Doorgaan naar hoofdcontent

Bea Cantillon: "We moeten met de kam door het pensioenstelsel gaan"

15 procent van de Belgen leeft rond of onder de armoedegrens, een cijfer dat de voorbije jaren amper gewijzigd is. Meer nog: daar waar het aantal arme gepensioneerden in de meeste Europese landen is gedaald, nam het de voorbije jaren in België toe. Onze pensioenen behoren tot de laagste van Europa maar de komende jaren blijven de pensioenuitgaven wel stijgen. Volgens UA-professor Cantillon een reden om ons stelsel grondig onder de loep te nemen. Waar loopt het volgens u mank met ons Belgisch pensioenstelsel? Bea Cantillon (UA):Bij de pensioenen van werknemers en zelfstandigen merken we dat er een dubbel probleem bestaat. Enerzijds is de minimumbescherming aan de onderkant van het stelsel ontoereikend omdat de pensioenuitkeringen een tijdlang niet welvaartvast zijn gemaakt. De afstand tussen diegene die enkel op een minimumpensioen moeten terugvallen en wie een inkomen uit arbeid heeft is op die manier onaanvaardbaar groot geworden. Het ander deel van het probleem is dat het pensioenplafond te laag is geworden omdat men dat gedurende vele jaren heeft bevroren. De pensioenuitkeringen zijn geplafonneerd en dus bevind je je op een bepaald moment aan de limiet, wat je ook verdient. Daardoor is er dus niet alleen een probleem aan de onderkant maar ook bij de middeninkomens. Die inkomens kunnen niet langer hun levensstandaard aanhouden na hun pensioenleeftijd tenzij ze bijkomend gespaard hebben of een aanvullend pensioen hebben opgebouwd. Komt de legitimiteit van het systeem daardoor niet onder druk? Bea Cantillon (UA): Ik ben er mij goed van bewust dat de recente maatregelen de legitimiteit ondergraven. Hoe meer ik onze situatie vergelijk met die in andere landen, hoe meer ik mij zorgen maakt over de toekomst van het stelsel. We moeten het systeem in zijn geheel onder de loep nemen en nagaan waar er disfuncties zijn. Daarvoor is meer nodig dan hier en daar een paar procentjes bijtellen. Je moet eigenlijk met een kam door het pensioensysteem gaan. Zolang de sociaal-economische parameters zijn wat ze zijn zullen we niet verder raken dan wat verbeteringen aan de marge. Substantieel zal niet veel worden gewijzigd aan het basisprobleem. Wat zijn die negatieve parameters? Een veel te lage werkzaamheidsgraad bij ouderen met als gevolg teveel uitkeringstrekkers in pensioenen en werkloosheid. We moeten nu alles inzetten op de verhoging van de feitelijke pensioenleeftijd. Welke andere pistes kan men volgens u bewandelen? Bea Cantillon (UA): Er zijn er verschillende. Neem de gelijkgestelde periodes. Ik zal de laatste zijn om te zeggen dat je de gelijkgestelde periodes allemaal moet laten vallen, want in veel gevallen word je ertoe gedwongen zoals bij werkloosheid, ziekte of ouderschapsverlof. Maar we zouden toch eens moeten kijken wat eventueel efficiënter kan gemaakt worden. Anderzijds zal er ook iets gedaan moeten worden aan het huidige stelsel van het overlevingspensioen. Overal in Europa is het systeem hervormd behalve bij ons. Is het nog van deze tijd dat een vrouw van 45 jaar voor de rest van haar leven van een riant overlevingspensioen kan genieten die niet combineerbaar is met een voltijdse baan ? Het systeem dateert uit de tijd dat tweeverdieners grote uitzonderingen waren. Is het extra promoten van de tweede pensioenpijler een optie? Bea Cantillon (UA): Meer dan de helft van de werknemers spaart voor een aanvullend pensioen in de tweede pijler maar de bijdragen zijn zeer laag. De gemiddelde uitkeringen uit groepsverzekeringen en aanvullende bedrijfspensioenen zijn hoogstens een klein appeltje voor de dorst. De vergangingsratio of de verhouding tussen het laatste loon en het pensioen stijgt amper, van 63 naar 66 procent.

Populaire posts van deze blog

Kosten vergrijzing wegen almaar zwaarder door: toekomstige regering wacht lastige taak om oplossing te vinden

Waar uitkeringen, gezondheidszorg of pensioenen vandaag ruim een vierde van onze gezamenlijk geproduceerde welvaart opeisen, zal dat tegen 2070 al een derde zijn. En dat is voor het overgrote deel te wijten aan de vergrijzing van onze bevolking. Dat blijkt uit het nieuwe jaarrapport van de Studiecommissie voor de Vergrijzing. En zo weten de regeringsonderhandelaars nog eens duidelijk wat hen te doen staat. Vervolg VRT Rapport Studiecommissie voor de Vergrijzing

Is het waar dat de jonge leraars 400 à 600 euro per maand minder pensioen zullen krijgen? - DeWereldMorgen.be

Steeds verder gaat de federale regering in de afbraak van het wettelijk pensioen, zowel voor de werknemers uit de privé als voor de ambtenaren. De uitstapleeftijd neemt toe en het pensioenbedrag neemt af. Ook de sector onderwijs deelt in de klappen. “Weinig sectoren zijn zo zwaar getroffen door de pensioenhervormingen als het onderwijs. Leerkrachten die aan het begin van hun loopbaan staan, zullen vijf tot acht jaar langer moeten werken en als alle geplande maatregelen uitgevoerd worden, zullen ze maar liefst 400 à 600 euro netto per maand minder pensioen krijgen”. Dat schrijven 25 delegees van zes Vlaamse en Franstalige onderwijsvakbonden in een Opinie/Carte Blanche die o.a. verscheen in “Le Vif” (4 december 2017) en op “De Wereld Morgen” (14 december). Zo begint ook een Petitie tegen de afbraak van het onderwijspensioen. Stemmen de hallucinante cijfers die in de Opinie en in de Petitie vermeld worden, met de werkelijkheid overeen? Is het waar dat de jonge leraars 400 à 600 eu...