dinsdag 16 februari 2010

Frank Vandenbroucke (sp.a) heropent debat over toekomst van pensioenen - 'Werknemers moeten looneisen inruilen voor aanvullend pensioen'


Een interprofessioneel pensioenakkoord. Dat is de uitweg die Frank Vandenbroucke (sp.a) voorstelt om de betaalbaarheid van de vergrijzingskosten te verzekeren. 'Werknemers moeten voor bepaalde tijd hun loonsverhogingen inruilen voor een versterking van hun aanvullend pensioen. Neen, het is geen vrolijke uitweg, maar het is tenminste wel een uitweg.'

We zullen het niet hebben over wat zes maanden geleden gebeurd is. Dat is de opschortende voorwaarde die Frank Vandenbroucke verbindt aan zijn eerste kranteninterview sinds hij in juli vorig jaar te horen kreeg dat hij als boegbeeld van de verkiezingscampagne niet in de Vlaamse regering mocht. De naam van sp.a-voorzitster Caroline Gennez zal niet vallen in het gesprek en Vandenbroucke ontwijkt kordaat elke poging om een inkijk te krijgen in zijn gekwetste ziel. "Als politicus ben ik meer geïnteresseerd in de toekomst dan in het verleden. Als mens ook", klinkt het stoer.

En toch. Bij elke vraag die wat dichter bij de persoon en wat verder van de theorie komt, wordt de glimlach nerveuzer, het antwoord korter. Tussen de regels van zijn betoog proef je het politieke isolement. Dat hij deze paper 'alleen' heeft opgesteld, zegt hij. En dat het nu aan 'een groep' is om dit te concretiseren. Een groep? Je zou zeggen: een partij. "Ik weet niet wat mijn politieke toekomst nog brengt", bekent hij. "Maar het is niet mijn ambitie om een eenzame roeper in de woestijn te worden."

De theorie dan maar. Frank Vandenbroucke publiceerde zijn ambitieuze essay over de toekomst van onze welvaartsstaat op de website van het Centrum voor Sociaal Beleid uitgerekend op de dag dat federaal minister voor Pensioenen Michel Daerden (PS) zijn groenboek afleverde over de staat van ons pensioenstelsel. "Verwacht van mij geen rondje Daerdenbashing", reageert Vandenbroucke. "Zijn persoonlijkheid is ander dan de mijne, maar voorts vind ik dat volstrekt oninteressant. Daerden heeft tenminste een positie ingenomen door te zeggen dat we met zijn allen eigenlijk drie jaar langer aan de slag zouden moeten blijven. Dat is een standpunt dat tenminste de verdienste van de duidelijkheid heeft."

Toch overheerst de indruk dat het groenboek de neerslag is van een impasse in het beleid.

Vandenbroucke: "Dat is niet de schuld van Daerden. Het probleem met dat groenboek is dat het vertrekt van een misverstand, waarop ons politieke handelen nu al vijftien jaar gebaseerd is. Het is een illusie dat het volstaat om onze begrotingen in orde te brengen om voldoende reserves op te bouwen. Als we tegen 2015 de begroting met 5,9 procent van het bnp verbeteren en we rijden tegen 2030 het laatste gat van 1,5 procent dicht door collectief drie jaar langer te werken, is er geen probleem.

"Sorry, er is wel een probleem: alsof we ons zullen kunnen permitteren om vanaf nu tot 2050 alle budgettaire ruimte te reserveren voor pensioenen en gezondheidszorg. Welke toekomst geef je aan de samenleving als je zegt dat de overheid de komende veertig jaar alleen kan investeren in het onder controle houden van de kosten van de vergrijzing?"

Het is een vraag die de federale regering vandaag niet stelt. Omdat ze niet durft of omdat ze niet kan?

"Sinds mijn publicatie krijg ik nogal wat reacties van collega's die verrast zijn over de cijfers. Velen denken iets te gemakkelijk: 'Ach, we hebben dat in de jaren negentig al eens gedaan.' Wel, dat klopt dus niet.

"Een van de onderliggende potentiële drama's is dat we terwijl we - terecht - volledig behept zijn met de vergrijzing een nieuw demografisch vraagstuk zich al aandient: de nieuwe babyboom, die zich met name in de grote steden en niet noodzakelijk in de sterkste sociale klassen ontwikkelt. Nu al dreigt er een onderinvestering voor het onderwijs en de kinderopvang. En wat doe je dan met klimaat- en energiepolitiek, wat met innovatie en wetenschap? Het Vlaamse regeerakkoord is de negatie van de stellingname dat daar dus allemaal geen geld voor zal zijn - en gelukkig maar."

Uw conclusie is dat de staat wel hervormd zal moeten worden.

"Als we de logica van de Hoge Raad voor Financiën volgen en de besparinginspanning verdelen over federale overheid en andere overheden dan betekent dat dat de Vlaamse regering haar volledige budgettaire ruimte voor deze regeerperiode ziet wegsmelten. Ingrid Lieten heeft gelijk dat ze zich daar nu tegen verzet, maar vroeg of laat zal er echt gekozen moeten worden.

"De enige mogelijkheid is dan dat de Vlaamse regering een paar facturen van de federale overneemt, samen met de bevoegdheden. Stedenbeleid, doelgroepenbeleid op de arbeidsmarkt, energiebeleid... mogelijkheden genoeg. Maar dan zal een deel van de 1,4 miljard ruimte die de Vlaamse regering voor zichzelf hoopt te creëren in deze legislatuur meteen opgesoupeerd zijn."

Logische vraag: wat te doen?

"Het komt erop neer paard en kar op de juiste plaats te zetten. We beschouwden de begroting als het trekpaard, en zijn er vanuit gegaan dat het paard de kar wel zou trekken. We moeten ons nu eerst afvragen hoe zwaar het pensioenstelsel op die kar mag wegen, want er liggen straks nog andere maatschappelijke uitdagingen op. Dus moeten we het hebben over het hervormen van het pensioenstelsel zelf. Het menu is niet eindeloos. Ofwel wordt het langer werken - en dit keer echt - ofwel moet er extra bijgedragen worden, ofwel combineer je beide."

Uw partij zet in op de veralgemening van de tweede pensioenpijler.



"Ik volg die gedachte, met dien verstande dat je er aan toevoegt dat dat geld niet uit de lucht komt vallen. Vandaag is de situatie zo dat een derde van de werknemers - de kaders en betere bedienden zeg maar - via de tweede pijler uiteindelijk op een vervangingsinkomen zullen mogen rekenen dat zelfs hoger uitkomt dan de norm van 75 procent van hun inkomen. Nog een derde - vooral arbeider - is pas begonnen aan een sectorale tweede pijler, en de bijdragen zijn daar nu nog te klein om voldoende inkomenszekerheid te bieden. En dan is er nog een derde groep - vooral in overheidsdienst en de non-profit - die nog niets heeft. Om dat recht te trekken, dan kost dat wel enorm veel geld aan de werkgevers.

"Ik pleit voor een IPPA, een interprofessioneel pensioenakkoord: je moet naar een globaal akkoord tussen de sociale partners gaan, waarbij de werkgevers bereid zijn inspanningen te doen voor de financiering van aanvullende pensioenen, en de werknemers gedurende een aantal jaren loonsverhogingen daarvoor inruilen. De kloof die overbrugd moet worden, is enorm. Stel dat je voor later 10 procent van je huidig inkomen wilt behouden via een aanvullend pensioen - wat op zich al erg netjes is. Als je weet dat voor vele mensen het wettelijk pensioen maar 55 procent van het inkomen dekt, dan kom je zelfs met die 10 procent extra nog maar aan tweederde van je huidige levensstandaard."

Het wettelijke pensioen slaagt er nu al ternauwernood in om ouderen uit de structurele armoede te houden.

"Dat is het tweede misverstand, namelijk dat we er iets te gemakkelijk van uitgaan dat mensen wel tevreden zullen zijn met het huidige niveau van de pensioenen. Mijn buikgevoel zegt me dat heel wat oudere mensen misschien niet onder die lineaire armoedegrens zitten, maar er ergens in de buurt zweven. Dat maakt hen in de computermodellen onzichtbaar, maar ik durf niet zeggen dat zij van een rustige oude dag kunnen genieten. En ook in de betere inkomensklassen vragen mensen zich af of ze met hun pensioen hun levensstandaard kunnen beschermen. Dat is niet zo, en als we niet ingrijpen zullen mensen die dat kunnen zich individueel wenden naar de privéverzekeraars. Dat is niet mijn toekomstbeeld."

Begrijpt u dat vooral bij de jongere generaties revolterende gedachten ontspringen over het gebrek aan antwoord vanwege de overheid op dat zo voorspelbare probleem van de vergrijzing?

"We moeten daar een serieus mea culpa slaan. Met het pensioendebat is de politieke wereld aan zijn tweede zittijd bezig. Ons eerste antwoord op de vergrijzing heeft gefaald en het is tijd dat we dat ook toegeven. Laten we stoppen met de illusie te verkopen dat een begroting enkel dient om de vergrijzing voor te bereiden. De financiële crisis heeft ons geleerd dat begrotingen ook een instrument zijn van macro-economische stabilisatie. Bon, dat hadden we kunnen weten als we onze handboeken economie nog eens bekeken hadden, maar we hebben ons allemaal laten verblinden door de zegeningen van de markt."

Een typische kritiek op uw pleidooi is dat u de mensen schrik aanjaagt.

"Het is de onzekerheid over de toekomst die voor angst zorgt. Ik probeer net een perspectief aan te reiken. We hebben ons al eens vergist en we kunnen ons dat geen tweede keer permitteren. Over pensioenen moet de overheid een zekerheid kunnen bieden die zo robuust is als gewapend beton. Ik vrees dat we nog niet zo ver zijn. Dit wordt voor alle democratische politici het kernvraagstuk. Als we nu weer met een halfslachtig antwoord komen waarvan de verf na een paar jaar afbladdert, dreigen we het vertrouwen van de mensen definitief te verliezen. Dit gaat ook over het voortbestaan van de politiek zoals we die nu kennen."

Is ook de PS daarvan overtuigd?

"De misrekening van de budgettaire strategie is niet door de PS alleen gemaakt. Dat is een collectieve verantwoordelijkheid. Of de PS uiteindelijk zal meestappen in een hervorming van de pensioenen, weet ik niet, maar ik ben daar niet per se pessimistisch over. Die partij moest een regio verdedigen waar te veel mensen van uitkeringen leefden en dus verdedigden zij ook die uitkeringen zelf. Vandaag staan er ook bij de PS mensen op met een ander perspectief. Ik hou goede herinneringen over aan mijn samenwerking met mensen als Jean-Claude Marcourt."

Zonder het woord te gebruiken velt u hier een vernietigend oordeel over het Zilverfonds.



"Het Zilverfonds was een nuttig instrument zolang er overschotten geboekt werden. Het heeft zijn symbolische waarde als illustratie dat de overheid bezig is met de vergrijzing, maar als je er geen geld kan instoppen blijft er alleen een lege doos over. Nu is het nutteloos geworden, want de overschotten zijn weg en ze zullen nog een tijdje wegblijven.

"De budgettaire strategie is niet uitgevonden met het Zilverfonds: al in 1995 werd de theorie ontwikkeld dat de vergrijzing betaalbaar zou blijven als we de overheidsfinanciën op orde kregen. Als we onze schuld zouden terugbrengen tot 60 procent, zouden we niet alleen een ticket voor de eurozone verdienen maar ook de pensioenen kunnen garanderen. Dat heeft ons allemaal verdoofd: Maastricht was ons ticket voor het behoud van onze sociale zekerheid. De partij, de vakbond, allemaal waren we mee met dat verhaal. We hebben daarbij één cruciale denkfout gemaakt: dat we op de markt konden vertrouwen om onze economie rustig te laten groeien."

Uw betoog kan verkeerd begrepen worden: de budgettaire strategie heeft gefaald, dus hoeven we niet meer te sparen.

"Dat zou werkelijk catastrofaal zijn. Hoe dan ook zal er bijzonder zwaar bespaard moeten worden, in een orde die we nog niet eerder hebben meegemaakt. De mogelijkheden zijn ook beperkt. Bij de besparingen in het verleden werden toelagen aan de nationale sectoren stilgelegd, investeringen stopgezet of de munt gedevalueerd. Er zijn vandaag geen nationale sectoren en geen munt meer: de gereedschapskist is bijna leeg. Eigenlijk leggen we onszelf nu op om de 100 meter te lopen in 7,5 seconde. Mijn punt is dat dat zelfs niet zal volstaan."

U voorspelt een saneringsoperatie met de omvang van twee keer het Globaal Plan van de regering-Dehaene. Welke politicus durft daarmee op de markt te gaan staan?

"Om het met een oude slogan te zeggen: de sterkste schouders zullen de zwaarste lasten moeten dragen. Je vindt nooit een maatschappelijk draagvlak voor die operatie als de toplaag van de samenleving de dans ontspringt. Anders vrees ik een zeer woelige tijd. We hebben te laat ingezien dat bij de toplonen excessen gegroeid zijn die het maatschappelijk draagvlak onder het beleid hebben weggetrokken. Ik zie in het conflict bij AB Inbev een voorafspiegeling van wat er dan te gebeuren staat. Mensen pikken het niet langer dat zij telkens weer de immense last dragen, terwijl een select kransje de dans ontspringt."

Het huidige belastingstelsel faalt in zijn doel om de rijkdom te herverdelen?

"Een aantal nieuwe aspecten van onze sociale politiek kost weliswaar veel geld, maar heeft er niet toe bijgedragen om de armoedekloof te dichten. We komen er dus niet alleen met extra maatregelen, voor de herverdeling moet ook meer naar het fiscale beleid gekeken worden."

Daarom wilt u een aantal fiscale stimuli, met name voor kinderopvang of dienstencheques afzwakken.

"Sowieso gaan we naar een zeer zware besparingsronde. We zullen dat allemaal moeten voelen in onze portemonnee. Ik koester het systeem van de dienstencheques: ik heb er destijds hard voor gevochten in de regering en het blijkt ook erg succesvol in de versteviging van de positie van lager geschoolde vrouwen op de arbeidsmarkt. Tegelijk zijn ze vandaag ook bijzonder duur voor de overheid, die eigenlijk het huishoudelijk werk van tweeverdieners subsidieert. Als je dat systeem wilt volhouden, en ook daar nadenkt over aanvullend pensioen, dan zal de gebruiker toch iets extra moeten betalen.

"Als je de Vlaamse bijdrage voor kinderopvang combineert met de federale fiscale aftrek, dan blijkt dat de hoogste inkomens zich daarmee het meeste profijt doen. Ik gun dat die mensen, maar mocht de Vlaamse regering in geldnood komen bij haar streven om van kinderopvang een recht te maken voor ieder gezin dan valt daar nog wel iets te doen. En zo zijn er talloze voorbeelden van moderne mattheuseffecten te vinden: het zijn altijd de rijkeren die meest profiteren van de stimuli. Daarom ben ik voorstander van een armoedetoets. Bij elke nieuwe sociale maatregel moeten we ons afvragen hoe efficiënt die is in de bestrijding van de armoede."

Dat geldt zeker voor de stevige belastinghervorming onder paars. We hadden daar eigenlijk geen geld voor, moet de conclusie nu zijn.

"Die belastinghervorming was rechtvaardig voor de lagere klassen. Maar ik denk dat er over de fiscaliteit opnieuw gepraat moet worden. Eerst over de efficiëntie van de inning, maar uiteindelijk ook over andere belastingvormen. Maar dat kan ik moeilijk in mijn eentje berekenen en uitzoeken."



U zegt het. Dit is het pleidooi van een politicus 'in zijn eentje'.

"Op deze manier probeer ik nog wat bij te dragen aan het maatschappelijk debat. Wat dat nu voor mij persoonlijk betekent, durf ik niet te voorspellen. Het is niet mijn ambitie om een eenzame roeper in de woestijn te worden."

Uw partij beantwoordde uw essay met een collectief stilzwijgen.

"Ik ben natuurlijk wel benieuwd, maar ik begrijp dat niet iedereen zo maar meteen reageert. Dit is ook niet te nemen of te laten. Ik publiceer dit soort teksten met de bedoeling kritiek te krijgen. In Vlaanderen zijn we soms wat beleefd voor elkaar. Heeft de vakbond punten van kritiek, of zijn er politici het oneens met mij? Fijn zo, laat het horen. Zo kan het debat weer vooruit."

Los van de partijtop viel bij nogal wat sp.a'ers een 'oef' te horen. Oef, u bent er nog.

"Dat is prettig om horen. Ik ben van plan om nog van mij te laten horen. Ik heb op mijn tong gebeten de voorbije zes maanden.. Het was ook niet dat ik met mijn vingers heb zitten draaien. Ik ben ook weer aan het lesgeven."

Maar nu bent u weer 'terug' als fulltime politicus?

"Het is niet mijn bedoeling om elke week in Terzake te gaan zitten, als u dat bedoelt. Ik ben niet uit op een constante media-aandacht. Ik loop nu in de kijker, maar straks wil ik weer uit beeld verdwijnen."

Wat u ook zegt, het leidt tot controverse binnen de sp.a. Omdat u het bent die het zegt.

"Ik geef geen commentaar op partijgenoten. Die vaststellingen laat ik aan u over."

Het Zilverfonds was nuttig zolang er overschotten geboekt werden. Maar als je er geen geld kan instoppen blijft er een lege doos over. Nu is het nutteloos geworden

Ons eerste antwoord op de vergrijzing heeft gefaald en het is tijd dat we dat ook toegeven

Je vindt nooit een maatschappelijk draagvlak voor een saneringsoperatie als de toplaag van de samenleving de dans ontspringt

n Frank Vandenbroucke: 'Ik koester het systeem van de dienstencheques, maar de gebruiker zal er toch iets extra voor moeten betalen, willen we dat systeem betaalbaar houden.
Jobaanbiedingen mogelijk dankzij :
Jobaanbiedingen mogelijk dankzij :
Jobaanbiedingen mogelijk dankzij :