zondag 29 maart 2009

Kredietrisico vergt extra buffers van verzekerde regelingen

Tientallen pensioenfondsen met een herverzekerde regeling komen door marktomstandigheden onder druk te staan en krijgen te maken met een verhoogd kredietrisico ten aanzien van hun verzekeraars, bevestigt toezichthouder De Nederlandsche Bank.

Het statistisch bulletin van de toezichthouder wijst erop dat pensioenfondsen die hun technische verzekeringsrisico’s en beleggingsrisico’s hebben verzekerd nog altijd te maken hebben met een kredietrisico ten opzichte van hun verzekeraar. Terwijl deze fondsen er juist van uit gingen dat alle risico’s uit handen waren gegeven, worden ze nu geconfronteerd met oplopende kapitaalvereisten ten gevolge van twee factoren: kredietbeoordelingen en uitlopende credit spreads.

“Zodra de kredietbeoordeling van de betrokken verzekeraar onder de drempel van DNB komt te liggen, te weten een S&P rating van AA- of hoger, moeten deze fondsen een buffer aanhouden,” weet Eugenio Koenders, consultant bij Mercer. “Als de kredietbeoordeling lager uitvalt, hangt de hoogte van de vereiste buffer af van de kredietspread van obligaties die door de betreffende verzekeraar worden uitgegeven.”

Fondsen die met deze problematiek te maken krijgen – hoofdzakelijk ondernemingspensioenfondsen die hun verplichtingen hebben herverzekerd bij verzekeraars zoals Eureko-dochter Interpolis of Fortis-dochter ASR – moeten nu noodgedwongen extra kapitaal aanhouden in de orde van grootte van 13-16% van hun vermogen.

“Het gaat echt om serieuze bedragen,” zegt John Smolenaers, consultant bij Watson Wyatt. Smolenaers vraagt zich af of dergelijke buffers nu echt wel zo nodig zijn. “Om welk risico gaat het hier precies, en wat is dat risico waard? Dat is de vraag waar het om draait,” zegt hij. Zo moeten er volgens Smolenaers substantiële buffers worden aangehouden voor contracten met bijvoorbeeld Fortis ASR, “terwijl het risico dat dit bedrijf kopje ondergaat nihil is, aangezien Fortis is genationaliseerd.”

Marktleiders Aegon en Nationale Nederlanden hebben hun kredietbeoordelingen tot dusver boven het minimaal vereiste niveau weten te houden. Maar pensioenfondsen die verzekerde regelingen hebben bij deze verzekeraars, beginnen zo onderhand toch ook wat nerveus te worden.

Als verzekeraars eenmaal onder de AA- lat zakken, staan hun herverzekerde fondsen namelijk al snel met de rug tegen de muur: “Omdat herverzekerde pensioenfondsen al hun activa hebben overgedragen aan de verzekeraar, is er bij deze fondsen gewoon geen enkele ruimte om buffers te creëren voor het opvangen van dit soort van tegenpartijrisico’s,” legt Koenders van Mercer uit.

Ondernemingspensioenfondsen die binnenkort hun herverzekeringscontract moeten verlengen – een gemiddeld herverzekeringscontract heeft een looptijd van vijf jaar – doen er in elk geval goed aan om de kredietwaardigheid van hun verzekeraar in hun evaluatie mee te nemen, concludeert hij.
Jobaanbiedingen mogelijk dankzij :
Jobaanbiedingen mogelijk dankzij :
Jobaanbiedingen mogelijk dankzij :