Doorgaan naar hoofdcontent

Meer sociale uitkeringen naar Vlaanderen

In Vlaanderen zal volgende decennia het aantal uitkeringstrekkers toenemen, vooral door de vergrijzing.

Het aantal uitkeringstrekkers in Vlaanderen zal volgende decennia fors toenemen. Vooral door de vergrijzing, die intenser is in Vlaanderen dan in Wallonië of Brussel (zie grafiek boven). Vlaanderen ‘ontgroent' ook sterker dan Wallonië en Brussel, het telt minder geboortes en minder jongeren.

Maar dat leidt niet tot een omkering van de ‘transfers' in de sociale zekerheid. Wallonië zal in 2050 nog altijd meer uitkeringsgeld per inwoner nodig hebben dan Vlaanderen. En Vlaanderen zal nog lange tijd meer bijdragen tot de sociale zekerheid, de inkomens in België worden immers vooral verdiend in de ‘ruit' tussen Antwerpen, Gent, Brussel en Leuven (zie kaart 1).

Al behoort een groot stuk van Waals-Brabant ook tot die ‘rijke ruit'. Dat is de belangrijkste politieke conclusie die men kan trekken uit een nieuwe rapport van het Centrum voor Sociaal Beleid (CSB) van de Universiteit Antwerpen: het brengt de ‘geografie van de sociale zekerheid' in kaart per gemeente. Het is de eerste keer dat dit gebeurt en levert nieuwe inzichten op. De kaarten zijn te raadplegen op de website van het CSB.


De snellere veroudering van Vlaanderen, uitgetekend per gemeente, leert dat West-Vlaanderen de provincie is met relatief gezien het meeste gepensioneerden. De veroudering van de bevolking wordt daar versterkt door de emigratie van jongeren uit de provincie, en de immigratie van ouderen naar de kustgemeenten.

De berekeningen tonen dat het aandeel van Vlaanderen in de sociale uitkeringen toeneemt, maar tot 2050 nog onder het Waals niveau blijft (2050: Vlaanderen 463 euro per maand per inwoner, Wallonië 487).

In Brussel worden relatief minder sociale uitkeringen uitbetaald omdat er verhoudingsgewijs minder ouderen en veel meer jongeren zijn door de immigratie.

De steden vormen almaar meer de motor van de economische groei. Maar niet alle steden nemen die rol even sterk op. De Vlaamse steden Antwerpen, Gent, Mechelen en Leuven bijvoorbeeld doen dit, Brussel zeker ook, maar de Waalse steden Charleroi, Bergen en Namen doen dit veel minder. Luik doet dat dan weer wel.

De steden zelf putten daar niet veel voordeel uit. De hoge inkomens gaan vooral naar pendelaars en naar inwoners van randgemeenten; de sterkeren trekken weg uit de steden.

Er wordt al behoorlijk meer kinderbijslag betaald in Wallonië en in Brussel, doordat in Vlaanderen het kinderaantal – tot voor kort – sterk daalde. In Limburg en de Antwerpse Kempen is de ontgroening nog het minst gevorderd, blijkens de cijfers van de kinderbijslag.

Er worden veel ‘ziekte-uitkeringen' betaald in de industriële zones in Zuid-West-Vlaanderen en Limburg; ‘invaliditeitsuitkeringen' komen meer voor in de oude industriegebieden van Henegouwen en Limburg en dat geldt ook voor de uitkeringen voor erkende beroepsziekten, maar daarin scoren ook de Oostkantons hoog, zonder dat er een verklaring is (zie kaart 2).

Er worden veel brugpensioenen uitbetaald in de gemeenten van Zuid-West-Vlaanderen, Henegouwen, Limburg en de omgeving van Turnhout.

Voltijdse loopbaanonderbreking komt het meeste voor in de industriële as Roeselare-Kortrijk, in de Kempen tussen Heist-op-den-Berg en Lommel en in Luik (zie kaart 3). Halftijdse loopbaanonderbreking komt vooral voor in de ‘rijke ruit'.

Populaire posts van deze blog

Kosten vergrijzing wegen almaar zwaarder door: toekomstige regering wacht lastige taak om oplossing te vinden

Waar uitkeringen, gezondheidszorg of pensioenen vandaag ruim een vierde van onze gezamenlijk geproduceerde welvaart opeisen, zal dat tegen 2070 al een derde zijn. En dat is voor het overgrote deel te wijten aan de vergrijzing van onze bevolking. Dat blijkt uit het nieuwe jaarrapport van de Studiecommissie voor de Vergrijzing. En zo weten de regeringsonderhandelaars nog eens duidelijk wat hen te doen staat. Vervolg VRT Rapport Studiecommissie voor de Vergrijzing

Is het waar dat de jonge leraars 400 à 600 euro per maand minder pensioen zullen krijgen? - DeWereldMorgen.be

Steeds verder gaat de federale regering in de afbraak van het wettelijk pensioen, zowel voor de werknemers uit de privé als voor de ambtenaren. De uitstapleeftijd neemt toe en het pensioenbedrag neemt af. Ook de sector onderwijs deelt in de klappen. “Weinig sectoren zijn zo zwaar getroffen door de pensioenhervormingen als het onderwijs. Leerkrachten die aan het begin van hun loopbaan staan, zullen vijf tot acht jaar langer moeten werken en als alle geplande maatregelen uitgevoerd worden, zullen ze maar liefst 400 à 600 euro netto per maand minder pensioen krijgen”. Dat schrijven 25 delegees van zes Vlaamse en Franstalige onderwijsvakbonden in een Opinie/Carte Blanche die o.a. verscheen in “Le Vif” (4 december 2017) en op “De Wereld Morgen” (14 december). Zo begint ook een Petitie tegen de afbraak van het onderwijspensioen. Stemmen de hallucinante cijfers die in de Opinie en in de Petitie vermeld worden, met de werkelijkheid overeen? Is het waar dat de jonge leraars 400 à 600 eu...