donderdag 17 februari 2011

Dirk Sterckx (Alde/Open VLD ) is algemeen tevreden met stemming Groenboek pensioenen

Zopas stemde het Europees Parlement over de pensioenproblematiek. Dit als reactie op het groenboek van de Europese Commissie "Naar adequate, houdbare, en zekere Europese pensioenstelsels". Het geïntegreerd rapport van de Commissie Economische en Sociale Zaken en de Commissie Sociale Zaken en Werkgelegenheid werd zopas goedgekeurd.

Dirk Sterckx: "Als één van de schaduwrapporteurs voor de liberale groep ben ik tevreden over het rapport van het Parlement over pensioenen.

Toch ben ik ook teleurgesteld dat enkele belangrijke punten weggestemd werden:

Zo vindt het Parlement niet dat alle pensioenverplichtingen expliciet opgenomen moeten worden in de schuldgraad van een land. Een opname in het begrotingstekort volstaat voor het Parlement. Dit is voor mij onvoldoende. We kunnen de problemen van onze pensioenstelsels niet ontkennen en moeten een lange termijn visie nastreven. Een correct beeld van toekomstige verplichtingen is daarom noodzakelijk.


Het Parlement laat het ook na om bepaalde lidstaten op de vingers te tikken die hun pensioenhervormingen onlangs hebben teruggeschroefd of dit overwegen te doen, enkel en alleen om hun begrotingstekort te verbeteren en zo te voldoen aan de normen van het Groei- en Stabiliteitspact. Deze korte termijn visie werd tot mijn grote verbazing niet afgestraft door het Parlement.

Tot slot stemde het Parlement een tekst weg die aan de lidstaten vraagt de dialoog aan te gaan met alle betrokken partijen om na te gaan hoe de wettelijke pensioenleeftijd aan de levensverwachting gekoppeld kan worden. Het Parlement sluit hier de ogen. Ik ben ervan overtuigd dat er een link moet komen tussen de pensioenleeftijd en de gemiddelde duur van een mensenleven. Zo niet, dreigt ons pensioensysteem onbetaalbaar te worden en verschuiven we de lasten naar de toekomstige generaties.




Andere punten uit het rapport van het Parlement kunnen toegejuicht worden:



We benadrukken dat op lange termijn duurzame economische groei en hoge werkgelegenheid onmisbaar zijn voor onze welvaart én pensioenvoorzieningen.



We bevestigen dat het uitstippelen van een evenwichtig meerpijlerstelsel (zie verder voor meer informatie) en het pensioenbeleid een bevoegdheid van de lidstaten blijven. De Europese Unie moet dus enkel optreden waar ze toegevoegde waarde kan bieden.



Dit is het geval wanneer we het hebben over de houdbaarheid van onze pensioenstelsels. De link met duurzame overheidsfinanciën, zoals beschreven in het Groei- en Stabiliteitspact, is hiervoor van groot belang. Wij stemden vóór transparantie: de lidstaten moeten hun pensioenverplichtingen op een correcte manier in hun begrotingstekort opnemen. Bij de huidige onderhandelingen over de hervorming van het economisch bestuur van de EU zal dit ongetwijfeld nog aan bod komen.



De adequaatheid van de pensioenen en het bepalen van de pensioenleeftijd blijven een bevoegdheid van de lidstaten. We benadrukken dat de EU de hoogte van een adequaat (= toereikend, gepast) pensioen NIET kan vastleggen omdat dit zeer sterk afhankelijk is van de specifieke omstandigheden in de lidstaten. Het zijn dus de lidstaten die een "adequaat pensioen" moeten definiëren. Ook zullen de lidstaten de pensioenleeftijd blijven bepalen. Het Parlement vraagt wel of de verplichte pensioenleeftijd versoepeld kan worden zodat mensen als ze dit willen langer kúnnen werken en we benadrukken hierbij het belang van belastingsvrijstellingen. We stellen ook een groot verschil vast tussen de wettelijke pensioenleeftijd en de feitelijke uittredingsleeftijd in vele lidstaten. We bevelen daarom maatregelen aan die ernaar streven om werknemers tot de wettelijke pensioenleeftijd te laten doorwerken.



Verder pleiten we voor een snelle oplossing voor werknemers die in andere lidstaten gaan werken. We willen dat eventuele negatieve gevolgen van arbeidsmobiliteit op individuele pensioenaanspraken minimaal zijn. Ik hoop dat ook de lidstaten dit zullen steunen. Enkel dan zullen de Europese burgers ten volle van het vrij verkeer van personen kunnen genieten.



Voor de burgers is het ook van groot belang dat ze toegang hebben tot meer informatie. We sporen de lidstaten aan om pensioenopsporingsdiensten op te richten en om die op lange termijn met elkaar te verbinden in één Europese pensioenopsporingsdienst. Zo zal een Europese burger kunnen zien hoeveel rechten hij in welke lidstaat heeft opgebouwd. Meer informatie zou de Europese burger ook meer toegang geven tot verschillende manieren om zijn pensioen op te bouwen.



We vragen de Europese Commissie bovendien om te onderzoeken of de financiële regelgeving voor "instellingen voor bedrijfspensioenvoorzieningen (pensioenfondsen)" nog steeds voldoende bescherming geeft aan de huidige en toekomstige gepensioneerden. We hopen dat de Commissie zo snel mogelijk met een effectenbeoordeling zal komen en indien nodig met wetgevingsvoorstellen. We vroegen de Commissie hierbij rekening te houden met de tendens naar meer toegezegde-premieregelingen en minder toegezegde pensioenregelingen (voor meer informatie, zie verder), aangezien door deze tendens het lange termijn-risico meer en meer bij de pensioenspaarder komt te liggen.



Wat volgt?

De Europese Commissie zal op basis van alle reacties op haar groenboek en na een grondige evaluatie beslissen of ze wetgevende voorstellen zal indienen. Dit enkel in domeinen waarvoor de Europese Unie bevoegd is. Eventuele voorstellen zullen volgen in de loop van 2011 - 2012. Het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie zullen dan als co-wetgever hun positie bepalen.



Achtergrondinformatie

De pensioenstelsels verschillen enorm in de lidstaten van de Europese Unie. Dit maakt het bijzonder moeilijk om op Europees niveau de problemen aan te pakken.



1) Zo heeft niet elke lidstaat een gelijkaardig meerpijlerstelsel. De lidstaten maken een keuze uit drie grote pijlers of "zuilen":



· Pijler I: wettelijke pensioenen



· Pijler II: aanvullende of extralegale pensioenen

→ veelal kapitalisatiesysteem

→ in relatie werkgever - werknemer



· Pijler III: individueel pensioensparen

→ kapitalisatiesysteem

→ individueel



2) Sommige landen kiezen voor omslagsystemen, anderen kiezen voor kapitalisatiesystemen, nog anderen voor een mix van beide:



repartitiesysteem - omslagsysteem - pay as you go: UNFUNDED SYSTEM

= pensioenen van het niet-actieve deel van de bevolking worden betaald door de bijdragen van het actieve deel van de bevolking

kapitalisatiesysteem of kapitaaldekkingsstelsel: (partially) FUNDED SYSTEM

= iedereen spaart voor zijn eigen pensioen. Bij het bereiken van de pensioenleeftijd wordt het opgespaarde geld uitbetaald



3) Ook is er een verschil tussen "toegezegde pensioenregelingen" en "toegezegde premieregelingen":



"toegezegde pensioenregeling" of "vaste prestaties" ("defined benefit")De pensioeninstantie belooft de begunstigde een welbepaald aanvullend pensioen (in rente of in kapitaal) uit te betalen in functie van een pensioenformule. Het lange termijn-risico ligt hier bij de pensioeninstantie. De begunstigde krijgt bij het bereiken van de pensioenleeftijd sowieso een welbepaald bedrag.



"toegezegde premieregeling" of "vaste bijdragen" ("defined contribution"):

De begunstigde betaalt tijdens zijn actieve loopbaan een vaste pensioenbijdrage, maar is niet zeker van een vaste uitkering bij het bereiken van de pensioenleeftijd. De pensioeninstantie belooft dus geen eindresultaat. De begunstigde zal enkel recht hebben op een pensioenbedrag dat het resultaat is van alle gedane stortingen door de begunstigde en het beheer van die gelden. Het risico wordt dus door de pensioeninstantie afgewenteld op de begunstigde.



Een alleszeggend cijfer...

Tegen 2060 zal de afhankelijkheidsratio in de EU verdubbelen. In 2010 waren er nog vier mensen op werkende leeftijd voor elke 65-plusser, in 2060 zulllen dit er nog maar twee zijn... Hervormingen zijn dus noodzakelijk.
Jobaanbiedingen mogelijk dankzij :
Jobaanbiedingen mogelijk dankzij :
Jobaanbiedingen mogelijk dankzij :