Het beleggingsrendement bij de instellingen voor bedrijfspensioenvoorziening (IBP), de vroegere pensioenfondsen, bedroeg tijdens 2009 15,7 procent. Dat heeft de Belgische Vereniging van Pensioeninstellingen (BVPI) vrijdagnamiddag via een persbericht bekendgemaakt. De vereniging gaat er bovendien prat op dat de fondsen in tijden van crisis "stabiele en betrouwbare langetermijnbeleggers" zijn.
In reële termen haalde het beleggingsrendement 15,4 procent. "Het tegenvallende jaar 2008 (-17,7 procent) werd hiermee in grote mate goedgemaakt", luidt het. Op lange termijn bedraagt het gemiddelde jaarlijkse rendement van de bedrijfspensioenfondsen (tweede pensioenspijler) over de voorbije 15 en 25 jaar respectievelijk 6,11 en 6,81 procent (in reële termen, gecorrigeerd voor inflatie 4,15 en 4,60 procent). In 2009 investeerden de IBP's 49 procent van hun activa in obligaties, 34 procent in aandelen, 7 procent in vastgoed, 6 procent in liquiditeiten en 4 procent in andere beleggingen zoals hedge funds. Bij de meeste fondsen is volgens de BVPI het aandeel aan liquiditeiten in de totale activa afgenomen. Volgens de BVPI hebben de Belgische pensioenfondsen niet belegd in toxische activa, maar kregen ze wel af te rekenen met de crisis op de financiële markten in 2008 en begin 2009. Van liquiditeitsproblemen en financiële tussenkomst van de overheid is er geen sprake, luidt het. De kortetermijndekkingsgraad van de Belgische pensioenfondsen bedraagt ten slotte 130 procent. Aan het onderzoek van de BVPI namen 85 IBP's deel.