‘Als je alles mee in rekening neemt, zijn de pensioenen in de privé vaak groter dan bij de overheid', aldus de ACOD.
De socialistische vakbond ACOD reageerde woensdag kritisch op de uitspraken van Luc Coene, vicegouverneur van de Nationale Bank. Coene had in een gesprek met De Standaard opgemerkt dat de kloof tussen de hoogste overheidspensioenen en de gewone pensioenen onhoudbaar is. ‘De kloof moet worden aangepakt. Maatschappelijk en politiek kan je dat verschil niet blijven aanvaarden.'
‘Als je alle elementen vergelijkt, is de kloof niet zo groot, integendeel, dan zijn de pensioenen in de privé vaak groter dan bij de overheid', zegt ACOD-secretaris Chris Reniers. ‘De vergelijking mag niet gebeuren op basis van het wettelijke pensioen alleen. De ambtenaren hebben inderdaad vaak een hoger wettelijk pensioen, maar hebben ook vaak een lager loon en genieten niet van extralegale voordelen zoals een wagen of een aanvullend pensioen dat betaald wordt door de werkgever. Als je die dingen samentelt, is er niet zoveel verschil en liggen de pensioenen in de privé vaak hoger dan bij de overheid', legt Reniers uit.
Volgens de vakbondsvrouw is het probleem ook niet dat het wettelijke pensioen van de ambtenaren te hoog is, maar dat de wettelijke pensioenen in de privé te laag zijn. ‘Als er sprake moet zijn van een nivellering, dan moet het gaan om een nivellering naar boven toe', luidt het nog.
Ook het voorstel van Coene om mensen tot na hun 65ste te laten werken, vindt geen genade bij de socialistische vakbond. ‘Onzinnig', zegt Reniers. Zij verwijst onder meer naar de jeugdwerkloosheid en naar het feit dat men best vooral inspanningen doet om mensen na hun 55ste aan de slag te houden.
Gisteren raakte ook bekend dat de regering-Van Rompuy overweegt om het pensioensparen jaarlijks te gaan belasten. Bedoeling is niet om meer belastinginkomsten uit het pensioensparen te halen, maar die inkomsten sneller binnen te krijgen, meldde De Tijd.
Nu heft de staat pas aan het einde van de rit, als het gespaarde geld wordt uitgekeerd, een belasting, de zogeheten bevrijdende voorheffing. Door over te stappen naar een jaarlijkse heffing kan de regering de eerste jaren rekenen op extra inkomsten, die al gauw kunnen oplopen tot honderden miljoenen euro's per jaar.
Ook de plannen om de financiële sector te doen bijdragen, worden concreter. In regeringskringen is te horen dat wordt overwogen het Beschermfonds voor Deposito's en Financiële Instrumenten, goed voor zo'n 800 miljoen euro, aan te slaan. Dat fonds is gespekt door de banken om spaarders te vergoeden als een bank over de kop gaat.