Doorgaan naar hoofdcontent

Waar ligt het verschil tussen een verkoop op lijfrente en een opeethypotheek?


Een verkoop op lijfrente en een opeethypotheek hebben gelijkaardige trekken. Toch zijn er enkele wezenlijke verschillen tussen beide. We zetten een en ander op een rijtje.



Wanneer een eigenaar zijn woning verkoopt op lijfrentebasis, dan is dit definitief. De erfgenamen kunnen dan ook geen aanspraak meer maken op de woning. In het geval van een opeethypotheek behoudt de eigenaar een woonrecht als volwaardig eigenaar.

In het kader van een verkoop op lijfrente is het tijdstip van overlijden cruciaal. Als de eigenaar-bewoner snel overlijdt na de verkoop, dan draait de deal erg nadelig uit voor zijn erfgenamen.
Een opeethypotheek geeft de verkoper de keuze tussen een uitkering in kapitaal of in rente. Een verkoop op rente kan, zoals de naam het al zegt, alleen in de vorm van rente-uitkeringen, en dus niet in een eenmalig kapitaal.
Bij een opeethypotheek wordt een maandelijks bedrag uitgekeerd dat gebaseerd is op de volledige waarde van de woning. Bij een verkoop op lijfrente ligt de uitgekeerde rente lager als de eigenaar ook echt in het huis wil blijven wonen.
Als de lijfrente op twee personen gebaseerd is, dan kan de uitkering gehalveerd worden als één van beide overlijdt. Bij een opeethypotheek blijft dit bedrag normaliter gelijk.

Populaire posts van deze blog

Kosten vergrijzing wegen almaar zwaarder door: toekomstige regering wacht lastige taak om oplossing te vinden

Waar uitkeringen, gezondheidszorg of pensioenen vandaag ruim een vierde van onze gezamenlijk geproduceerde welvaart opeisen, zal dat tegen 2070 al een derde zijn. En dat is voor het overgrote deel te wijten aan de vergrijzing van onze bevolking. Dat blijkt uit het nieuwe jaarrapport van de Studiecommissie voor de Vergrijzing. En zo weten de regeringsonderhandelaars nog eens duidelijk wat hen te doen staat. Vervolg VRT Rapport Studiecommissie voor de Vergrijzing

Is het waar dat de jonge leraars 400 à 600 euro per maand minder pensioen zullen krijgen? - DeWereldMorgen.be

Steeds verder gaat de federale regering in de afbraak van het wettelijk pensioen, zowel voor de werknemers uit de privé als voor de ambtenaren. De uitstapleeftijd neemt toe en het pensioenbedrag neemt af. Ook de sector onderwijs deelt in de klappen. “Weinig sectoren zijn zo zwaar getroffen door de pensioenhervormingen als het onderwijs. Leerkrachten die aan het begin van hun loopbaan staan, zullen vijf tot acht jaar langer moeten werken en als alle geplande maatregelen uitgevoerd worden, zullen ze maar liefst 400 à 600 euro netto per maand minder pensioen krijgen”. Dat schrijven 25 delegees van zes Vlaamse en Franstalige onderwijsvakbonden in een Opinie/Carte Blanche die o.a. verscheen in “Le Vif” (4 december 2017) en op “De Wereld Morgen” (14 december). Zo begint ook een Petitie tegen de afbraak van het onderwijspensioen. Stemmen de hallucinante cijfers die in de Opinie en in de Petitie vermeld worden, met de werkelijkheid overeen? Is het waar dat de jonge leraars 400 à 600 eu...