Doorgaan naar hoofdcontent

De pensioenkloof : het is logisch dat de betere verdieners recht hebben op een hoger pensioen .

Frankrijk werd woensdag getroffen door een nationale staking. Het was de tweede actiedag in één maand tijd en het zal zeker niet de laatste zijn. De actievoerders protesteren tegen de plannen om de speciale pensioenregimes te hervormen. Dat is volgens president Sarkozy nodig om het systeem van de sociale zekerheid betaalbaar te houden.

Ook in ons land is het dringend tijd om het pensioendebat ten gronde te voeren. Uit cijfers die de FOD Economie deze week publiceerde blijkt dat het aantal 100-jarigen sinds 1990 bijna verdrievoudigd is tot circa 1.400. Dat is slechts een fractie van onze totale bevolking, maar het is wel het bewijs bij uitstek dat onze bevolking aan het vergrijzen is.

Deze week botsten we in een studie van Aon Consulting op nog een ander ontluisterend cijfer: slechts één op de drie 55- tot 64-jarigen werkt in ons land. Terwijl de uitbetalingen voor de wettelijke pensioenen tegen 2050 liefst 15,5 procent zullen bedragen van ons bbp.

Het is in ieders belang dat het pensioendebat op een serene manier gevoerd wordt, waarbij elke partij aan de verleiding moet weerstaan om populistische paden te betreden. Denk maar aan de verontwaardiging van enkele weken geleden naar aanleiding van een studie van de KULeuven waaruit bleek dat werknemers die al een hoog wettelijk pensioen genieten, vaak ook op een hoog aanvullend pensioen kunnen rekenen. Goed nieuws overigens voor die criticasters: steeds meer bedienden én arbeiders zijn via de werkgever aangesloten bij een groepsverzekering. Minder goed nieuws is dat zij tevreden moeten zijn met steeds minder. Hoe u meer uit uw groepsverzekering kunt halen, leest u op pagina 12.

Het is niet meer dan logisch dat de betere verdieners recht hebben op een hoger (aanvullend) pensioen. Zij dragen ook meer bij tot het systeem, aangezien die bijdragen progressief zijn. De pensioenuitkeringen daarentegen zijn geplafonneerd. Concreet: iedere werknemer die meer dan 44.000 euro verdient, ziet zijn bijdrage aan het totale systeem oplopen. Maar het deel van zijn loon dat die 44.000 euro overtreft, wordt niet meegenomen in de berekening van zijn eigen pensioen.

De - terechte - conclusie van steeds meer van die betere verdieners is dan ook dat het werknemersstatuut voor hun eigen pensioenopbouw niet het meest interessante systeem is.

Nog meer dan van het inkomen hangt het wettelijk pensioen in ons land af van het statuut: zelfstandige, werknemer of ambtenaar. Terwijl enkel het loon van de laatste 5 jaar (jaren met de meeste inkomsten) als basis dient voor het pensioen van een ambtenaar, wordt het pensioen van een werknemer en van een zelfstandige berekend op basis van de inkomsten tijdens zijn volledige loopbaan. De verschillen in het wettelijk pensioen lopen daardoor hoog op. Een man met een voltijdse loopbaan mag gemiddeld rekenen op 850 euro als zelfstandige, 1.177 euro als werknemer en 2.260 euro als ambtenaar. Van een pensioenkloof gesproken.

Populaire posts van deze blog

Kosten vergrijzing wegen almaar zwaarder door: toekomstige regering wacht lastige taak om oplossing te vinden

Waar uitkeringen, gezondheidszorg of pensioenen vandaag ruim een vierde van onze gezamenlijk geproduceerde welvaart opeisen, zal dat tegen 2070 al een derde zijn. En dat is voor het overgrote deel te wijten aan de vergrijzing van onze bevolking. Dat blijkt uit het nieuwe jaarrapport van de Studiecommissie voor de Vergrijzing. En zo weten de regeringsonderhandelaars nog eens duidelijk wat hen te doen staat. Vervolg VRT Rapport Studiecommissie voor de Vergrijzing

Is het waar dat de jonge leraars 400 à 600 euro per maand minder pensioen zullen krijgen? - DeWereldMorgen.be

Steeds verder gaat de federale regering in de afbraak van het wettelijk pensioen, zowel voor de werknemers uit de privé als voor de ambtenaren. De uitstapleeftijd neemt toe en het pensioenbedrag neemt af. Ook de sector onderwijs deelt in de klappen. “Weinig sectoren zijn zo zwaar getroffen door de pensioenhervormingen als het onderwijs. Leerkrachten die aan het begin van hun loopbaan staan, zullen vijf tot acht jaar langer moeten werken en als alle geplande maatregelen uitgevoerd worden, zullen ze maar liefst 400 à 600 euro netto per maand minder pensioen krijgen”. Dat schrijven 25 delegees van zes Vlaamse en Franstalige onderwijsvakbonden in een Opinie/Carte Blanche die o.a. verscheen in “Le Vif” (4 december 2017) en op “De Wereld Morgen” (14 december). Zo begint ook een Petitie tegen de afbraak van het onderwijspensioen. Stemmen de hallucinante cijfers die in de Opinie en in de Petitie vermeld worden, met de werkelijkheid overeen? Is het waar dat de jonge leraars 400 à 600 eu...