Rekening houdend met de toename van het aantal gemengde loopbanen is het noodzakelijk om de vereenvoudiging te bevorderen, de incoherenties en discriminatie te doen verdwijnen en de gelijke behandeling garanderen.
Vragen:
1. Vervangingsratio:
• Wat is de adequate vervangingsratio voor alle pensioenen?
Hoe hoog zou die zijn?
• Hoe kan men een vervangingsratio bepalen die niet enkel rekening houdt met de wettelijke pensioenen, maar ook met de extralegale pensioenen van de 2e pijler? Hoe kunnen we deze vervangingsratio op internationaal vlak vergelijkbaar maken?
• Moet men de cumulatie van alle pensioenen tot een absoluut maximumniveau beperken?
• Is het niveau van de minimumpensioenen voldoende? Moeten de bedragen geharmoniseerd worden?
• Wat moet de verhouding zijn tussen de Inkomensgarantie voor Ouderen (=bijstandsuitkering) en het minimumpensioen?
• Moeten de bedragen van de IGO en van het minimumpensioen worden aangepast in functie van de armoederisicograad ?
• Moeten de aanpassingsmechanismen van de bijdrageplafonds en de pensioenberekening herzien worden?
2. De gelijkstellingen
• Moet men vergelijkbare gelijkstellingsmechanismen in de drie stelsels aanbieden? Moeten de financieringsmechanismen worden gelijkgesteld?
• Moeten de mechanismen voor de inachtneming van de gelijkstellingen herzien worden en aangepast in functie van de aard en de duur van de desbetreffende periodes?
• Moeten de mechanismen voor het in rekening brengen van de studieperiodes worden herzien?
• Moeten we de gelijkstellingsmechanismen voor bepaalde periodes aanmoedigen voor de pensioenen van de 2e pijler?
• Hoe kunnen we volledig en relevant cijfermateriaal verzamelen over de rechten die opgebouwd zijn op basis van de gelijkstellingen?
3. Pensioenbonus of leeftijdstoeslag
• Moet het stimuleringsmiddel forfaitair zijn of in proportie tot het pensioen?
• Moeten de toekenningsvoorwaarden van de privésector en die van de openbare sector geharmoniseerd worden?
• Moet het stimuleringsmiddel progressief stijgen in functie van de loopbaanjaren?
• Moeten lange loopbanen aangemoedigd worden door de mechanismen van beperking tot de eenheid van loopbaan af te schaffen?
4. Toegelaten activiteit
• Moet men de bedragen van de beperkingen op de toegelaten activiteit voor de gepensioneerden na de wettelijke pensioenleeftijd verhogen, afschaffen, indexeren?
• Moeten we de huidige bedragen behouden in geval van vervroegd pensioen?
• Moeten we de bedragen herzien in het geval van een overlevingspensioen voor de leeftijd van 65 jaar? Is dit gebonden aan een wijziging van het overlevingspensioenstelsel?
• Moet het mechanisme van de sancties herzien worden?
• Moet er, in geval van hervatting van het werk of schorsing van het pensioen, rekening gehouden worden met de nieuwe gewerkte periodes bij de berekening van het pensioen?
5. Informatie over de gepensioneerden
• Hoe kan men de integratie van de tweede pijler in de databank van de voornaamste pensioenstelsels voorzien? Hoe kunnen we de leesbaarheid verbeteren van de informatie die ter beschikking van de gepensioneerden en toekomstige gepensioneerden gesteld wordt?
• Hoe kan de informatieverstrekking en gegevensverzameling in functie van loopbaan- en pensioenplanning binnen de sociale zekerheid verder geoptimaliseerd worden, rekening houdend met de opgebouwde rechten in de verschillende pensioenstelsels en -pijlers?
Morgen : De wettelijke pensioenen
groenboek integrale versie