Het kabinet Balkenende IV hoopt vrijdag een akkoord te kunnen aankondigen over een onderwerp dat lang een taboe geweest is: de verhoging van de pensioenleeftijd tot 67 jaar. De toenemende vergrijzing en de daling van de beroepsbevolking maken deze maatregel volgens de regering noodzakelijk. Door de verhoging zou jaarlijks vier miljard euro bespaard kunnen worden.
Concreet gaat het om de aanpassing van de Algemene Ouderdomswet (AOW). De AOW is een volksverzekering: iedereen die in Nederland woont, is automatisch verzekerd, of hij nu werkt of niet. En wie van 15 tot 65 altijd verzekerd is geweest, krijgt het basispensioen dat voor iedereen gelijk is, onafhankelijk van het inkomen. De werkenden betalen de premies voor de AOW. Op dit ogenblik bedraagt het AOW-pensioen 1.048 euro voor een alleenstaande en 730 euro voor samenwonenden en gehuwden.
Daarnaast hebben vele mensen nog een aanvullend pensioen dat ze opbouwen via de pensioenfondsen van hun werkgever, een systeem dat in Nederland al een stuk langer dan in België bestaat.
De coalitie van CDA (christendemocraten), PvdA (sociaaldemocraten) en ChristenUnie (protestanten) had in maart van dit jaar de verhoging van de AOW afgesproken. De sociale partners kregen de kans om zelf een akkoord te onderhandelen of een alternatief uit te werken, maar dat overleg strandde eind september.
Volgens diverse media is de coalitie het erover eens dat in 2020 de pensioenleeftijd in één keer naar 66 jaar gaat. In 2026 gaat de leeftijdgrens naar 67 jaar, ook in één keer of met tussenstappen. Mensen die op 1 januari 2010 55 of ouder zijn, zullen nog gewoon op 65 met pensioen kunnen gaan. Wie jonger is en toch op zijn 65ste wil stoppen, zal dat kunnen maar zal moeten inleveren.
PvdA en CDA zouden het er nog niet over eens zijn of ook de leeftijd voor de aanvullende pensioenen moet opgetrokken worden.
Het is uitkijken hoe de achterban van de PvdA op het voorstel zal reageren. Gisteren publiceerden twee kopstukken, Kamerlid Paul Kalma en oud-voorzitter Felix Rottenberg, in de Volkskrant een opiniebijdrage waarin ze erop aandringen niet overhaast te werk te gaan bij de hervorming van de AOW.
De vakbeweging is tegen de verhoging. Aan NRC-Handelsblad zei een woordvoerder van de grootste vakbond FNV: ‘Als dit doorgaat, is dat echt diep triest. We kunnen ons niet voorstellen dat het kabinet zo'n hardvochtig plan op tafel gaat leggen.'