zondag 21 november 2010

‘Pensioenatlas' leert: vooral alleenstaanden komen met moeite rond - Armoede dreigt voor één gepensioneerde op vijf

Belgische gepensioneerden zijn er slechter aan toe dan die in andere landen. Achttien procent heeft zo'n laag pensioen dat ze in armoede leven als ze geen andere middelen hebben. Dat blijkt uit de ‘Pensioenatlas' die gisteren uitkwam.

'Het is de eerste keer dat we echt hebben kunnen nagaan wat de pensioentoestand op gezinsniveau is', zegt professor sociologie Jos Berghman (KU Leuven). Een vrouw die slechts een paar jaar gewerkt heeft, en daardoor een piepklein pensioentje ontvangt, leeft daarom niet in armoede dank zij het hogere gezinspensioen van haar man. We presenteren de belangrijkste conclusies van het rapport.

Achttien procent riskeert armoede

‘Sommige mensen hebben een geweldig klein pensioentje. Vooral alleenstaanden hebben het moeilijk: 27 procent komt met moeite rond', zegt Berghman. Werknemers en zelfstandigen krijgen zo weinig door de manier waarop hun pensioen berekend wordt: als alleenstaande krijgen zij 60 procent van het gemiddelde loon in hun loopbaan van 45 jaar. ‘Maar niemand heeft 45 jaar gewerkt', beklemtoont Berghman. ‘Bovendien worden de werknemerspensioenen berekend op basis van een afgetopt loon. Daardoor is het al heel zelden dat een werknemer aan een pensioen van 1.500 euro geraakt. Zijn loon is ook niet meegeëvolueerd met de welvaart.'

Man krijgt derde meer dan vrouw

Het gemiddelde pensioen van de 1.854.915 Belgische gepensioneerden bedroeg in 2007 1.220 euro. Mannen kregen 1.444 euro, vrouwen 1.037 euro. ‘Slechts een vijfde van de vrouwen leeft enkel van een rustpensioen gebaseerd op hun vroegere loon. Veel vrouwen hebben slechts enkele jaren gewerkt, en krijgen daardoor nauwelijks een pensioen. Toch leven ze daarom niet noodzakelijk in armoede: zij genieten mee van het verhoogde pensioen van hun man', verklaart Berghman. Bij de alleenstaanden is er uiteindelijk zelfs weinig verschil: mannen hebben gemiddeld 1.392 euro, vrouwen 1.362 euro. Koppels met een gezinspensioen hebben samen net geen 1.400 euro.

Oudste gepensioneerden hebben het minst

‘Tegenwoordig zijn er veel meer vrouwen die een volledige loopbaan hebben en dus een hoger pensioen', verklaart Berghman. ‘Bovendien zijn die oudere pensioenen veel minder gestegen dan de welvaart. Dat is toch zo bij de werknemers en de zelfstandigen. De ambtenaren genieten van de perequatie, waardoor hun pensioenen evolueren met de wedden.'

Aanvullend pensioen enkel voor de rijkeren

Eén gepensioneerde werknemer op de drie geniet van een zogenaamde tweede pijler, een aanvullend pensioen via de groepsverzekering van zijn werk. Opvallend is dat het vooral de bejaarden met het hoogste pensioen zijn die daar een beroep op kunnen doen. De oudste gepensioneerden genieten er het minste van, de jongste het meeste. De bedragen lopen niet altijd zo hoog op: bij velen begon de opbouw van deze tweede pijler pas laat in hun carrière.

Ambtenaar krijgt dubbele van werknemer

De gemiddelde ambtenaar krijgt 2.227 euro, terwijl de gemiddelde werknemer 1.030 euro ontvangt. ‘Vroeger zei men dat het lagere loon van de ambtenaar gecompenseerd werd door het hogere pensioen. Daarom wordt het pensioen van de ambtenaar anders berekend: op basis van het gemiddelde loon gedurende de laatste vijf jaar van zijn carrière, dus het moment waarop hij of zij het meeste verdient. In tegenstelling tot het werknemerspensioen stijgt dat van de ambtenaar ook mee met de welvaart via de zogenaamde perequatie: daardoor groeit het mee met de wedden.

Buurlanden doen het beter

Het armoederisico voor gepensioneerden ligt in België op 18 procent, dat is nipt boven het Europese gemiddelde. Maar in Luxemburg is dat slechts vijf procent, in Nederland acht procent. Ook het gemiddelde pensioen ligt in België lager dan in de meeste landen rondom ons. Eén voordeel heeft ons pensioenstelsel: extreme armoede wordt er wél door vermeden.

Jobaanbiedingen mogelijk dankzij :
Jobaanbiedingen mogelijk dankzij :
Jobaanbiedingen mogelijk dankzij :