Doorgaan naar hoofdcontent

Belgische fondsen hebben last van inflatie

Belgische pensioenfondsen behaalden gedurende de eerste helft van dit jaar een rendement van 1,14%, fors lager dan de 9% die de fondsen aan het einde van 2010 mochten bijschrijven. Dit blijkt uit de laatste cijfers van de Belgische Vereniging van Pensioeninstellingen (BVPI).

Ondanks het lagere resultaat is het rendement “goed” te noemen, zegt Philip Neyt, de voorzitter van de Belgische pensioenkoepel. Volgens Neyt liggen de langetermijn beleggingsdoelstellingen van de BVPI – waarbij wordt gekeken naar rendementen in een cyclus van 25 à 30 jaar – nog steeds stabiel op schema en is de huidige marktvolatiliteit geen reden tot zorg.

De fondsen die bij de BVPI zijn aangesloten, zijn goed voor ongeveer 16 miljard euro van de 60 miljard euro aan belegd vermogen in de Belgische pensioensector.


Karel Van Gutte, sinds 1 augustus Secretaris-Generaal van de BVPI, zegt dat pensioenfondsen wel te lijden hebben van de crisis. Als er rekening wordt gehouden met inflatie, smelt het positieve rendement van 1,14% in juni weg tot een negatief rendement van -1,39%.

In elk geval zijn Belgische pensioenfondsen niet blijven zitten met Grieks schuldpapier, aldus Van Gutte. Onder de huidige beleggingsrichtlijnen hebben pensioenfondsen automatisch Grieks staatsschuldpapier van de hand gedaan zodra het schuldpapier als gevolg van de schuldencrisis een kredietwaardering kreeg die lager lag dan ‘investment grade’, vertelde hij aan ons zusterblad IPE.

Ondertussen slepen de onderhandelingen om een nieuwe Belgische regering te vormen nog altijd aan. Volgens Van Gutte maken ook pensioenkwesties deel uit van de onderhandelingen. Zo wordt er onder meer gesproken over praktische voorstellen om de Belgische tweede pijler te versterken buiten de 48 arbeidssectoren die momenteel onder de Wet Vandenbroucke vallen.

Eind juni 2011 bestond de gemiddelde beleggingsmix van fondsen aangesloten bij de BVPI uit 38% zakelijke waarden, 50% vastrentende waarden, 5% vastgoed, 3% liquide middelen en 4% andere categorieën.

Bron : IPE 


Populaire posts van deze blog

Kosten vergrijzing wegen almaar zwaarder door: toekomstige regering wacht lastige taak om oplossing te vinden

Waar uitkeringen, gezondheidszorg of pensioenen vandaag ruim een vierde van onze gezamenlijk geproduceerde welvaart opeisen, zal dat tegen 2070 al een derde zijn. En dat is voor het overgrote deel te wijten aan de vergrijzing van onze bevolking. Dat blijkt uit het nieuwe jaarrapport van de Studiecommissie voor de Vergrijzing. En zo weten de regeringsonderhandelaars nog eens duidelijk wat hen te doen staat. Vervolg VRT Rapport Studiecommissie voor de Vergrijzing

Is het waar dat de jonge leraars 400 à 600 euro per maand minder pensioen zullen krijgen? - DeWereldMorgen.be

Steeds verder gaat de federale regering in de afbraak van het wettelijk pensioen, zowel voor de werknemers uit de privé als voor de ambtenaren. De uitstapleeftijd neemt toe en het pensioenbedrag neemt af. Ook de sector onderwijs deelt in de klappen. “Weinig sectoren zijn zo zwaar getroffen door de pensioenhervormingen als het onderwijs. Leerkrachten die aan het begin van hun loopbaan staan, zullen vijf tot acht jaar langer moeten werken en als alle geplande maatregelen uitgevoerd worden, zullen ze maar liefst 400 à 600 euro netto per maand minder pensioen krijgen”. Dat schrijven 25 delegees van zes Vlaamse en Franstalige onderwijsvakbonden in een Opinie/Carte Blanche die o.a. verscheen in “Le Vif” (4 december 2017) en op “De Wereld Morgen” (14 december). Zo begint ook een Petitie tegen de afbraak van het onderwijspensioen. Stemmen de hallucinante cijfers die in de Opinie en in de Petitie vermeld worden, met de werkelijkheid overeen? Is het waar dat de jonge leraars 400 à 600 eu...