zaterdag 7 februari 2009

Pensioenen ineens niet zeker meer

Het pensioen leek gegarandeerd en waardevast. Maar door de kredietcrisis verkeren veel ouderen in angst. ‘Ik ga doodgewoon in inkomen achteruit.’

Het pensioen van Ans de Jong-Nonner (65) wordt dit jaar niet verhoogd. De dekkingsgraad van haar pensioenfonds – van de Gasunie – is in een jaar gekelderd van 139 naar 98 en in dat geval zijn de regels onverbiddelijk: minder dan 105 procent betekent niet indexeren. ‘Dat scheelt dus 2,9 procent aan inkomen.’

Logisch misschien maar niet eerlijk, vindt ze. ‘De actieven hebben nu nergens last van, hun opbouw gaat gewoon door.’

Nederlandse gepensioneerden zijn onzeker. Velen , zoals De Jong-Nonner, die vijf jaar met pensioen is, maken voor het eerst mee dat hun pensioenen niet meegroeien met de inflatie . ‘Het was de bedoeling dat we onze levensstandaard konden handhaven. Als de pensioenenuitkeringen straks ook nog gekort worden, dan worden tweeënhalf miljoen gepensioneerden heel boos en heel verdrietig.’

Ook bij de Belangenvereniging Gepensioneerden Pensioenfonds Zorg en Welzijn (dekkingsgraad teruggelopen van 148 naar 92) is de stemming bedrukt. ‘We zijn ook omdat we bang zijn voor de volgende stappen’, zegt bestuurder Gerlof Hoekstra (73). ‘Als we onze buffers binnen drie jaar moeten herstellen (zoals De Nederlandsche Bank voorschrijft, red.), is het zeer de vraag of we dat redden zonder een verlaging van de pensioenen.’

Een verhoging van de premie, acht Hoekstra niet waarschijnlijk. ‘Ik denk niet dat de vakbonden daarmee zullen instemmen en de werkgevers ook niet. Die vinden nu al dat ze meer dan genoeg bijdragen.’

Hoekstra en de meeste medegepensioneerden gingen ervan uit dat de hoogte van hun pensioenen in beton gegoten was. Dat sentiment leidde ertoe dat de ouderenbond Unie KBO deze week eiste dat minister Donner van Sociale Zaken de hoogte van pensioenen zou garanderen. ‘Een waardevast pensioen wordt echt als een recht beleefd’, zegt Hoekstra. ‘Gepensioneerden hebben daar niet voor niets heel hun leven voor betaald.’

De meeste gepensioneerden lijken te zijn vergeten dat een Nederlandse pensioen in wezen geen enkele garantie biedt – behalve als de werkgever heeft beloofd in geval van nood bij te springen, maar dat is bij de meeste pensioenfondsen niet (meer) het geval.

‘Als je volledige zekerheid wilt over de hoogte van je pensioen, dan worden de premies veel te hoog en doen werkgevers en werknemers niet meer mee’, zegt Olaf Sleijpen (38) van APG Groep en Cordares (pensioenuitvoerders voor pensioenfondsen bij onder meer de overheid en de bouw). ‘De ene groep, de ouderen, wil zekerheid. De andere groep zegt: ik heb nog twintig jaar te gaan tot mijn pensioen, ik wil best wat risico lopen. Daar moet je een balans tussen vinden.’

Die balans leek de afgelopen jaren te zijn gevonden. Als pensioenfondsen op hun beleggingen een rendement boekten van 6 à 7 procent, dan was iedereen tevreden. De premies bleven relatief laag en de ouderen leken verzekerd van een mooi, waardevast pensioen.

Het kostte de pensioenfondsen lange tijd weinig moeite om dit rendement te halen. De beurskoersen gingen tussen 1980 en 2000 in een vrij constante lijn omhoog.

De eerste problemen ontstonden pas rond 2001. De beurskoersen gingen onderuit en de rente op staatsobligaties was inmiddels gezakt tot 4 à 5 procent. Sommige pensioenfondsen kwamen daardoor ook toen al in de problemen. In de jaren erna zochten ze naar steeds exotischer beleggingen om de benodigde rendementen te halen. Ze stopten miljarden in opkoop- en hedgefondsen, die hun geld verdienen met financiële tovenarij.

Volgens Sleijpen hadden ze geen keus. ‘Je wilt de pensioenen laten meegroeien met de prijsstijgingen, zonder dat het onbetaalbaar wordt. Dat kan alleen als je risico neemt met je beleggingen.’

Een rendement van 6 à 7 procent is echt niet raar, vindt Sleijpen. ‘Je kunt niet zeggen dat pensioenfondsen de afgelopen jaren te hard op rendement hebben gejaagd. Banken hadden vaak de doelstelling om 10 tot 12 procent rendement op eigen vermogen te maken.’

Dat kan wel zijn, vindt Rob Bakker, pensioenadviseur en bestuurslid bij drie pensioenfondsen, maar risico is risico. ‘Je kunt wel een risicopremie incasseren, maar ooit word je daarvoor gestraft. Ik vraag me af of de gemiddelde gepensioneerde hier wel om heeft gevraagd. Misschien heeft hij liever dat hij uiteindelijk wat minder krijgt, maar dat dat bedrag wel is gegarandeerd.’

Er is één troost voor gepensioneerden die hun pensioen zien verkruimelen: de prijzen gaan volgend jaar misschien ook wel omlaag. De inflatie in Nederland, en daarbuiten, is hard op weg om te veranderen in deflatie. Met een beetje geluk stijgt de koopkracht, dus. ‘Je zou kunnen zeggen dat de pensioenen ook wel omlaag kunnen, maar zo werkt het psychologisch niet’, zegt Bakker. ‘Dat zal toch ervaren worden als een achteruitgang.’

Sleijpen is faliekant tegen een verlaging van de pensioenen. ‘Dat doe je alleen als je er echt niet meer uitkomt. En dat punt hebben we nog niet bereikt.’ De premies hoeven wat hem betreft ook niet omhoog. ‘Het onmiddellijke effect ervan is beperkt. Om de dekkingsgraden substantieel op te krikken, zijn onaanvaardbare hoge premiestijgingen nodig. Het is bovendien nog helemaal niet gezegd dat we een periode van zeven magere jaren ingaan.’

Sleijpen blijft een fervent aanhanger van het Nederlandse pensioenstelsel. In zijn oratie die hij vrijdag hield als bijzonder hoogleraar in Maastricht, pleitte hij er hartstochtelijk voor het Nederlandse pensioenstelsel te exporteren. ‘In de landen om ons heen is het pas echt bar en boos. Die hebben vrijwel niets gespaard voor hun pensioen. Om nu te zeggen dat het bij ons niet deugt, gaat me te snel. Dan praten we onszelf een probleem aan.’

‘Amerikanen zeggen tegen mij: waar hebben jullie het over? Daar moeten mensen zelf voor hun pensioen sparen. Die hebben door de crisis nu vaak gewoon niets meer. Ze kunnen niet eens met pensioen. Een hele generatie is gedwongen langer door te werken.’

Herman Kolenbrander (64) kon op zijn 60ste zelfs met prepensioen. Maar een vetpot is het niet. Het pensioenfonds Van de Vereenigde Glasfabrieken waarvan hij zijn geld krijgt, kampt al jaren met tekorten. ‘Sinds 2000 hebben we er 4 procent bij gekregen, terwijl de prijzen met 16, 17 procent zijn gestegen’, zegt Kolenbrander. ‘Dat betekent dus doodgewoon dat je achteruit gaat in je inkomen. En dat zal de komende vier à vijf jaar ook wel zo zijn.’

De gepensioneerden ondergaan het gelaten. ‘We zijn een gehoorzame groep’, zegt Kolenbrander. ‘Bovendien: waar niets is, verliest de keizer zijn rechten. En wat kunnen we doen? We kunnen niet staken of boos worden op onze werkgever. We zouden wel willen dat vakbonden wat meer aan de gepensioneerden denken, maar dat doen ze niet. We kosten alleen maar geld.’
Jobaanbiedingen mogelijk dankzij :
Jobaanbiedingen mogelijk dankzij :
Jobaanbiedingen mogelijk dankzij :