Doorgaan naar hoofdcontent

Pensioenfondsen behalen een positief rendement van +4,58% over eerste helft 2012.

De Belgische Vereniging van Pensioeninstellingen (BVPI) heeft bij een representatief staal van de Belgische 2de pijler pensioenfondsen (Instellingen voor Bedrijfspensioenvoorziening – afgekort IBP’s) een tussentijdse enquête gehouden inzake de financiële resultaten over het eerste semester 2012.

Ondanks de moeilijke omstandigheden op de financiële markten, met onder meer de crisis rond een aantal landen in de Eurozone, en de lage interestvoeten behaalden de Belgische 2e pijler pensioenfondsen (IBP’s) over de eerste zes maanden van 2012 een positief rendement van +4,58%.

“Pensioenfondsen blijven lange termijnbeleggers die  een stabiliserende rol opnemen in de financiële  markten”

Philip Neyt, voorzitter BVPI: “Pensioeninstellingen zijn uitvoerders van afspraken tussen werkgevers en werknemers. Pensioenfondsen uit de 2de pijler zijn dan ook geen speculanten, het zijn sociale instellingen
met als enige doel om de toekomstige pensioenen van hun aangeslotenen (werknemers en gepensioneerden) zo goed mogelijk te waarborgen. Pensioenen zijn immers meer dan ooit een langetermijnbelang. We gaan later met pensioen en leven langer en dus kan de pensioeninstelling op nog langere termijn beleggen.”

Op 30 juni 2012 zagen we de volgende gespreide activaverdeling:
 34% in aandelen,
 53% in obligaties,
 6% in vastgoed,
 3% in liquiditeiten,
 4% in andere beleggingen (grondstoffen, verzekeringsproducten, investeringen in
infrastructuur, private equity, energie ...).

Waar de pensioeninstellingen vroeger het grootste deel van de obligaties bij de overheden hadden staan, hebben ze nu steeds meer bedrijfsobligaties in hun portefeuille. "Dat is niet enkel om te spreiden, maar ook omdat die staatsobligaties niet langer zonder meer een 'veilige haven' zijn", aldus Neyt nog

Philip Neyt, voorzitter BVPI: “We zien dat de 2de pijler pensioenfondsen dankzij hun stabiele activaspreiding en hun lange termijn horizon, hun rol als lange termijn beleggers blijven opnemen en zij zoals
erkend door de ECB en de BIS een stabiliserende rol spelen in de financiële markten”.

Twitter mee over de pensioenhervormingen #bpension

In onze webshop (rechternavigatie) kan je talrijke publicaties gratis downloaden of aan interessante prijzen aanschaffen.

BVPI Presentatie 20120913 002 NL Persbericht

Populaire posts van deze blog

Kosten vergrijzing wegen almaar zwaarder door: toekomstige regering wacht lastige taak om oplossing te vinden

Waar uitkeringen, gezondheidszorg of pensioenen vandaag ruim een vierde van onze gezamenlijk geproduceerde welvaart opeisen, zal dat tegen 2070 al een derde zijn. En dat is voor het overgrote deel te wijten aan de vergrijzing van onze bevolking. Dat blijkt uit het nieuwe jaarrapport van de Studiecommissie voor de Vergrijzing. En zo weten de regeringsonderhandelaars nog eens duidelijk wat hen te doen staat. Vervolg VRT Rapport Studiecommissie voor de Vergrijzing

Is het waar dat de jonge leraars 400 à 600 euro per maand minder pensioen zullen krijgen? - DeWereldMorgen.be

Steeds verder gaat de federale regering in de afbraak van het wettelijk pensioen, zowel voor de werknemers uit de privé als voor de ambtenaren. De uitstapleeftijd neemt toe en het pensioenbedrag neemt af. Ook de sector onderwijs deelt in de klappen. “Weinig sectoren zijn zo zwaar getroffen door de pensioenhervormingen als het onderwijs. Leerkrachten die aan het begin van hun loopbaan staan, zullen vijf tot acht jaar langer moeten werken en als alle geplande maatregelen uitgevoerd worden, zullen ze maar liefst 400 à 600 euro netto per maand minder pensioen krijgen”. Dat schrijven 25 delegees van zes Vlaamse en Franstalige onderwijsvakbonden in een Opinie/Carte Blanche die o.a. verscheen in “Le Vif” (4 december 2017) en op “De Wereld Morgen” (14 december). Zo begint ook een Petitie tegen de afbraak van het onderwijspensioen. Stemmen de hallucinante cijfers die in de Opinie en in de Petitie vermeld worden, met de werkelijkheid overeen? Is het waar dat de jonge leraars 400 à 600 eu...