Haar parcours in de socialistische partij is de laatste tijd meer dan hobbelig, en in wezen is ze nog altijd een vakbondsvrouw. Knack interviewde Mia De Vits over de ontslaggolf, de toekomst van onze pensioenen en het belang van Frank Vandenbroucke.
MIA DE VITS: Ik kan het heel goed begrijpen dat steeds meer mensen zich zorgen maken over hun pensioen. Onze pensioenen maken een steeds kleiner deel van het vroegere inkomen goed. Vandaag is die zogenaamde vervangingsratio zelfs erg laag in vergelijking met andere Europese landen. Als mensen met pensioen gaan, moeten ze het dus vaak van de ene dag op de andere met een veel lager inkomen doen. Het is dan ook niet vreemd dat veel senioren in de armoede terechtkomen. Sommigen kunnen alleen het hoofd boven water houden omdat ze een eigen huisje hebben en dus geen huur hoeven te betalen. Geen wonder dat veel Belgen hun vertrouwen in ons pensioenstelsel kwijt zijn en weinig zin hebben om zelf nog solidair te zijn. We moeten de huidige wettelijke pensioenen dus wel optrekken. Want mensen zijn best bereid om solidair te zijn, maar dan moeten ze een groter deel van hun bijdragen terugzien in hun pensioen.
Wie moet voor die hogere pensioenen opdraaien?
DE VITS: Het ABVV vindt het aanvaardbaar dat de werknemers een stuk meer zouden moeten bijdragen om de wettelijke pensioenen, de zogenaamde eerste pensioenpijler, te versterken. Maar dan wel op voorwaarde dat ook het bedrijfsleven en de overheid grote inspanningen leveren. Voor een vakbond is het heel moedig om zo'n stelling in te nemen, want dat heeft onvermijdelijk ook gevolgen voor loononderhandelingen: als men een deel van de middelen solidariseert om voor de pensioenen te gebruiken, krijgen de werknemers die op korte termijn natuurlijk niet in hun laatje.
U trekt de kaart van de eerste pensioenpijler?
DE VITS: Die blijft voor mij fundamenteel. We moeten koste wat het kost vermijden dat de eerste pensioenpijler terugvalt tot een minimumniveau en op de duur hoogstens nog een basispensioen of gewaarborgd inkomen is. Want dat is het gevaar als men alles inzet op een uitbreiding van de tweede pensioenpijler, het aanvullende pensioen dat via de werkgever wordt opgebouwd. Als federaal minister van Sociale Zaken is Frank Vandenbroucke destijds de juiste weg ingeslagen. Enerzijds wou hij die eerste pijler versterken. Anderzijds wou hij de tweede pijler democratiseren, zodat die niet meer louter voor kaderfuncties en hogere bedienden voorbehouden zou zijn.
In het pensioenplan dat uw partij onlangs voorstelde, wordt vooral op de tweede pijler gefocust.
DE VITS: Het is dan ook belangrijk dat we onderzoeken hoe de tweede pijler in de toekomst verplicht kan worden gemaakt voor alle werknemers. Dat debat moet zeker worden gevoerd.
Waar moet het geld dan vandaan komen? Volgens Frank Vandenbroucke zullen er strategische keuzes moeten worden gemaakt om de vergrijzing te kunnen betalen, ook op het vlak van het sociale beleid.
DE VITS: Voor we in onze uitgaven gaan snoeien, zouden we beter eerst naar het fiscale beleid kijken. Om te beginnen zitten we opgescheept met een Federale Overheidsdienst Financiën die totaal niet in staat is om de belastingen correct te innen of de fraude aan te pakken. Zolang dat niet lukt, kunnen we moeilijk extra geld vragen van de mensen die hun belastingen wel netjes betalen. Iederéén moet een bijdrage leveren.
Er zal toch ook aan de uitgavenzijde moeten worden ingegrepen?
DE VITS: Ja, maar we moeten met de inkomsten beginnen. Ik vind het al te gemakkelijk om nu bijvoorbeeld te scanderen dat we het aantal ambtenaren moeten verminderen. Waar zouden we vandaag gestaan hebben zonder overheidstewerkstelling of gesubsidieerde banen?
Wat vindt u eigenlijk van het werkstuk Strategische keuzes voor een sociaal beleid van Frank Vandenbroucke?
DE VITS: (denkt na) Ik ben het niet op elk punt met hem eens, maar hij legt zeker thema's en oplossingen op tafel waarover een debat moet worden gevoerd, zoals de toekomst van onze welvaartsstaat, sociale zekerheid, pensioenen en gezondheidszorg.
De SP.A-top heeft het essay ijzig onthaald. Lag dat aan de timing, aan de inhoud of aan de auteur?
DE VITS: Dat moet u de voorzitster van onze partij vragen. In elk geval geloof ik niet dat Frank met zijn ideeën naar buiten is gekomen om zich in partijdiscussies te mengen of om zijn eigen comeback voor te bereiden. Hij heeft die tekst geschreven in het kader van een onderzoeksproject van de Antwerpse universiteit. Punt. Onze partij heeft trouwens nood aan inbreng uit verschillende hoeken, en dus is ook het denkwerk van Frank Vandenbroucke welkom.