Dat de werkloosheid zo snel weer is beginnen te dalen, heeft te maken met de dreigende vergrijzing, zegt onderzoeker Wim Herremans.
Uit uw onderzoek blijkt dat het effect van de crisis op de arbeidsmarkt korter duurde dan voorheen het geval was. Hoe komt dat?
Dat heeft te maken met een structurele krapte op sommige delen van de arbeidsmarkt, die nog versterkt wordt door de vergrijzing. Doordat er steeds meer oudere werknemers met pensioen gaan, ontstaat er automatische een vrij behoorlijke vervangingsvraag. Die zal in de toekomst nog toenemen. Je ziet dat knelpuntberoepen ook tijdens de crisis zijn blijven bestaan.
Is dat slecht nieuws?
Nee, het opent perspectieven en biedt kansen. Bijvoorbeeld voor groepen die nu slecht vertegenwoordigd zijn op de arbeidsmarkt, zoals allochtonen. Dergelijke opportuniteiten moeten we benutten, maar daarvoor moet de arbeidsreserve beter op de vraag van bedrijven worden afgestemd. Bijvoorbeeld door opleiding en onderwijs.
Stevenen we af op tekorten aan sommige beroepscategorieën?
Die situatie doet zich nu al voor in bepaalde beroepsgroepen. Dat kunnen we voor een deel oplossen door oudere werknemers langer aan de slag te houden, of na ontslag opnieuw aan de slag te krijgen. Ook migranten kunnen hier een oplossing bieden. Hun werkzaamheidsgraad is zeer laag in België.
Is dit niet een probleem dat zichzelf zal oplossen? Geen enkel bedrijf zal vijftigplussers afdanken als ze niet kunnen worden vervangen, en er daardoor te weinig volk overblijft.
Dat vijftigplussers langer blijven werken, vergt wel bepaalde aanpassingen. Met aangepaste werkomstandigheden kan de druk van de ketel worden gehaald. Ook de maximumleeftijd voor activering van werklozen kan worden aangepast. Die ligt nu op 52jaar. Daarmee geef je eigenlijk het signaal dat het daarna niet meer zo nodig is om nog werk te zoeken. Dat is een fout signaal. Het debat daarover is aan de gang; dat is een belangrijke piste.
Zal het nodig blijken te zijn om mensen uit het buitenland te halen om de eventuele tekorten in te vullen?
Dat is een piste die bekeken moet worden. We zitten natuurlijk nog met een behoorlijke reserve van migranten die al in België zijn. Maar knelpuntberoepen kunnen mogelijk wel ingevuld worden door migranten met de geschikte kwalificaties. Voor mensen die een knelpuntberoep kunnen uitoefenen, is arbeidsmigratie nu al mogelijk.
Hoe groot is het probleem eigenlijk?
We hebben eerder al bekendgemaakt dat er tussen 2009 en 2014 zo'n 300.000 arbeidsplaatsen moeten worden ingevuld. Dat cijfer is hoger dan in de voorbije perioden.
De Belgische arbeidsmarkt herstelt vrij snel van de crisis, maar er zijn landen die het veel beter doen, zoals Duitsland, of veel slechter, zoals Ierland. Hoe is dat verschil te verklaren?
Enerzijds heeft de crisis niet overal even hard toegeslagen. De impact was zeer uiteenlopend. Daarnaast speelt ook de structuur van de arbeidsmarkt en het gevoerde beleid een rol.
Wat kunnen we leren van Duitsland?
De Duitse arbeidsmarkt heeft een sterke mate van flexibilisering, en de effecten zijn er. De werkloosheid zit nu onder het niveau van vóór de crisis. Maar wat we aan die cijfers niet zien, is om welk soort jobs het gaat. In Duitsland is het aantal zogenaamde mini-jobs sterk toegenomen. Dat zijn jobs waarvan het loon zo laag ligt, dat het moet worden aangevuld met een uitkering. Duitsland is dus niet een eenzijdig positief verhaal. Voordat we hiervan elementen overnemen, moeten we het model eerst grondig analyseren en vanuit onze eigen context benaderen.