CAO nr. 91, gesloten in de Nationale Arbeidsraad op 20 december 2007, tot vaststelling van de voorwaarden voor de toekenning van een aanvullende vergoeding in het kader van het brugpensioen voor sommige oudere mindervalide werknemers en werknemers met ernstige lichamelijke problemen, indien zij worden ontslagen (http://www.nar.be/)
CAO nr. 92, gesloten in de Nationale Arbeidsraad op 20 december 2007, tot invoering van een regeling van aanvullende vergoeding voor sommige oudere werknemers die worden ontslagen, ter uitvoering van het interprofessioneel akkoord van 2 februari 2007 (http://www.nar.be/)
CAO nr. 93, gesloten in de Nationale Arbeidsraad op 20 december 2007, tot instelling en vaststelling, voor 2007 en 2008, van de procedure van tenuitvoerlegging en van de voorwaarden voor de toekenning van een regeling van aanvullende vergoeding voor sommige oudere werknemers die worden ontslagen en die tewerkgesteld zijn in een bedrijfstak die niet onder een opgericht paritair comité ressorteert of wanneer het opgericht paritair comité niet werkt (BS 31 december 2007, 4de editie)
Nieuwe reglementering
Zoals we u al meedeelden, is op 1 januari 2008 het koninklijk besluit van 3 mei 2007 tot regeling van het conventioneel brugpensioen in het kader van het generatiepact in werking getreden (zie SoCompact nr. 2007/24).
Dit koninklijk besluit voert in de brugpensioenreglementering de hervormingen door die nodig zijn om ze in overeenstemming te brengen met de doelstellingen van het Generatiepact.
De belangrijkste wijziging is de verstrenging van de leeftijds- en anciënniteitsvoorwaarden. Voortaan is de vereiste minimumleeftijd om op brugpensioen te kunnen gaan 60 jaar en de vereiste anciënniteit 30 jaar.
Op die algemene regel bestaan een hele reeks uitzonderingen (zie Socompact nr. 2007/24).
1. Zo is er bijvoorbeeld de mogelijkheid voor de werknemers die een beroepsloopbaan van 40 jaar kunnen aantonen om op brugpensioen te gaan vanaf de leeftijd van 56 jaar. Vereist is wel dat een CAO gesloten in de Nationale Arbeidsraad in dit stelsel voorziet. Voor de periode 2008-2009 is dat gebeurd door de CAO nr. 92, gesloten in de Nationale Arbeidsraad op 20 december 2007, tot invoering van een regeling van aanvullende vergoeding voor sommige oudere werknemers die worden ontslagen, ter uitvoering van het interprofessioneel akkoord van 2 februari 2007.
Overeenkomstig de CAO kan een werknemer enkel van dit brugpensioenstelsel gebruik maken wanneer hij, naast een beroepsloopbaan van 40 jaar, kan aantonen dat, vóór de leeftijd van 17 jaar, gedurende tenminste 78 dagen arbeidsprestaties zijn geleverd waarvoor socialezekerheidsbijdragen zijn betaald met volledige onderwerping aan de sociale zekerheid, of tenminste 78 dagen arbeidsprestaties zijn geleverd in het kader van het leerlingenwezen welke zich situeren vóór 1 september 1983.
De wet van 21 december 2007 betreffende de uitvoering van het interprofessioneel akkoord 2007-2008 heeft in het koninklijk besluit van 3 mei 2007 een bepaling ingevoegd die een opsomming geeft van de dagen die voor de berekening van het beroepsverleden met arbeidsdagen worden gelijkgesteld.
2. Een andere uitzonderingsbepaling van het koninklijk besluit van 3 mei 2007 voorziet in de mogelijkheid om op brugpensioen te gaan vanaf de leeftijd van 58 jaar voor de werknemers met een beroepsverleden van 35 jaar en die kunnen worden beschouwd als werknemers die het statuut van mindervalide werknemers erkend door de bevoegde overheid hebben of als werknemers die ernstige lichamelijke problemen hebben.
Ook dit stelsel moet worden voorzien in een CAO gesloten in de Nationale Arbeidsraad. Een dergelijke CAO is gesloten in de Nationale Arbeidsraad op 20 december 2007. Het gaat om de CAO nr. 91 tot vaststelling van de voorwaarden voor de toekenning van een aanvullende vergoeding in het kader van het brugpensioen voor sommige oudere mindervalide werknemers en werknemers met ernstige lichamelijke problemen, indien zij worden ontslagen.
Deze CAO beoogt een aanvullende vergoeding toe te kennen aan werknemers, indien zij worden ontslagen, die op het ogenblik van de beëindiging van de arbeidsovereenkomst 58 jaar en ouder zijn en een beroepsverleden van minstens 35 jaar hebben op voorwaarde dat zij:
- hetzij kunnen vallen onder de categorie van mindervalide werknemers erkend door de bevoegde overheid,
De CAO geeft een opsomming van de personen die onder die categorie ressorteren.
- hetzij na een bijzondere procedure kunnen vallen onder de categorie van werknemers met ernstige lichamelijke problemen die geheel of gedeeltelijk veroorzaakt zijn door hun beroepsactiviteit en die de verdere uitoefening van hun beroep significant bemoeilijken,
De werknemer die wenst erkend te worden als werknemer met ernstige lichamelijke problemen, dient hiertoe een aanvraag in met een dossier bij het Fonds voor Arbeidsongevallen.
- hetzij kunnen worden gelijkgesteld met die laatste categorie omdat ze tijdens hun vroegere beroepsactiviteit voor 1 januari 1993 gedurende minimum 2 jaar rechtstreeks werden blootgesteld aan asbest.
De werknemer die wenst erkend te worden als werknemer gelijkgesteld aan een werknemer met ernstige lichamelijke problemen, dient hiertoe een aanvraag in bij het Fonds voor Beroepsziekten met de nodige bewijsstukken van de blootstelling aan asbest.
De CAO treedt in werking op 1 januari 2008 voor de brugpensioenen die ingaan vanaf 1 januari 2010 en houdt op van kracht te zijn op 31 december 2012.
Tot slot merken we nog op dat de mogelijkheid tot brugpensionering op grond van deze laatste CAO beperkt wordt tot maximum 1.200 personen op jaarbasis op kruissnelheid. Binnen de Nationale Arbeidsraad wordt een Commissie zware beroepen opgericht die erop moet toezien dat dit maximum niet wordt overschreden.
Oude reglementering
De bovenvermelde nieuwe reglementering is van toepassing op alle werknemers voor wie de toekenning van de aanvullende vergoeding in het kader van het brugpensioen wordt geregeld door CAO's of door collectieve akkoorden, aan wie het ontslag werd betekend na 31 maart 2007 en waarvan het brugpensioen ingaat na 31 december 2007.
De oude regels blijven van toepassing op de werknemers die ontslagen zijn na 31 maart 2007, maar vóór 1 januari 2008, indien ze ten laatste op 31 december 2007, de in de op hen toepasselijke CAO's of akkoorden vereiste leeftijd hebben bereikt, en bovendien voldoen aan de daarin gestelde anciënniteitsvoorwaarden.
Ook de werknemers van een onderneming die een collectief ontslag heeft aangekondigd vóór 31 maart 2006 en die vóór 1 april 2007 werd erkend als onderneming in moeilijkheden of in herstructurering en die op basis van die erkenning worden ontslagen met het oog op brugpensioen, blijven onderworpen aan de oude regels.
De oude regels blijven ook van toepassing op de ontslagen werknemers die waren tewerkgesteld in ondernemingen uit het Paritair Comité voor het stads- en streekvervoer.
De oude reglementering stelt de vereiste minimumleeftijd om op brugpensioen te gaan op 58 jaar (zie http://sociaalcompendium.be/). Ook op die algemene regel bestaan een aantal afwijkingen.
Zo is er bijvoorbeeld de bij de wet van 26 maart 1999 voorziene mogelijkheid om in de paritaire comités of subcomités CAO's te sluiten die voorzien in de invoering van een stelsel van voltijds brugpensioen vanaf 56 jaar. Die mogelijkheid werd verlengd voor de jaren 2007-2008 door de wet van 17 mei 2007 houdende uitvoering van het interprofessioneel akkoord voor de periode 2007-2008 (zie SoCompact nr. 2007/24), maar bestaat enkel voor de werknemers met een anciënniteit van 33 jaar of meer, die op het ogenblik van de beëindiging van de arbeidsovereenkomst:
- ofwel minimaal 20 jaar gewerkt hebben in een stelsel van ploegenarbeid met nachtprestaties,
- ofwel tewerkgesteld zijn door een werkgever die behoort tot het Paritair Comité van het bouwbedrijf en beschikken over een door de arbeidsgeneesheer afgeleverd attest dat hun ongeschiktheid tot voortzetting van hun beroepsactiviteit bevestigt.
Op 20 december 2007 werd in de Nationale Arbeidsraad de CAO nr. 93 tot instelling en vaststelling voor 2007 en 2008, van de procedure van tenuitvoerlegging en van de voorwaarden voor de toekenning van een regeling van aanvullende vergoeding voor sommige oudere werknemers die worden ontslagen en die tewerkgesteld zijn in een bedrijfstak die niet onder een opgericht paritair comité ressorteert of wanneer het opgericht paritair comité niet werkt, gesloten.
Die CAO heeft tot doel brugpensioen op 56 jaar in 2007 en 2008, voor werknemers met 33 jaar beroepsverleden en minstens 20 jaar ploegenarbeid met nachtprestaties, ook mogelijk te maken in de gevallen waar geen sectorale CAO kan tot stand komen omdat er geen paritair comité is opgericht of het opgericht paritair comité niet werkt.
De CAO nr. 93 treedt in werking met ingang van 1 januari 2007 en treedt buiten werking op 31 december 2008. De CAO nr. 93 is de opvolger van de CAO nr. 86 die voor de jaren 2005 en 2006 in dezelfde regeling voorzag (zie http://www.sociaalcompendium.be/). Volledigheidshalve vermelden we nog dat de CAO nr. 93 algemeen verbindend is verklaard door een koninklijk besluit van 21 december 2007 (BS 31 december 2007, 4de editie).