woensdag 26 augustus 2009

NL : Pensioenfondsen doen het ook niet goed

De beleggingsresultaten van de grootste Nederlandse pensioenfondsen bleven vorig jaar achter bij de index. Dit ondanks het feit dat zij de ‘beste’ vermogensbeheerders voor het uitkiezen hebben. Van tevoren winnaars selecteren blijkt erg moeilijk.

Nederlandse pensioenfondsen hebben vorig jaar slechter gepresteerd dan de voor hen relevante beursindex. Dat concludeert NRC Handelsblad uit een analyse van meer dan dertig van de grootste Nederlandse pensioenfondsen.

Veel pensioenfondsen bleven 1 à 2 procent achter bij de index. Soms meer. Het ABP, het grootste pensioenfonds van Nederland, moest 5 procent prijsgeven. Het Shell pensioenfonds maar liefst 17 procent. De slechte beleggingsresultaten heeft de pensioenfondsen vorig jaar zo’n 16 miljard euro gekost. Dit komt overeen met twee jaar pensioenpremies van alle Nederlandse werknemers.

Een overvloed aan keuze

De meeste pensioenfondsen laten hun geld beleggen door externe vermogensbeheerders. Vanwege de grote sommen geld die zij beheren, hebben de pensioenfondsen toegang tot een enorm aantal vermogensbeheerders in binnen- en buitenland. Vermogensbeheerders willen maar al te graag een graantje meepikken van de rijk gevulde Nederlandse pensioenpot. Ze staan in de rij.

Dit enorme aanbod van professionele geldbeheerders brengt echter een probleem met zich: hoe scheidt je het kaf van het koren?

Iedereen weet immers dat de meeste vermogensbeheerders hun geld niet waard zijn. Een paar wel, maar wie? Om de krenten uit de pap te halen, schakelen pensioenfondsen allerhande adviseurs, consultants en andere beleggingsdeskundigen in. Tegenwoordig gaan veel pensioenfondsen nog een stap verder. Zij besteden het hele beleggingsproces aan één partij uit.

Die partij selecteert niet alleen de vermogensbeheerders, maar verzorgt ook allerlei operationele zaken, het risicomanagement, rapportage etc… Dit heet fiduciair beheer. En wordt aangeboden door gerenommeerde financiële instellingen, waaronder de twee grootste Nederlandse pensioenfondsen ABP en PGGM en de bank Goldman Sachs.

Ondanks het inschakelen van zo veel deskundigheid hebben de pensioenfondsen nog steeds de grootste moeite om de index te verslaan. De prestaties waren zeker vorig jaar onder de maat.

Maar bij veel pensioenfondsen zijn de langetermijnresultaten niet of nauwelijks beter. Dit zegt veel over de toegevoegde waarde van de zorgvuldig gekozen vermogensbeheerders. Maar ook over het vermogen van de pensioenfondsen en de door hen ingehuurde deskundigen om de ‘beste’ beheerders te selecteren.

Multi-managerfondsen

Er zijn ook banken die hun particuliere klanten toegang proberen te geven tot de ‘beste’ vermogensbeheerders ter wereld. Dat doen zij via zogenoemde multi-managerfondsen. Dat zijn beleggingsfondsen die hun geld laten beheren door een aantal zorgvuldig geselecteerde (externe) vermogensbeheerders.

In feite gebeurt daar precies hetzelfde als bij de pensioenfondsen: zoeken naar de crème de la crème. Maar ook bij deze multi-managerfondsen zijn de resultaten teleurstellend. Zo erg zelfs dat veel van deze fondsen inmiddels weer zijn opgedoekt. Zie mijn column van 27 april. Ook banken slagen er dus niet in de sterren te selecteren.

En de particuliere belegger?

Particuliere beleggers hebben toegang tot veel minder vermogensbeheerders dan pensioenfondsen en banken. Bij de meeste banken mag de particuliere belegger kiezen uit de huisfondsen van de bank, eventueel aangevuld met een beperkt aantal fondsen van andere aanbieders. Hoewel er tegenwoordig ook (kleinere) banken en vermogensbeheerders zijn die een ruimere keuze aanbieden.

Het aanbod voor de particuliere belegger is echter veel beperkter dan voor de professionele belegger. Hoe waarschijnlijk is het dan dat er een echt goede beheerder tussen zit? In ieder geval kleiner dan bij de pensioenfondsen. En als er al een ster bij zit, hoe moet de particuliere die dan van tevoren identificeren, gegeven dat professionele partijen met al hun kennis en ervaring er al zo’n moeite mee hebben?

Uit onderzoek weten we dat ook particuliere beleggers achter de sterren van gisteren aanjagen. Men belegt in de fondsen die de afgelopen één, drie of vijf jaar goed hebben gepresteerd. Zelden zijn dat de winnaars van morgen.
Jobaanbiedingen mogelijk dankzij :
Jobaanbiedingen mogelijk dankzij :
Jobaanbiedingen mogelijk dankzij :