Door de financiële crisis van vorig jaar hebben pensioenfondsen wereldwijd een verlies geleden van meer dan 5 biljoen dollar oftewel 3,5 biljoen euro, zo blijkt uit cijfers die de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) op 26 oktober bekend maakte.
Er zijn echter tekenen van herstel. Na een verlies van 5,4 biljoen dollar vorig jaar, zijn pensioenvermogens tussen januari en juni van dit jaar weer met 1,5 biljoen dollar aangegroeid.
Het Oeso-rapport ‘Pension Funds in Focus’ neemt de prestaties van pensioenfondsen in alle lidstaten en enkele andere landen onder de loep, en vergelijkt de pensioenfondsperformance van 2008 met die in de eerste helft van 2009.
Opvallend zijn met name de rendementen van Noorse en Turkse pensioenfondsen. Noorwegen zette dit jaar tot juni sterke nominale rendementen neer van 10%, na in de voorafgaande zes maanden bijna evenveel verlies te hebben geboekt. Turkije zag het hele jaar een stabiele toename van rond de 10% nominaal.
Ierland, waar pensioenfondsen vorig jaar met -35% in de min doken, herstelde zich iets en kon een rendement boeken van ongeveer 5% tot juni. Volgens Jean-Marc Salou, OESO’s projectmanager voor pensioen- en verzekeringsstatistiek en mede-redacteur van het rapport, waren de grote verliezen in Ierland vorig jaar een gevolg van de vigerende beleggingsstrategie.
“De data laten zien dat het verlies vooral werd veroorzaakt door de hoge allocatie aan aandelen in de portefeuille,” stelt Salou. Ierse fondsen hebben inmiddels hun asset allocatie aangepast en de allocatie aan aandelen van 66% met 14 procentpunt omlaag gebracht tussen 2007 en 2008. Het Ierse publieke pensioenreservefonds, het ‘Public Pension Reserve Fund system’ (PPRF) heeft zijn beleggingen in aandelen vorig jaar ook teruggeschroefd, met 13 procentpunt tot net iets minder dan 60%.
Het OESO-rapport stelt tevens vast dat reservefondsen onder druk kwamen van de overheid omdat regeringen een beroep op deze fondsen deden om de klap van de crisis op te vangen. Als voorbeeld verwijst het rapport naar het Ierse ‘National Pension Reserve Fund’ (NPRF), dat een kwart van zijn vermogen moest inzetten om banken overeind te houden.
Landen waar meer werd geïnvesteerd in obligaties, hebben minder rendement behaald maar ook minder last gehad van marktvolatiliteit, constateert het rapport. Toch wil Salou aandelen in de toekomst als investeringsklasse niet afwijzen: “Pensioenfondsen zullen hun asset allocatie waarschijnlijk blijven diversificeren en met het oog daarop moeten ze dit niveau van aandelen in hun portefeuilles blijven aanhouden.”
Van de niet-lidstaten liet Litouwen volgens het rapport na een verlies vorig jaar van -19% dit jaar een herstel zien van meer dan 5% tegen juli 2009, terwijl de Oekraïne ondanks onrustige markten in 2008 een sterk rendement liet zien en dat rendement dit jaar wist uit te bouwen tot 21%. Volgens de OESO moet deze stabiliteit worden toegeschtreven aan een hoge blootstelling aan staatsobligaties.
Het rapport vestigt tevens de aandacht op het trage herstel van defined benefit (DB) pensioenfondsen. Hoewel de dekkingsgraden in hun algemeenheid in de meeste landen in de eerste maanden van 2009 weer wat opkropen, is de situatie van DB-fondsen over die periode verder verslechterd, met tekorten die opliepen van 9% tot 13% tegen juni 2009.
Vervolg