Doorgaan naar hoofdcontent

Afschaffing solidariteitsbijdrage maakt niet rijk

De eerste fase van de afschaffing van de solidariteitsbijdrage voor gepensioneerden zal geen nieuwe rijken creëren, zo blijkt.

De eerste fase van de afschaffing van de solidariteitsbijdrage – nog beslist door de tussentijdse regering Verhofstadt III eerder dit jaar – slaat op ongeveer 350.000 personen.

Het gaat niet om de ‘laagste pensioenen’. Die betaalden geen solidariteitsbijdragen. Tot ruwweg 1.200 euro per maand – en dat is meer dan het gemiddeld wettelijk pensioen voor een werknemer – was men daarvan vrijgesteld. De solidariteitsbijdrage gold alleen voor de gemiddelde en de hogere pensioenen.

De afschaffing sinds 1 juli geldt voor de zowat 350.000 pensioeninkomens (extralegale pensioenen incluis) tussen ongeveer 1.200 en 2.000 euro per maand (2.300 euro voor gezinspensioenen). Die gepensioneerden betaalden 0,5 procent en vanaf ongeveer 1.500 euro 1 procent solidariteitsbijdrage.

Als die wegvalt, levert dat tussen 6 en zowat 20 euro winst op per maand. Maar dat zijn bruto-bedragen: er gaat nog bedrijfsvoorheffing af. Voor een aantal mensen is het eindresultaat zelfs nul of bijna nul: voor wie door de toevoeging van enkele euro’s in een hogere belastingschijf valt.

De volgende fasen van de afschaffing van de solidariteitsbijdrage, zullen de betrokkenen meer opleveren. Zij betalen nu nog 1,5 tot 2 procent op hun pensioeninkomen. Dan gaat het over bedragen van 30 en 50 euro per maand en meer. Bruto wel te verstaan. Guy Tegenbos

Populaire posts van deze blog

Kosten vergrijzing wegen almaar zwaarder door: toekomstige regering wacht lastige taak om oplossing te vinden

Waar uitkeringen, gezondheidszorg of pensioenen vandaag ruim een vierde van onze gezamenlijk geproduceerde welvaart opeisen, zal dat tegen 2070 al een derde zijn. En dat is voor het overgrote deel te wijten aan de vergrijzing van onze bevolking. Dat blijkt uit het nieuwe jaarrapport van de Studiecommissie voor de Vergrijzing. En zo weten de regeringsonderhandelaars nog eens duidelijk wat hen te doen staat. Vervolg VRT Rapport Studiecommissie voor de Vergrijzing

Gemiddelde pensioenleeftijd blijft steken op 63 jaar

De werkelijke gemiddelde pensioenleeftijd van de Belgen blijft liggen op 63 jaar en bijna 4 maanden, ondanks de ambities van de overheid om de Belg langer te laten werken. Dat stelt het hr-dienstenbedrijf Acerta op basis van gegevens van 260.000 werknemers. 'De cijfers tonen aan dat de Belg met vervroegd pensioen blijft gaa n zodra het kan. Om de reële pensioenleeftijd op te trekken kunnen bedrijven nog meer inzetten op landingsbanen en werkbaar en wendbaar werk', klinkt het. Vervolg