Het Europese halfrond schaarde zich achter een compromis dat de lidstaten eerder dit jaar hadden bereikt. Over de gelijke behandeling van uitzendkrachten en vaste werknemers werd al sinds 2002 onderhandeld. In juni kwam er eindelijk een doorbraak, nadat Groot-Brittannië in ruil voor enkele toegevingen zijn verzet staakte.
Voortaan moeten uitzendkrachten met een contract voor minstens zes weken vanaf de eerste dag dezelfde rechten krijgen als vergelijkbare vaste werknemers. Die gelijke behandeling moet onder meer gelden voor betalingen, vakantie, ouderschapsverlof, werk- en rusttijden en beroepsopleidingen. Ook is vastgelegd dat uitzendkrachten op dezelfde manier gebruik moeten kunnen maken van bedrijfskantines, kinderopvang en bedrijfsvervoer.