Doorgaan naar hoofdcontent

Waar ligt het verschil tussen een verkoop op lijfrente en een opeethypotheek?


Een verkoop op lijfrente en een opeethypotheek hebben gelijkaardige trekken. Toch zijn er enkele wezenlijke verschillen tussen beide. We zetten een en ander op een rijtje.



Wanneer een eigenaar zijn woning verkoopt op lijfrentebasis, dan is dit definitief. De erfgenamen kunnen dan ook geen aanspraak meer maken op de woning. In het geval van een opeethypotheek behoudt de eigenaar een woonrecht als volwaardig eigenaar.

In het kader van een verkoop op lijfrente is het tijdstip van overlijden cruciaal. Als de eigenaar-bewoner snel overlijdt na de verkoop, dan draait de deal erg nadelig uit voor zijn erfgenamen.
Een opeethypotheek geeft de verkoper de keuze tussen een uitkering in kapitaal of in rente. Een verkoop op rente kan, zoals de naam het al zegt, alleen in de vorm van rente-uitkeringen, en dus niet in een eenmalig kapitaal.
Bij een opeethypotheek wordt een maandelijks bedrag uitgekeerd dat gebaseerd is op de volledige waarde van de woning. Bij een verkoop op lijfrente ligt de uitgekeerde rente lager als de eigenaar ook echt in het huis wil blijven wonen.
Als de lijfrente op twee personen gebaseerd is, dan kan de uitkering gehalveerd worden als één van beide overlijdt. Bij een opeethypotheek blijft dit bedrag normaliter gelijk.

Populaire posts van deze blog

Kosten vergrijzing wegen almaar zwaarder door: toekomstige regering wacht lastige taak om oplossing te vinden

Waar uitkeringen, gezondheidszorg of pensioenen vandaag ruim een vierde van onze gezamenlijk geproduceerde welvaart opeisen, zal dat tegen 2070 al een derde zijn. En dat is voor het overgrote deel te wijten aan de vergrijzing van onze bevolking. Dat blijkt uit het nieuwe jaarrapport van de Studiecommissie voor de Vergrijzing. En zo weten de regeringsonderhandelaars nog eens duidelijk wat hen te doen staat. Vervolg VRT Rapport Studiecommissie voor de Vergrijzing

Gemiddelde pensioenleeftijd blijft steken op 63 jaar

De werkelijke gemiddelde pensioenleeftijd van de Belgen blijft liggen op 63 jaar en bijna 4 maanden, ondanks de ambities van de overheid om de Belg langer te laten werken. Dat stelt het hr-dienstenbedrijf Acerta op basis van gegevens van 260.000 werknemers. 'De cijfers tonen aan dat de Belg met vervroegd pensioen blijft gaa n zodra het kan. Om de reële pensioenleeftijd op te trekken kunnen bedrijven nog meer inzetten op landingsbanen en werkbaar en wendbaar werk', klinkt het. Vervolg