Hoe belangrijk ook, het gaat om meer: permanent inzicht in en regie over persoonlijke financiële situatie
Onlangs publiceerde de Autoriteit Financiële Markten (AFM) haar onderzoek naar de communicatie van pensioenfondsen en uitvoerders met hun deelnemers. Brieven bleken onvolledig of nauwelijks te begrijpen. Niet zo verwonderlijk, aangezien de doorsnee Nederlander het pensioen pas na de 45-jarige leeftijd serieus neemt. Zelfs het jaarlijkse verplichte Uniform Pensioen Overzicht (UPO) verdwijnt snel, vaak ongelezen, in die bekende schoenendoos. Als er meerdere pensioenen zijn opgebouwd, ontvangt men zelfs meerdere UPO's. Deze overzichten zijn (nog steeds niet) bij elkaar op te tellen. Er bestaat een rapportageplicht maar er is geen onderlinge standaardisatie.
Nederlanders zijn nauwelijks gericht op financiële planning. Men leeft op basis van het dagafschrift van de banken. Financiële planning bieden banken alleen aan zeer vermogenden. Aan de onderkant van de markt ontstaat, mede door de crisis, wel meer betrokkenheid bij financiële planning (schuldsanering en budgettools van het Nibud), maar structureel ontbreekt het de burger aan kennis en discipline om te kijken naar het huishoudboekje en de persoonlijke financiële ontwikkeling op langere termijn.
Alleen al vanwege de zorgplicht ligt hier een uitdaging voor de gehele financiële sector. Helaas positioneren 'financials' zich als unieke bron van financiële informatie. Dat leidt tot veel brieven en overzichten, vaak specifiek opgesteld vanuit een enkele productrelatie. Financials denken nog vaak dat het bezit van deze 'unieke' informatie hun concurrentiepositie versterkt. De consument wordt juist geholpen met de aggregatie van deze informatie naar een begrijpelijk geheel. Hoe belangrijk ook de pensioeninformatie op zich kan zijn, het gaat om permanent inzicht in en regie over de persoonlijke financiële continuïteit. De AFM maakt zich terecht zorgen over de kwaliteit van informatiestromen vanuit pensioenuitvoerders, maar het moet nu gaan om de vraag: hoe zorgen wij ervoor dat de consument begrijpelijk en permanent kan beschikken over inzicht in zijn financieel handelen?
Recent onderzoek geeft aan dat de gemiddelde Nederlander een flink pensioengat heeft. De crisis bespoedigt de beweging van de stabiele DB-regelingen (met vaststaande pensioenuitkering) naar DC (waarbij de uitkering onzekerder is). Daarmee wordt nog meer inzicht gevraagd van het individu om zelf sturing te gaan geven aan de pensioenopbouw.
Ook de collectiviteit en solidariteit bij pensioenen zullen langzaam plaats moeten maken voor meer individueel gedrag. Op de as van 'inkomen-zorg-pensioenen' zullen nieuwe productvormen ontstaan. Wat overblijft aan collectiviteit zijn de gelijkgezinde 'communities' met specifieke wensen en inkoopgedrag. Deze onvermijdelijke transitie kan voor eenieder alleen maar goed verlopen als het bewustzijn rond persoonlijke financiële planning snel wordt opgebouwd. Van een geheel geautomatiseerd persoonlijk huishoudboekje (op basis van de transactiedatabase van de gezamenlijke banken) tot integratie van alle lopende financiële contracten van banken, (zorg)verzekeraars en pensioeninstellingen. Alle financiële actoren zouden intens moeten samenwerken aan de ontwikkeling van een gestandaardiseerde structuur voor de persoonlijke financiële logistiek.
Daar zou de AFM prioriteit aan moeten geven in plaats van aan het blootleggen van incidenten in de huidige onvolmaakte informatievoorziening. In een land met een goede back-bone aan financiële planning zijn de verantwoordelijkheid en rol van alle partijen transparanter en kan iedereen op de verantwoordelijkheden worden gecontroleerd en worden aangesproken.