rijksdienst voor Arbeidsvoorziening heeft toegestaan, tijdens de periode van werkloosheid. In dat geval wordt het bedrag van de werkloosheidsuitkeringen verminderd in functie van het dagbedrag dat de nevenactiviteit oplevert, zoals dat nu al geldt voor oudere werklozen.

De ontwerpen kregen een positief advies van het beheerscomité van de RVA.
De ministerraad keurde de twee ontwerpen goed:

* kb tot wijziging van art. 4 en 22 van het kb van 3 mei 2007 tot regeling van het conventioneel brugpensioen in het kader van het generatiepact en tot invoering van art 4bis in hetzelfde besluit.
* kb tot wijziging van art. 2, 2bis, 2ter en 12bis van het kb van 7 december 1992 betreffende de toekenning van werkloosheidsuitkeringen in geval van conventioneel brugpensioen en tot invoeging van een art 14bis in hetzelfde besluit.

Populaire posts van deze blog

Kosten vergrijzing wegen almaar zwaarder door: toekomstige regering wacht lastige taak om oplossing te vinden

Waar uitkeringen, gezondheidszorg of pensioenen vandaag ruim een vierde van onze gezamenlijk geproduceerde welvaart opeisen, zal dat tegen 2070 al een derde zijn. En dat is voor het overgrote deel te wijten aan de vergrijzing van onze bevolking. Dat blijkt uit het nieuwe jaarrapport van de Studiecommissie voor de Vergrijzing. En zo weten de regeringsonderhandelaars nog eens duidelijk wat hen te doen staat. Vervolg VRT Rapport Studiecommissie voor de Vergrijzing

Gemiddelde pensioenleeftijd blijft steken op 63 jaar

De werkelijke gemiddelde pensioenleeftijd van de Belgen blijft liggen op 63 jaar en bijna 4 maanden, ondanks de ambities van de overheid om de Belg langer te laten werken. Dat stelt het hr-dienstenbedrijf Acerta op basis van gegevens van 260.000 werknemers. 'De cijfers tonen aan dat de Belg met vervroegd pensioen blijft gaa n zodra het kan. Om de reële pensioenleeftijd op te trekken kunnen bedrijven nog meer inzetten op landingsbanen en werkbaar en wendbaar werk', klinkt het. Vervolg