woensdag 15 september 2010

Betogen tegen slecht weer - Daar zijn de vakbonden weer

Massale betogingen, zoals hier in Frankrijk, zullen in België voorlopig niet plaatsvinden.

De Belgische vakbonden hebben voor vandaag een bescheiden actie gepland. De vraag is volgens MARC DE VOS alleen waar ze precies tegen zijn. Noodzakelijke pensioenhervormingen waarvan nog niet eens sprake is?

Na Griekenland, Engeland en Frankrijk, wordt ook België het toneel van verenigd vakbondsprotest tegen bezuinigingen en pensioenhervormingen. In de andere landen viseren betogingen concrete regeringsbeslissingen. In het surrealistische België protesteren de vakbonden tegen hervormingen die niet bestaan: er is geen nieuwe regering en ook geen regeerprogramma. Dat er desondanks betoogd wordt, zegt veel over de noodzakelijkheid van de ingrepen waartegen van leer wordt getrokken. Het is als betogen tegen slecht weer. Dat kan frustratie luchten en bekommernissen ventileren, maar het brengt ons geen millimeter dichter bij een oplossing.

Er bekruipt mij een groot gevoel van déjà vu. Vijf jaar geleden trokken vakbonden massaal van leer tegen het Generatiepact. Het resultaat was een lauw politiek compromis dat meer geld kost dan het opbrengt voor de sociale zekerheid, dat langer werken maar marginaal heeft bevorderd, dat de brugpensioencultuur laat etteren en dat de uitsluiting van ouderen in personeelsbeleid niet heeft gekeerd. Als vakbonden en werkgevers toen samen de moed hadden gehad om van het Generatiepact een leeftijdspact te maken, als ze een modern eenheidsstatuut voor arbeiders en bedienden hadden ingevoerd en als ze samen de uitbouw van aanvullend pensioen strategisch hadden veralgemeend, zouden er vandaag al minder redenen zijn om te betogen.

Anno 2010 zijn de vakbondseisen quasi ongewijzigd: niet langer werken, geen langere pensioenloopbanen, brugpensioen behouden en pensioenuitkeringen verhogen. Het is volharding, maar dan wel die van de vertwijfeling. Vijf jaren geleden koesterden we immers nog de illusie dat we de vergrijzing vanzelf gingen opvangen. Het Generatiepact zou de knik maken op de arbeidsmarkt, gestage schuldafbouw zou het Zilverfonds spijzen, sterke economische groei zou de te verdelen taart doen groeien, de gezondheidszorg zou het permanent met bijna de helft minder doen - en klaar was Kees. Vandaag weten we dat het Generatiepact maar een amuse-gueule is, dat de schuld is geëxplodeerd, dat het Zilverfonds nagenoeg leeg staat, dat de economie nog jaren de sporen van de crisis en de last van de vergrijzing zal vertonen en dat de gezondheidszorg maar met veel moeite in een iets lager groeitempo kan gesnoerd worden.

We weten intussen ook wat deze collectieve erfenis van onwil en onvermogen inhoudt: vele miljarden in terugkerende besparingen of inkomsten die de komende vier jaar moeten ingezet worden en nadien nog eens een vergelijkbare oefening er bovenop. Deze budgettaire uitdaging zonder weerga is geen harteloos rondje snijden: het is de structurele ingreep die nodig is om de vergrijzing alsnog min of meer te kunnen betalen en om onze enorme schuldenlast niet tot een Griekse catastrofe op te voeren.

Maar cijfers alleen vertellen het verhaal maar half. Het gaat fundamenteel om de vraag welke toekomst we willen maken. Ons sociaaleconomisch model zit op zijn tandvlees. Van alle ontwikkelde landen hebben we de op twee na hoogste belastingdruk, de hoogste loonlasten en de op één na hoogste uitgaven voor sociale bescherming. Desondanks is onze staatsschuld bij de hoogste ter wereld, zit de gezondheidszorg in chronisch geldtekort, zijn pensioenen gemiddeld laag en is de vergrijzing totaal niet gefinancierd. Tegelijkertijd verliest onze economie terrein en profiteren we onvoldoende van de gigantische exportkansen die groeipolen als China en India bieden.

Koppel daaraan de enormiteit van de uitdaging die nu voor ons staat en de keuze is simpel. Ofwel gaan we voor nog meer van hetzelfde en verzetten we ons tegen hervormingen. Dat is het scenario dat we al jaren schrijven in België. Ofwel maken we de breuk en maken we als samenleving de strategische keuzes waardoor we ons economisch potentieel beter kunnen benutten en ons sociaal systeem beter laten presteren. Het is de keuze tussen een Avondland van verval en schaarste en een groeiland dat gedijt in de wereld van de 21ste eeuw. Het is de keuze tussen het teren op de rijkdom van het verleden en het maken van nieuwe rijkdom in de toekomst. Het is de keuze tussen rekken voor de huidige generatie en maken voor de volgende generatie.

De gepensioneerde van vandaag leeft gemiddeld zes jaren langer dan die van vijftig jaar geleden. In de komende decennia komt daar nog eens zes jaar bij. Tegelijkertijd wordt de verhouding tussen het aantal gepensioneerden en het aantal jongeren dat de pensioenen betaalt nagenoeg gehalveerd. Langer werken is onmisbaar om deze enorme demografische verschuiving op te vangen, pensioenen betaalbaar en afdoend te houden en om de solidariteit tussen de generaties evenwichtig te maken.

Langer werken vergt andere loopbanen, een leeftijdsvriendelijke arbeidsmarkt en een aangepast pensioensysteem. De opties zijn al lang bekend en hervormingen zullen pas geleidelijk uitgewerkt kunnen worden. Vele van onze buurlanden zijn al aan hun tweede pensioenhervorming bezig; wij moeten nog beginnen met de eerste. Halsstarrig verzet stelt het noodzakelijke uit tot het uiteindelijk onvermijdelijk en zeer pijnlijk wordt. Ik heb respect voor de vakbonden en hun militanten, maar ze betogen tegen de zaak die ze willen verdedigen. Om pensioenen en sociale zekerheid te behouden, zullen ze moeten veranderen.

MARC DE VOS
Wie? Docent economie aan de UGent en directeur van denktank Itinera. Wat? De vakbonden moeten niet betogen, maar de pensioenen helpen hervormen. Waarom? Als ze nieuwe hervormingen boycotten zoals ze met het Generatiepact hebben gedaan, wordt de sociale zekerheid straks helemaal onbetaalbaar.
Jobaanbiedingen mogelijk dankzij :
Jobaanbiedingen mogelijk dankzij :
Jobaanbiedingen mogelijk dankzij :