Wanneer we niets doen aan de vergrijzingsproblematiek kunnen we niet anders dan deze stelling met veel schaamte beamen.
Dan komen we tot de onthutsende vaststelling dat de huidige generaties geen solidariteit aan de dag willen leggen met hun medemens of zelfs niet met hun kinderen en kleinkinderen alhoewel hen dat slechts een kleine inspanning zou vragen.
De maatschappij is de laatste decennia ingrijpend gewijzigd. Er is een leeftijdscategorie ontstaan van 60 plussers die gezond is naar geest en lichaam en beschikt over voldoende middelen om van het leven te “genieten”.
Jongeren zien er geen bezwaar in dat deze categorie op vroege leeftijd van de arbeidsmarkt verdwijnt want dit kan voor hen alleen maar betere toekomstperspectieven openen.
Maar de situatie loopt uit de hand. Zoals gewoonlijk zijn de oorspronkelijke bedoelingen niet slecht maar riskeren de excessen het systeem te kelderen. Iedereen ziet toch wel dat we een systeem in het leven hebben geroepen dat op systematische wijze de inzet van aanwezige knowhow ontmoedigt.
We zijn de grondvesten van onze welvaartstaat aan het afzwakken.
Vlaanderen stelt zich tot doel uit te groeien tot een volwaardige kenniseconomie. Waarom dan niet bestaande kennis optimaal benutten ? Ouderen hebben de morele plicht hun ervaring, stielkennis of culturele bagage ter beschikking ter stellen van jongere generaties. Dit moet de jongeren niet beknotten in hun idealisme of in hun drang tot vernieuwing en verbetering maar moet er juist een positieve bijdrage toe leveren.
Een aangepast sociaal statuut dringt zich op voor de 60 plussers die als generatie haar voorgaande niet kent.
De aanklacht die jongeren formuleren dat ouderen minder efficiënt inzetbaar zijn en hun prestaties niet in verhouding staan tot hun arbeidskost is spijtig genoeg dikwijls gegrond. Maar de huidige generatie van 60 plussers heeft geen argument om niet mee te zijn met de laatste trends en technische evoluties. Zij zouden fier moeten zijn nog een bijdrage te kunnen leveren aan de welstand van onze maatschappij.
Laat ons hopen dat Vlaanderen een juridisch en sociaal kader creëert dat een dergelijke attitude bevordert en niet verder ontmoedigt. Dan kan onze regio weer vooraan staan in Europa. Ook in andere landen stelt zich de problematiek met ook daar halfslachtige oplossingen. Laat ons het voortouw nemen.
Er valt wellicht veel voor te zeggen om het arbeidersstatuut en het bediendestatuut op elkaar af te stemmen maar veel fundamenteler is een aangepast statuut te ontwikkelen voor diegenen die nog een positieve bijdrage kunnen leveren aan onze economische heropleving maar die daartoe vandaag niet aangezet worden en dus louter van het leven willen profiteren maar ten koste van wie en van wat .