donderdag 16 september 2010

Belgische tijd tikt niet trager

EEN REGERING EN EEN PENSIOENDEBAT, EN LIEFST NU

De vakbonden protesteren in Brussel tegen pensioenplannen die nog niet bestaan.

JOHN CROMBEZ wil geen interimregering meer, hij wil snel een volwaardige regering, die eindelijk ons pensioenstelsel hervormt. Tenzij we dat ineens niet meer dringend vinden?

Paniek in Nederland. Vorige maand zagen veertien pensioenfondsen zich genoodzaakt om, en stoemelings, te snoeien in hun pensioenuitkeringen. De buffers drogen op. Dat leidde vorige zondag in het tv-programma Buitenhof tot een merkwaardig eensgezinde én verontrustende boodschap, vertolkt door consultants van pensioenfondsen en vertegenwoordigers van werknemers en het Centraal Planbureau. Die boodschap kwam er, vrij vertaald, op neer dat de Nederlanders geen zekerheid meer kunnen hebben over hun pensioenrechten. Spraken ze vroeger nog over herstelmaatregelen, vandaag klinkt het boudweg dat de fondsen 'op' zijn.

Even eensgezind werden er vervolgens twee draconische oplossingen gesuggereerd. Eén, de pensioenen voor deze generatie moeten dringend en aanzienlijk omlaag. Anders blijft er voor de volgende generaties gewoon niets meer over. Twee, een deel van de (oude) bestuurders in de pensioenfondsen moet worden vervangen door jongere mensen. Die zullen meer geneigd zijn om zich te bekommeren over de situatie binnen 15 jaar. Het scherpt het middellange termijndenken aan, en dat is niet alleen in Nederland een absolute noodzaak in het pensioendebat.

Zo concreet, en rauw, als het pensioendebat in Nederland gevoerd wordt, zo stil blijft het in België. Het Belgisch pensioenstelsel is natuurlijk ook niet te vergelijken met het Nederlandse. In Nederland vormt de tweede pijler, de pensioenregeling via de werkgever, bijna de helft van de totale pensioenopbouw. Omdat deze tweede pijler bouwt op een gekapitaliseerd systeem en belegd is in aandelen en risicovolle producten, is deze zwaar getroffen door de crisis.

In België kennen we dat verhaal (gelukkig) veel minder. Hier staat de eerste pijler, pensioen van overheidswege, nog voor 90procent van het pensioenstelsel. Maar wij worstelen dan weer met een geloofwaardigheidsprobleem. Jongeren geloven niet dat er voor hen nog een pensioen zal zijn. En de stem van die jongeren weegt ook bij ons vandaag helaas te weinig in het tot nu toe al te bescheiden pensioendebat. We moeten samen met hen komen tot een nieuw contract dat een versterking inhoudt van het wettelijk pensioenstelsel. Er is nood aan een globale discussie om te voorkomen dat het ooit zo ver komt als in Nederland.

De urgentie voor een debat ten gronde is in België dus niet minder groot, de tijd tikt hier niet trager. Geert Noels spreekt terecht van een tijdbom. Herstel blijft uit na de bankencrisis en hoewel de staatsschuld 100 procent bedraagt, is er nog altijd geen zicht op een degelijk plan om de begroting te saneren en voldoende groei te creëren. Waarom blijft het gevoel van hoogdringendheid ontbreken in ons land? Waarom is er geen urgentiegevoel om de banksector echt op orde te stellen, de economie competitief te maken, de staatsschuld terug te dringen, een toekomst voor te bereiden waar de jongere generaties in geloven?

We hebben ondertussen drie jaar crisis en vier jaar stilstand achter de rug. Je vraagt je af waarom de generaties die na 2020 met de (non-)beslissingen van vandaag zullen moeten leven, zich niet roeren. Ze hebben weliswaar andere redenen dan de Nederlanders om te zeggen: 'Genoeg is genoeg', maar in se is de discussie dezelfde.

Brugpensioen

Ik ben het eens met wat Marc De Vos hier gisteren schreef (DS 15 september): landen rondom ons zijn volop met de hervorming van hun pensioenen bezig, wij blijven ter plaatse trappelen. Anders dan De Vos vind ik dit niet de exclusieve verantwoordelijkheid van de werknemers. We zullen met z'n allen de beschuldigende vinger moeten achterwege laten. We mogen het betreuren dat nog altijd te veel bedrijven te snel naar het brugpensioen grijpen: het is zinvoller om de hele context te bekijken en te hervormen zodat bedrijven minder snel in de verleiding komen om naar dat instrument te grijpen.

Dit debat leidt nergens toe als we niet samen de handen aan de ploeg slaan. Centraal in de hoogdringende pensioendiscussie staat immers een immense herverdelingsvraag, waar we alle geledingen van de samenleving in mee moeten krijgen. Ondernemers en werknemers, ouderen en jongeren. Centraal staat de vraag hoeveel middelen er zullen zijn om de armoede terug te dringen, de verjonging te betalen, de bedrijven en zelfstandigen beter te laten werken, degelijke lonen en pensioenen uit te betalen en ecologie en economie te verzoenen in een duurzaam ontwikkelingsmodel.

Dit kan alleen in een grondige discussie met velen die bereid en in staat zijn om vooruit te blikken.

We moeten, zoals in Nederland, de problemen heel concreet bij naam noemen. En ook in ons land moeten we mensen rond de tafel krijgen die verder kunnen kijken dan de nabije toekomst. Daarom moeten we in dit debat dringend de stemmen van de generatie 2020 betrekken. De politiek zelf moet zijn kijk daarom verbreden.

Ik kijk in dit opzicht echt niet uit naar een Leterme III of Verhofstadt IV, en al helemaal niet naar een Reynders XI. We moeten snel een volwaardige regering op de been brengen die in staat zal zijn om beslissingen te nemen die de welvaart en het welzijn van deze en de volgende generaties duurzaam en geloofwaardig te vrijwaren. Er is nog veel mogelijk, maar de tijd tikt genadeloos.

JOHN CROMBEZWie? Vlaams parlementslid en pensioenspecialist voor SP.A. Wat? In het pensioendebat moet niemand met de vinger gewezen worden. Waarom? Een dergelijke uitdaging moet samen aangepakt worden.
Jobaanbiedingen mogelijk dankzij :
Jobaanbiedingen mogelijk dankzij :
Jobaanbiedingen mogelijk dankzij :