zondag 17 oktober 2010

De opinie van Guido De Padt,Regeringscommissaris: Vergrijzing noopt tot moedige veranderingen

De vergrijzingstsunami staat voor de deur en zal een zeer grote maatschappelijke impact teweegbrengen. Toch slagen we er in België vooralsnog niet in ons goed voor te bereiden op de vergrijzingsgolf. De kosten van de vergrijzing stijgen, net zoals de overheidsschuld. Een aanzienlijk deel van onze welvaart zal opgeslorpt worden door de vergrijzing.

De evolutie in ons land staat ook in schril contrast met wat Europa voorschrijft. Als we met alle vergrijzinguitgaven rekening houden behoort België in Europa tot de landen waar de kosten, in termen van procenten van het BBP, het hoogst liggen. Het systeem dreigt bij ongewijzigd beleid financieel onhoudbaar te worden. Ingrijpen is dus dringend noodzakelijk. Onze sociale welvaartsstaat dient aangepast te worden aan de veranderende omstandigheden. De vergrijzing stelt ons voor enkele uitdagingen en noopt tot moedige veranderingen.

De uitdagingen en veranderingen

Een belangrijke uitdaging in de 21ste eeuw bestaat erin de gevolgen van de vergrijzing op ons sociaal welvaartssysteem het hoofd te bieden en een herhaling van het vergrijzingscenario te vermijden. Die gevolgen betreffen stijgende uitgaven in de pensioenen, hogere uitgaven in de gezondheidszorg, een dalende actieve bevolking, met kreunende overheidsfinanciën tot gevolg. Ook de internationale rentetarieven dreigen te stijgen, wat kan leiden tot een ineenstorting van de financiële markten en enkele rake klappen voor de economie. Dat heeft de recente geschiedenis ons alvast geleerd.

We moeten dus de financiering van onze sociale zekerheid veilig stellen en onze welvaart op peil proberen te houden. Verder dienen we het armoederisico van ouderen tegen te gaan en hen een volwaardige plaats in onze samenleving garanderen, samen met een kwaliteitsvolle en betaalbare ouderenzorg. We moeten ook het evenwicht herstellen tussen de solidariteit en de verzekering voor de oude dag. De creatie van een transparanter en eenvoudiger pensioenlandschap dat solidair is en zorgt voor een rechtvaardige spreiding van de lasten, zowel tussen als binnen generaties, is een belangrijke uitdaging.

Dit zullen allemaal geen makkelijke opdrachten worden. Er bestaan namelijk een aantal structurele redenen waarom België onvoldoende gewapend is tegen de vergrijzing en haar gevolgen. In de eerste plaats beschikt ons land over een hoge overheidsschuld. Die neemt nog toe, ondermeer ten gevolge van de financiële en economische crisis. We creëren voorlopig dus niet de noodzakelijk begrotingsoverschotten. Het afbouwen van de staatschuld en het voorzien van budgettaire beleidsruimte zijn twee belangrijke uitdagingen waar we voor staan.

Daarnaast kent België een zeer lage werkzaamheidsgraad bij haar oudere bevolking. Die moet worden opgekrikt. We moeten dus investeren in de potenties van de ouderen in onze samenleving. Maar ons land wordt ook gekenmerkt door een hoge fiscale en parafiscale druk. Die moeten naar beneden. Aanpassingen aan de arbeidsmarkt zijn ook nodig. Daarbij gaat het ondermeer om het verlagen van de loonkosten, de beperking van de werkloosheidsuitkeringen in de tijd, het tegengaan van de werkloosheidsval en een betere afstemming tussen het onderwijs en de arbeidsmarkt.

Bovendien blijken de reeds genomen maatregelen, zoals het Zilverfonds, de Wet op de Aanvullende Pensioenen en het Generatiepact, ontoereikend om de uitdagingen de baas te kunnen. De kosten van de vergrijzing vallen ook bijna volledig ten laste van de federale overheid en de sociale zekerheid. De lokale besturen en de gemeenschappen en gewesten gaan bijna vrijuit in de financiering van de kosten van de vergrijzing. De communautaire verhoudingen bemoeilijken bovendien een gecoördineerd beleid. Een staatshervorming en fiscale responsabilisering van de regio’s, ondermeer voor de pensioenen van hun eigen ambtenaren, zijn twee prominente uitdagingen die we moeten durven aangaan.

Tot slot moeten we ook de pensioen- en gezondheidszorgstelsels herdenken en hervormen. In de eerste plaats dienen we de stijgende kosten in de gezondheidszorg te drukken, niet in het minst de kosten van het geneesmiddelengebruik. Een herziening van de rol van de mutualiteiten en een directe terugbetaling van de medische kosten kunnen bijvoorbeeld soelaas brengen.

Maar we moeten vooral het pensioenstelsel in ons land herdenken en hervormen.

België wordt immers gekenmerkt door een extreem complex pensioenstelsel. De wettelijke pensioenen behoren bovendien tot de laagste in Europa, terwijl de tweede en derde pijler relatief onderontwikkeld zijn. Er bestaan ook enorme verschillen tussen de pensioenen van de verschillende beroepsgroepen, om dan nog maar te zwijgen van een aantal historische handicaps, zoals de ondertewerkstelling van oudere werknemers ondermeer door de toekenning van het brugpensioen. Belangrijke uitdagingen waar we voor staan zijn de evolutie naar een gemengd systeem van repartitie en kapitalisatie, een uniform en flexibel pensioenkader en een aanpassing van het pensioenstelsel voor ambtenaren.

Langer werken.

De belangrijkste uitdaging betreft echter ervoor te zorgen dat mensen in ons land langer aan het werk blijven. Op die manier kan de inkrimping van de bevolking op beroepsactieve leeftijd worden gecompenseerd. De druk op gezinnen met opgroeiende kinderen door de concentratie van de arbeid in de jonge levensfase, kan eveneens naar beneden gebracht worden. Bovendien leven de mensen niet alleen langer, maar verkeren ze ook langer in goede gezondheid. De economische uitsluiting van ouderen gaat trouwens gepaard met enorme verkwisting van kennis, ervaring en vaardigheden.

Om die redenen moeten we een beleidsplan uitstippelen dat vertrekt van het perspectief van een levensloop. De activering van de ouderen in onze samenleving moet wel gericht zijn op het geheel van onze uitkeringsstructuren. We mogen ons dus niet beperken tot de aanpassing van de pensioenleeftijd en de afschaffing van de brugpensioenen. We dienen ook rekening te houden met de werkloosheidsuitkeringen en de invaliditeitsuitkeringen. Zoniet produceren we communicerende vaten.

Bedrijven dienen ook gestimuleerd te worden om ouderen langer aan het werk te houden. De uitstoot van oudere werknemers mag niet langer gebruikt worden als een goedkoop instrument van personeelsbeleid ten koste van de samenleving. Aangepast werk creëren voor ouderen zonder negatief effect op de productiviteit is nog een belangrijke uitdaging als we de ouderen langer aan het werk willen houden. Een laatste uitdaging betreft een betere combinatie tussen werk en gezin. Op die manier kunnen we ervoor zorgen dat mensen niet uitgeblust zijn tegen hun 55ste en nog langer willen werken. De te nemen maatregelen mogen wel geen negatief effect hebben op de tewerkstelling en de productiviteit in ons land.

Er is dus nog heel veel werk aan de winkel…
Jobaanbiedingen mogelijk dankzij :
Jobaanbiedingen mogelijk dankzij :
Jobaanbiedingen mogelijk dankzij :